Trefwoord

Organisatie

  • Rechtbank Limburg

Pagina's

Resultaten 1 - 10 van totaal 71 resultaten
  1. Taal Nederlands Rechtbank Limburg De verdachte was het volgende ten laste gelegd: meermalen medeplegen van mensenhandel bij vijf verschillende slachtoffers. De rechtbank Limburg achtte dit bij slechts één slachtoffer bewezen en heeft hiervo ...

    De verdachte was het volgende ten laste gelegd: meermalen medeplegen van mensenhandel bij vijf verschillende slachtoffers. De rechtbank Limburg achtte dit bij slechts één slachtoffer bewezen en heeft hiervoor een gevangenisstraf van 4 maanden opgelegd aan de verdachte, met aftrek van het voorarrest. 

    Jurisprudentie

    • Jurisprudentie
    • Rechtbank Limburg
    • Medeplegen
    • Mensenhandel
    • Nederlands
  2. Taal Nederlands Rechtbank Limburg De rechtbank Limburg heeft een man veroordeeld tot een gevangenisstraf van 6 maanden voor het medeplegen van mensenhandel. De verdachte heeft "tezamen en in vereniging met anderen, het slachtoffer, doo ...

    De rechtbank Limburg heeft een man veroordeeld tot een gevangenisstraf van 6 maanden voor het medeplegen van mensenhandel. De verdachte heeft "tezamen en in vereniging met anderen, het slachtoffer, door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en door misbruik van een kwetsbare positie heeft bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten" en "opzettelijk voordeel gebrokken uit de uitbuiting van het slachtoffer". Daarnaast heeft hij het slachtoffer verkocht voor 500 euro aan iemand anders.  

    Jurisprudentie

    • Jurisprudentie
    • Rechtbank Limburg
    • Eigen financieel gewin
    • Mensenhandel
    • Nederlands
  3. Taal Nederlands Rechtbank Limburg De rechtbank Limburg heeft een man veroordeeld voor de eendaadse samenloop van mensenhandel, meermalen gepleegd en mishandeling.  De man, zonder bekende feitelijke woon- of verblijfplaats, heeft een gevange ...

    De rechtbank Limburg heeft een man veroordeeld voor de eendaadse samenloop van mensenhandel, meermalen gepleegd en mishandeling.  De man, zonder bekende feitelijke woon- of verblijfplaats, heeft een gevangenisstraf van 6 maanden opgelegd gekregen, met aftrek van het voorarrest.   

    Jurisprudentie

    • Jurisprudentie
    • Rechtbank Limburg
    • Mensenhandel
    • Mishandeling
    • Nederlands
  4. Taal Nederlands Rechtbank Limburg De rechtbank Limburg heeft een verdachte zonder bekende woon- of verblijfplaats in Nederland veroordeeld voor het volgende: het meermalen schuldig gemaakt aan het medeplegen van mensenhandel, zware mishande ...

    De rechtbank Limburg heeft een verdachte zonder bekende woon- of verblijfplaats in Nederland veroordeeld voor het volgende: het meermalen schuldig gemaakt aan het medeplegen van mensenhandel, zware mishandeling van het slachtoffer en meermalen ontuchtige handelingen gepleegd met een minderjarige. Ondanks dat de verdachte minderjarig was, is vanwege de ernst van de feiten het volwassenenstrafrecht toegepast. De straf bedraagt een gevangenisstraf van 20 maanden, met aftrek van voorarrest.    

    Jurisprudentie

    • Jurisprudentie
    • Rechtbank Limburg
    • Ontuchtelijke handelingen
    • minderjarig slachtoffer
    • minderjarige verdachte
    • Ernstige mishandeling
    • Mensenhandel
    • Nederlands
  5. Taal Nederlands Rechtbank Limburg De rechtbank Limburg heeft een man vrijgesproken van mensenhandel van een jonge Hongaarse vrouw. De raadsman van de verdachte wilde dat het OM niet-ontvankelijk verklaard moest worden vanwege een schending ...

    De rechtbank Limburg heeft een man vrijgesproken van mensenhandel van een jonge Hongaarse vrouw. De raadsman van de verdachte wilde dat het OM niet-ontvankelijk verklaard moest worden vanwege een schending van het verbod op willekeur. Echter, de rechtbank heeft dit verzoek verworpen.   

    Jurisprudentie

    • Jurisprudentie
    • Rechtbank Limburg
    • Vrijspraak mensenhandel
    • Nederlands
  6. Taal Nederlands Rechtbank Limburg Door de rechtbank Limburg is een man veroordeeld tot een gevangenisstraf van 4 maanden, met aftrek van voorarrest, voor het medeplegen van mensenhandel van een Hongaarse vrouw.     ECLI:NL:RBLIM:2017:3335 I ...

    Door de rechtbank Limburg is een man veroordeeld tot een gevangenisstraf van 4 maanden, met aftrek van voorarrest, voor het medeplegen van mensenhandel van een Hongaarse vrouw.   

    Jurisprudentie

    • Jurisprudentie
    • Rechtbank Limburg
    • Gedwongen prostitutie
    • Eigen financieel gewin
    • Mensenhandel
    • Nederlands
  7. Taal Nederlands Rechtbank Limburg De rechtbank Limburg heeft op 26 april 2016 verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 1 dag en een taakstraf van 240 uren wegens seks met een minderjarige prostituee. De rechtbank oordeelt als volgt ...

    De rechtbank Limburg heeft op 26 april 2016 verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 1 dag en een taakstraf van 240 uren wegens seks met een minderjarige prostituee.De rechtbank oordeelt als volgt: "Voor jeugdprostitutie is een onvoorwaardelijke gevangenisstraf het uitgangspunt. De rechtbank vindt die in elk geval op haar plaats als de verdachte bewust ontucht wilde plegen met een minderjarige. De rechtbank houdt er echter rekening mee dat uit het strafdossier niet kan worden afgeleid dat verdachte bewust op zoek was naar een seksafspraak met een meisje dat jonger was dan 18 jaar. Hij reageerde op een advertentie op een website waar bij het profiel van het meisje de leeftijd van 18 jaar stond vermeld. Daarvan had verdachte zich echter moeten vergewissen, Dat heeft hij nagelaten en zo is hij in werkelijkheid terechtgekomen bij het minderjarige slachtoffer en daarvoor draagt hij verantwoordelijkheid. Zonder ook maar iets af te doen aan de ernst van het strafbare feit en de gevolgen voor het slachtoffer, is het verwijt dat verdachte kan worden gemaakt beperkter dan in het geval dat hij wel bewust op zoek was gegaan naar een minderjarige of wist dat zij minderjarig was. Daarnaast weegt de rechtbank mee dat verdachte een blanco strafblad heeft en dat de reclassering het recidiverisico inschat als laag.Gelet op deze omstandigheden acht de rechtbank anders dan de officier van justitie een onvoorwaardelijke gevangenisstraf een te zware strafmodaliteit. De rechtbank is in overeenstemming met uitspraken in vergelijkbare zaken van oordeel dat een taakstraf al dan niet in combinatie met een voorwaardelijke gevangenisstraf het meest passend is. Op grond van het bepaalde in artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht is deze strafmodaliteit voor jeugdprostitutie echter niet meer mogelijk. Artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht sluit immers uit dat de rechtbank (onder meer) voor dit feit kan volstaan met het opleggen van een enkele taakstraf. Daarom zal de rechtbank kiezen voor een in haar ogen minder bevredigende oplossing, namelijk een gevangenisstraf voor de duur van één dag in combinatie met een taakstraf. Tegen een dergelijk gecombineerde straf verzet artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht zich niet.Dit alles brengt mee dat de rechtbank een gevangenisstraf zal opleggen voor de duur van één dag in combinatie met een taakstraf van 240 uur."

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Rechtbank Limburg
    • Hotelprostitutie
    • Valkenburgse zedenzaak
    • Gedwongen prostitutie
    • Prostituee
    • Minderjarige
    • Prostituant (klant)
    • Nederlands
  8. Taal Nederlands Rechtbank Limburg De rechtbank Limburg heeft op 26 april 2016 verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 1 dag en een taakstraf van 180 uur wegens seks met een minderjarige prostituee. De rechtbank oordeelt als volgt: ...

    De rechtbank Limburg heeft op 26 april 2016 verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 1 dag en een taakstraf van 180 uur wegens seks met een minderjarige prostituee.De rechtbank oordeelt als volgt: "De rechtbank heeft bewezenverklaard dat verdachte zich meermalen schuldig heeft gemaakt aan het gebruik maken van de diensten van een minderjarige prostituee. De verdachte heeft door zijn handelen de lichamelijke integriteit en de psychische staat van de minderjarige in ernstige mate geschonden en bijgedragen aan het in stand houden van jeugdprostitutie.Voor jeugdprostitutie is een onvoorwaardelijke gevangenisstraf het uitgangspunt. De rechtbank vindt die in elk geval op haar plaats als de verdachte bewust ontucht met een minderjarige wilde plegen. De rechtbank houdt er echter rekening mee dat uit het strafdossier niet kan worden afgeleid dat verdachte bewust op zoek was naar een seksafspraak met een meisje dat jonger was dan 18 jaar. Hij reageerde op een advertentie op een website (Seksjobs) waar bij het profiel van het meisje de leeftijd van 18 jaar stond vermeld. Hij vertrouwde volgens zijn verklaring daarop en is van die leeftijd uitgegaan. Door na te laten zich daarvan te vergewissen is verdachte meermalen terechtgekomen bij het minderjarige slachtoffer en daarvoor draagt hij verantwoordelijkheid. Zonder ook maar iets af te doen aan de ernst van het strafbare feit en de gevolgen voor het slachtoffer, is het verwijt dat deze verdachte kan worden gemaakt minder groot dan in het geval dat iemand wel bewust op zoek is gegaan naar een minderjarige of wist dat zij minderjarig was. Daarnaast weegt de rechtbank mee dat dat verdachte het feit heeft bekend, een blanco strafblad heeft en dat de reclassering het recidiverisico inschat als laag.Gelet op deze omstandigheden acht de rechtbank anders dan de officier van justitie een onvoorwaardelijke gevangenisstraf een te zware strafmodaliteit. De rechtbank is in overeenstemming met uitspraken in vergelijkbare zaken van oordeel dat een taakstraf al dan niet in combinatie met een voorwaardelijke gevangenisstraf het meest passend is. Op grond van het bepaalde in artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht is deze strafmodaliteit voor jeugdprostitutie echter niet meer mogelijk. Artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht sluit immers uit dat de rechtbank (onder meer) voor dit feit kan volstaan met het opleggen van een enkele taakstraf. Daarom zal de rechtbank kiezen voor een in haar ogen minder bevredigende oplossing, namelijk een gevangenisstraf voor de duur van één dag in combinatie met een taakstraf. Tegen een dergelijk gecombineerde straf verzet artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht zich niet.Dit alles brengt mee dat de rechtbank een gevangenisstraf zal opleggen voor de duur van één dag in combinatie met een taakstraf van 180 uur. "

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Rechtbank Limburg
    • Nederlands
  9. Language Dutch 18 reads Court of Limburg De rechtbank Limburg heeft een vrouw veroordeeld tot 15 maanden gevangenisstraf waarvan 5 maanden voorwaardelijk wegens seksuele uitbuiting van een werkneemster en een minderjarige stagiaire. De rechtbank oordeelt ...

    De rechtbank Limburg heeft een vrouw veroordeeld tot 15 maanden gevangenisstraf waarvan 5 maanden voorwaardelijk wegens seksuele uitbuiting van een werkneemster en een minderjarige stagiaire. De rechtbank oordeelt als volgt: "De rechtbank is van oordeel dat gelet op de verklaring van [slachtoffer 1] en de overige hiervoor vermelde bewijsmiddelen in het dossier en hetgeen omtrent mensenhandel is overwogen, dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan mensenhandel (uitbuiting) ten opzichte van [slachtoffer 1] . De rechtbank overweegt daarbij in het bijzonder dat [slachtoffer 1] een vrouw is afkomstig uit Thailand en het in Nederland kennelijk moeilijk heeft om zich staande te houden. Verdachte heeft [slachtoffer 1] in dienst genomen. Zij heeft haar verplicht om een aantal cursussen bij verdachte te volgen. De schuld die is ontstaan door het volgen van die cursussen moest [slachtoffer 1] afbetalen door in de salon te werken. Zo heeft verdachte uiteindelijk [slachtoffer 1] in haar macht gekregen. Vervolgens heeft zij op die [slachtoffer 1] druk uitgeoefend om bij klanten, tegen de wil van [slachtoffer 1] , seksuele handelingen te verrichten. Deze druk bestond in het begin uit haar overwicht als bazin en doordat [slachtoffer 1] nog een schuld had open staan. Later kwam daar nog bij dat verdachte dreigde de vriend van [slachtoffer 1] in kennis te stellen van de seksuele diensten, en dat zij ervoor zou zorgen dat [slachtoffer 1] terug naar Thailand moest of in de gevangenis zou komen. Ondanks de ontkenning van verdachte acht de rechtbank, gelet op de genoemde bewijsmiddelen, ook bewezen dat verdachte samen met anderen het pamflet met de bovengenoemde tekst heeft verspreid en zich daarmee schuldig heeft gemaakt aan smaadschrift. Gelet op de verklaringen van [slachtoffer 2] en [getuige 7] en de ruime uitleg die aan artikel 273f Sr moet worden gegeven, acht de rechtbank bewezen dat verdachte mensenhandel heeft gepleegd ten aanzien van [slachtoffer 2] door [slachtoffer 2] opdracht te geven een klant te masseren terwijl deze klant zichzelf heeft gemasseerd en te dul den dat [slachtoffer 2] bij de zelfbevrediging van de klant aanwezig was. De rechtbank acht dan ook feit 1 onder parketnummer 03/866247-14 bewezen."   

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Rechtbank Limburg
    • Seksuele uitbuiting
    • Massagesalon
    • Mensenhandel
    • Minderjarige
    • Nederlands
  10. Language Dutch 1 read Court of Limburg De rechtbank Limburg heeft verdachte vrijgesproken van mensensmokkel. De getuige in deze zaak was niet traceerbaar. De rechtbank oordeelt als volgt. “Vaststaat dat [betrokkene 1] niet getraceerd is en dat de verdedig ...

    De rechtbank Limburg heeft verdachte vrijgesproken van mensensmokkel. De getuige in deze zaak was niet traceerbaar. De rechtbank oordeelt als volgt.“Vaststaat dat [betrokkene 1] niet getraceerd is en dat de verdediging niet in de gelegenheid is geweest [betrokkene 1] te bevragen. Haar verklaringen kunnen derhalve alleen voor het bewijs worden gebruikt als er compenserende factoren aanwezig zijn, die de (door de verdachte betwiste) juistheid van de verklaringen van [betrokkene 1] ondersteunen. In het dossier bevinden zich echter geen andere bewijsmiddelen die als (een) dergelijke compenserende factor(en) gezien kan (kunnen) worden. Als onder die omstandigheden in de bewijsconstructie toch de verklaringen van [betrokkene 1] zouden worden gebruikt, zou dat een schending van artikel 6, eerste lid en derde lid, aanhef en onder d, van het EVRM opleveren. De rechtbank zal daarom de verklaringen van [betrokkene 1] niet gebruiken voor het bewijs.”

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Rechtbank Limburg
    • Strafrecht
    • Mensensmokkel
    • Viëtnam
    • Tjechië
    • Artikel 6 EVRM
    • Nederlands

Pagina's