• Verblijfsrecht
  • Rechtbank Overijssel

Door MHW geduid als zeer belangrijk

Resultaten 1 - 2 van totaal 2 resultaten
  1. 128 reads Court of Overijssel Language Dutch Beroep gegrond. Verzoekster heeft gesteld dat terugkeer naar Nigeria een schending van artikel 3 EVRM oplevert, omdat er een aanzienlijk risico bestaat dat haar iets zal worden aangedaan door de mensenhandelaar ...

    Beroep gegrond. Verzoekster heeft gesteld dat terugkeer naar Nigeria een schending van artikel 3 EVRM oplevert, omdat er een aanzienlijk risico bestaat dat haar iets zal worden aangedaan door de mensenhandelaar die ook haar ouders heeft vermoord.De voorzieningenrechter is van oordeel dat verweerder zich op goede gronden op het standpunt heeft kunnen stellen dat verzoekster niet aannemelijk heeft gemaakt dat er voor haar elders in Nigeria geen vestigingsalternatief is. Zij heeft niet met concrete informatie aannemelijk gemaakt dat NAPTIP (National Agency for the Prohibition of Traffic In Persons and Other Related Matters) in haar specifieke geval niet voldoende opvang en bescherming zal kunnen bieden.Voorts heeft verzoekster aangevoerd dat haar dochtertje bij terugkeer naar Nigeria het risico loopt te worden besneden en verwijst daarbij naar het ambtsbericht van oktober 2012. De stelling van verweerder ter zitting dat NAPTIP in het algemeen is opgericht ter bescherming en dat er daarom vanuit mag worden gegaan dat NAPTIP ook in staat is bescherming te bieden tegen een dreigende besnijdenis is – zoals verweerder ter zitting desgevraagd ook heeft bevestigd – gebaseerd op een aanname. Concrete aanwijzingen voor deze stelling heeft verweerder niet aangeleverd.De voorzieningenrechter is van oordeel dat verweerder zich niet zonder nadere motivering op het standpunt heeft kunnen stellen dat er voor verzoekster – voor zover zij vreest voor besnijdenis van haar dochtertje – een vestigingsalternatief (elders) in Nigeria bestaat. Hieruit volgt dat het bestreden besluit is genomen in strijd met artikel 3.46 Awb.

    Jurisprudentie

    • Vreemdelingenrecht
    • Nigeria
    • Rechtbank Overijssel
    • Artikel 3 EVRM
    • Asielprocedure
    • Artikel 3 EVRM
    • Besnijdenis
    • Nederlands
  2. Language Dutch 69 reads Court of Overijssel Tussen partijen is niet in geschil dat van toepassing is het beleid zoals neergelegd in hoofdstuk B14/5.3 van de Vc 2000. Uit dit beleid volgt dat de asielzoeker die stelt slachtoffer van mensenhandel te zijn, m ...

    Tussen partijen is niet in geschil dat van toepassing is het beleid zoals neergelegd in hoofdstuk B14/5.3 van de Vc 2000. Uit dit beleid volgt dat de asielzoeker die stelt slachtoffer van mensenhandel te zijn, maar ter zake (nog) geen aangifte heeft gedaan, noch op andere wijze medewerking heeft verleend aan het strafrechtelijk opsporings- of vervolgingsonderzoek, niet in aanmerking komt voor ambtshalve verlening van een verblijfsvergunning onder de beperking verband houdend met de vervolging van mensenhandel. 2.12.2Eiser heeft verklaard geen aangifte te hebben gedaan. De rechtbank is van oordeel dat het ‘zich beschikbaar houden’ in de zin die eiser heeft aangegeven, niet kan worden aangemerkt als het op andere wijze medewerking verlenenaan het strafrechtelijke onderzoek als bedoeld in hoofdstuk B14/5.3 van de Vc 2000. Verweerder heeft eiser de bedoelde verblijfsvergunning dan ook kunnen onthouden.De rechtbank wijst er overigens op dat uit het beleid eveneens volgt dat ook na afloop van de asielprocedure aangifte kan worden gedaan en dat in dat geval verlening plaatsvindt op de wijze zoals beschreven in hoofdstuk B9 van de Vc 2000.

    Jurisprudentie

    • Vreemdelingenrecht
    • Rechtbank Overijssel
    • B8/3
    • Asielprocedure
    • Aangifte
    • Nederlands