• Seksueel misbruik
  • Rechtbank Rotterdam
Resultaten 1 - 2 van totaal 2 resultaten
  1. Taal Nederlands Rechtbank Rotterdam De rechtbank Rotterdam heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 22 maanden, waarvan 12 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar en oplegging van bijzondere voorwaarden wegens het ...

    De rechtbank Rotterdam heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 22 maanden, waarvan 12 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar en oplegging van bijzondere voorwaarden wegens het verwerven en in het bezit zijn van kinderpornografie, het vervaardigen van een film met kinderpornografie en het schenden van zijn ambtsgeheim als politieambtenaar. De rechtbank oordeelt als volgt.“De verdachte heeft de norm die strekt tot de bescherming van jeugdigen tegen seksueel misbruik geschonden. Door het downloaden, bekijken en vervaardigen van kinderpornografisch materiaal wordt de productie daarvan gestimuleerd en in stand gehouden. Voor de productie van kinderporno worden kinderen seksueel misbruikt en uitgebuit. Zij worden voor een camera gezet om te poseren en seksuele handelingen bij zichzelf en anderen te verrichten en/of te ondergaan. Handelingen waaraan zij, gelet op hun geestelijke en lichamelijke ontwikkeling, niet toe zijn. Als gevolg hiervan kunnen deze kinderen psychische schade oplopen. Ook kunnen zij nog lange tijd achtervolgd worden door de gevolgen van de productie en verspreiding van de beelden. Een afbeelding die eenmaal op internet is aangetroffen, is vrijwel onmogelijk blijvend van het internet te verwijderen en kan nog jarenlang opduiken. Dit is ook voor de verdachte, naar eigen zeggen als slachtoffer van een pedoseksueel, een reden geweest om naar kinderporno te zoeken om te kijken of er nog beelden van hemzelf op het internet stonden. Dat de verdachte als consument hieraan een bijdrage heeft geleverd, rekent de rechtbank hem dan ook aan.”

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Rechtbank Rotterdam
    • Kinderpornografie
    • Minderjarigen
    • Seksueel misbruik
    • Verminderd toerekeningsvatbaar
    • Schending Ambtsgeheim
    • Persoonlijkheidsstoornis
    • Kinderporno(grafie)
    • Nederlands
  2. 90 reads Court of Rotterdam Language Dutch Verdachte, een 57-jarige Surinaamse Nederlander, is door de rechtbank Rotterdam veroordeeld tot een gevangenisstraf van zes jaar voor mensenhandel en uitbuiting. De rechtbank acht bewezen dat hij zijn dochter, pl ...

    Verdachte, een 57-jarige Surinaamse Nederlander, is door de rechtbank Rotterdam veroordeeld tot een gevangenisstraf van zes jaar voor mensenhandel en uitbuiting. De rechtbank acht bewezen dat hij zijn dochter, pleeg- en stiefdochter heeft aangezet tot het hebben van seks tegen betaling en dat hij daar zelf financieel voordeel van gehad heeft. In de strafmotivering sprak de rechtbank haar verontwaardiging uit over de ernst van de gepleegde feiten en de hoogte van de straf die daarbij toepasselijk is:   'De verdachte heeft zich samen met zijn vrouw met betrekking tot zijn dochter [slachtoffer 3] en zijn twee pleegdochters[slachtoffer 2] en [slachtoffer 1] schuldig gemaakt aan mensenhandel, een moderne vorm van slavernij. Door deze meisjes alle drie vanaf hun tienerjaren in een sociaal isolement te brengen en van school te houden zijn zij uiteindelijk na forse beïnvloeding direct na hun 18de verjaardag in de prostitutie gaan werken. Alsof dit niet erg genoeg is werden zij verplicht om hun verdiensten van dit werk af te dragen aan de verdachte en zijn vrouw.'En:'Juist door het vaak mensonterende karakter van deze feiten, is er ook sprake van maatschappelijke verontwaardiging. De ernst van de feiten rechtvaardigt zonder meer een gevangenisstraf voor lange duur.' De rechtbank acht niet bewezen dat verdachte zijn drie dochters zelf seksueel heeft misbruikt. De rechtbank is het met de verdediging eens dat er  onvoldoende ondersteunend bewijs is voor de verklaringen van de slachtoffers omtrent het seksueel misbruik. Gelet op de unus testis, nullus testis-regel van artikel 342, lid 2, Wetboek van Strafvordering, heeft de rechtbank verdachte vrijgesproken van seksueel misbruik van zijn dochters:'De rechtbank is tot de conclusie gekomen dat ondersteunend bewijs voor elk van de aangiftes voor wat betreft de zedendelicten ontbreekt. Er zijn in het dossier weliswaar enkele verklaringen opgenomen van getuigen die op enig moment van het misbruik hebben vernomen, maar daarvoor geldt dat die kennis rechtstreeks van een van de aangeefsters afkomstig was en daarmee niet als bevestiging door een derde kan worden gezien.'   .  

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Nederland
    • Rechtbank Rotterdam
    • Minderjarigen
    • Seksueel misbruik
    • Jeugdprostitutie
    • Mensenhandel
    • Nederlands