Taal document

  • Voortgezet verblijf
  • Nederlands

Pagina's

Resultaten 1 - 10 van totaal 26 resultaten
  1. Taal Nederlands Rechtbank Den Haag Eiseres is slachtoffer van mensenhandel en heeft een B8 verblijfsvergunning gehad. Aanvraag voor een verblijfsvergunning niet-tijdelijke humanitaire gronden (voortgezet verblijf) is afgewezen. Eiseres voer ...

    Eiseres is slachtoffer van mensenhandel en heeft een B8 verblijfsvergunning gehad. Aanvraag voor een verblijfsvergunning niet-tijdelijke humanitaire gronden (voortgezet verblijf) is afgewezen. Eiseres voert onder andere aan dat zij op basis van de IND-werkinstructie gehoord had moeten worden. Verweerder stelt dat het een interne werkinstructie uit 2009 is die in de praktijk niet meer wordt gevolgd. De rechtbank oordeelt:' Nu verweerder betwist dat vermelde werkinstructie uit 2009 nog gehanteerd wordt in de beslispraktijk en eiseres, naar het oordeel van de rechtbank, onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat verweerder, anders dan betoogd, nog immer toepassing geeft aan deze werkinstructie, volgt de rechtbank eiseres niet in het betoog dat verweerder niet van horen had kunnen afzien op grond van de werkinstructie.' Verder oordeelt de rechtbank:'De rechtbank is van oordeel dat verweerder met de opgenomen overwegingen, de aangevoerde factoren, ook in onderlinge samenhang bezien, voldoende heeft beoordeeld. Verweerder kan aldus gevolgd worden in zijn standpunt dat van risico’s op represailles niet gebleken is, nu gesteld noch gebleken is dat eiseres ooit nog door de mensenhandelaren is benaderd dan wel bedreigd, dat zij met behulp van derden in staat moet worden geacht te herintegreren in Gambia en dat de medische omstandigheden en overige factoren, op zichzelf, noch in onderlinge samenhang bezien, zijn aan te merken als bijzondere individuele omstandigheden op grond waarvan eiseres blijvend op Nederland zou zijn aangewezen. Hetgeen eiseres heeft aangevoerd, heeft verweerder onvoldoende kunnen achten voor een ander standpunt. De beroepsgrond slaagt niet.'

    Jurisprudentie

    • Vreemdelingenrecht
    • Rechtbank Den Haag
    • Voortgezet verblijf
    • Nader gehoor
    • Voortgezet verblijf
    • Hoorplicht
    • IND-werkinstructie
    • Nederlands
  2. Language Dutch 358 reads Centre against Child- and Human Trafficking Het CKM merkt dat het voor slachtoffers van mensenhandel steeds moeilijker wordt om voortgezet verblijf te krijgen. Het werd al steeds moeilijker voor een slachtoffer om te bewijzen dat ...

    Het CKM merkt dat het voor slachtoffers van mensenhandel steeds moeilijker wordt om voortgezet verblijf te krijgen. Het werd al steeds moeilijker voor een slachtoffer om te bewijzen dat er sprake is van bijzondere individuele omstandigheden. Maar nu heeft de IND tijdens een zitting van één van de cliënten van het CKM afgekondigd dat de ze alleen nog maar naar bijzondere individuele omstandigheden gaat kijken als het mensenhandelrelaas aannemelijk is. Een extra te nemen hindernis in het al moeilijke voortgezet verblijf. Of dit beleid echt zo nieuw is, is overigens de vraag. 

    Publicaties

    • Artikelen
    • Het Centrum Kinderhandel Mensenhandel (CKM)
    • Voortgezet verblijf
    • Bijzondere individuele omstandigheden
    • Geloofwaardigheid
    • Voortgezet verblijf
    • Nederlands
  3. Language Dutch 43 reads States Council (Dutch) Aanvraag tot voortgezet verblijf van de vreemdeling is afgewezen. In geschil is of er sprake is van bijzondere individuele omstandigheden. De Raad van State acht het hoger beroep kennelijk ongegrond en bevsti ...

    Aanvraag tot voortgezet verblijf van de vreemdeling is afgewezen. In geschil is of er sprake is van bijzondere individuele omstandigheden. De Raad van State acht het hoger beroep kennelijk ongegrond en bevstigt de uitspraak van de rechtbank.De rechtbank overwoog:'Verweerder is bij de beoordeling van de vraag of aannemelijk is dat eiser slachtoffer van mensenhandel is geworden, in het primaire besluit, dat is ingelast in het bestreden besluit, uitgegaan van de verklaring die eiser op 30 mei 2008 bij de politie heeft afgelegd. De rechtbank volgt verweerder hierin. Eiser heeft namelijk in de door hem gevoerde procedures (over een lange periode) nooit melding gemaakt van de omstandigheid dat hij de verklaring van 30 mei 2008 heeft afgelegd onder invloed van mensenhandelaren, ondanks de bijstand van een raadsman. Zelfs in het gehoor van 14 januari 20 U is hier geen melding van gemaakt. Pas in beroep is dit door eiser naar voren gebracht. Uit de door eiser aangehaalde zienswijze van 21 juli 2008 volgt naar het oordeel van de rechtbank evenmin dat eiser melding heeft gemaakt van het onjuist verklaren onder invloed van mensenhandelaren. Verder is van belang dat eiser verschillende redenen heeft gegeven waarom hij op 30 mei 2008 onjuist zou hebben verklaard. Naast dat hij heeft verklaard onder invloed van mensenhandelaren te hebben gestaan heeft hij ook aangevoerd dat hij onjuist heeft verklaard omdat hij bang was opgesloten te worden. De rechtbank is gelet op het voorgaande van oordeel dat verweerder terecht heeft overwogen dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt zijn verklaring op 30 mei 2008 te hebben afgelegd onder invloed van mensenhandelaren.'

    Jurisprudentie

    • Vreemdelingenrecht
    • Raad van State
    • Voortgezet verblijf
    • Represailles
    • Bijzondere individuele omstandigheden
    • Voortgezet verblijf
    • Nederlands
  4. Language Dutch 55 reads States Council (Dutch) De vreemdeling heeft recht op voortgezet verblijf omdat zij langer dan drie jaar een verblijfsvergunning op grond van de B9-regeling heeft wanneer het Gerechtshof een beslissing neemt in de beklagprocedure. D ...

    De vreemdeling heeft recht op voortgezet verblijf omdat zij langer dan drie jaar een verblijfsvergunning op grond van de B9-regeling heeft wanneer het Gerechtshof een beslissing neemt in de beklagprocedure. De Raad van State:'Uit het besluit van 21 mei 2012 blijkt dat de staatssecretaris bij de beantwoording van de vraag of de opsporing dan wel de vervolging is beëindigd, de datum van de beschikking van het Gerechtshof in de beklagprocedure, te weten 13 december 2010, als uitgangspunt heeft genomen, hetgeen overeenkomt met het ten tijde van belang geldende beleid. Gelet hierop heeft de rechtbank niet onderkend dat vreemdeling 1 terecht heeft aangevoerd dat zij sinds 24 september 2007, en daarom langer dan drie jaar, in het bezit was van een verblijfsvergunning regulier onder de beperking, bedoeld in artikel 3.4, eerste lid, aanhef en onder s, van het Vb 2000. De grief slaagt.'

    Jurisprudentie

    • Vreemdelingenrecht
    • Raad van State
    • Voortgezet verblijf
    • Beklagprocedure
    • Voortgezet verblijf
    • Nederlands
  5. 9 Rechtbank Den Haag Taal Nederlands Beroepen van eiseressen zijn ongegrond verklaard.  'Nu de beklagprocedure van eiseres 1 er niet toe heeft geleid dat de daadwerkelijke vervolging van de verdachte alsnog ter hand is genomen, heeft ve ...

    Beroepen van eiseressen zijn ongegrond verklaard. 'Nu de beklagprocedure van eiseres 1 er niet toe heeft geleid dat de daadwerkelijke vervolging van de verdachte alsnog ter hand is genomen, heeft verweerder terecht overwogen dat de termijn van de beklagprocedure gericht tegen de beslissing van de officier van justitie de verdachte niet te vervolgen niet meetelt voor de berekening van de driejarentermijn van het beleid zoals dat ten tijde van belang was neergelegd in hoofdstuk B16/4.5, onder b, van de Vc 2000. Dat eiseres 1 gedurende de beklagprocedure wel aan de voorwaarden van het toen geldende B9-beleid voldeed, doet aan het vorenstaande niet af.''Voorts heeft de Afdeling in deze uitspraak geoordeeld dat uit het algemeen ambtsbericht niet kan worden afgeleid dat een vreemdeling bij opvang in een stad in een deelstaat waar vrouwenbesnijdenis niet is verboden een reëel risico loopt op besnijdenis. Nu eiseressen afkomstig zijn uit Benin City, waar blijkens pagina 47 van het algemeen ambtsbericht van 2012 opvangvoorzieningen voorhanden zijn, en welke stad gelegen is in een staat waar besnijdenis wél strafbaar is gesteld, te weten Edo-State, ziet de rechtbank geen reden te veronderstellen dat eiseressen zich niet aan het eventuele risico van besnijdenis kunnen onttrekken.'

    Jurisprudentie

    • Vreemdelingenrecht
    • Nigeria
    • Rechtbank Den Haag
    • Voortgezet verblijf
    • Vrouwenbesnijdenis/Vrouwelijke genitale verminking
    • Besnijdenis
    • Beklagprocedure
    • Bijzondere individuele omstandigheden
    • Voortgezet verblijf
    • Nederlands
  6. 104 reads States Council (Dutch) Language Dutch Het hoger beroep is kennelijk gegrond. Uit de weergegeven passages van het ambtsbericht volgt dat een grote meerderheid van de vrouwen in Nigeria niet wordt besneden, dat het percentage vrouwen dat wordt bes ...

    Het hoger beroep is kennelijk gegrond.Uit de weergegeven passages van het ambtsbericht volgt dat een grote meerderheid van de vrouwen in Nigeria niet wordt besneden, dat het percentage vrouwen dat wordt besneden in de stedelijke gebieden afneemt en dat in enkele grote steden opvangmogelijkheden door ngo's worden geboden aan vrouwen die zich willen onttrekken aan besnijdenis. Onder verwijzing naar het ambtsbericht en voormelde uitspraak van de Afdeling van 1 juli 2011 heeft de staatssecretaris zich in het besluit terecht op het standpunt gesteld dat, voor zover de vreemdeling betoogt dat binnen haar etnische bevolkingsgroep meisjes worden besneden, zij niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij geen opvang kan verkrijgen in een stad buiten haar herkomstgebied in Nigeria om haar dochter aan het risico van besnijdenis te onttrekken. Tevens heeft de staatssecretaris zich terecht op het standpunt gesteld dat uit het ambtsbericht volgt dat NAPTIP over opvangmogelijkheden voor slachtoffers vanmensenhandel beschikt waar de vreemdelingen terecht kunnen. De vreemdeling heeft niet aannemelijk gemaakt dat haar twee kinderen door NAPTIP niet zullen worden toegelaten tot de opvang. Het door de vreemdelingen aangevoerde Trafficking in Persons Report van het U.S. Department of State van 19 juni 2012 leidt niet tot een ander oordeel nu daaruit volgt dat de overheid van Nigeria zich inzet om te voldoen aan de minimumnormen voor de strijd tegen mensenhandel en dat NAPTIP weliswaar ondersteuning van de regering nodig heeft, maar opvang en bescherming biedt aan slachtoffers van mensenhandel. Gelet op het voorgaande heeft de staatssecretaris zich in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat de gestelde opvangproblemen geen bijzondere individuele omstandigheden zijn die met zich brengen dat van de vreemdelingen niet gevergd kan worden dat zij Nederland verlaten.

    Jurisprudentie

    • Vreemdelingenrecht
    • Nigeria
    • Raad van State
    • Voortgezet verblijf
    • Artikel 8 EVRM
    • Vestigingsalternatief
    • Voortgezet verblijf
    • Vrouwenbesnijdenis/Vrouwelijke genitale verminking
    • Besnijdenis
    • Artikel 8 EVRM
    • Nederlands
  7. Language Dutch 104 reads IND (Dutch Agency of Immigration and Naturalisation) Deze publicatie is speciaal voor mensen die een verblijfsvergunning willen aanvragen en die slachtoffer zijn van huiselijk geweld, van eergerelateerd geweld, van mensenhandel of ...

    Deze publicatie is speciaal voor mensen die een verblijfsvergunning willen aanvragen en die slachtoffer zijn van huiselijk geweld, van eergerelateerd geweld, van mensenhandel of van achterlating.In deze publicatie leest u:• aan welke voorwaarden u moet voldoen om een verblijfsvergunning te kunnen krijgen. • hoe u kunt aantonen dat u aan de voorwaarden voldoet.• hoe u een uitkering kunt aanvragen voor de periode dat u in de (vrouwen)opvang verblijft.• hoe en waar u een identiteitsdocument kunt aanvragen.(IND: April 2014 | Publicatie-nr. 3083d)

    Publicaties

    • Rapporten
    • IND
    • Verblijfsrecht
    • B8/3
    • Voortgezet verblijf
    • Nederlands
  8. 161 reads Language Dutch Moeder (eiseres 1) heeft voortgezet verblijf aangevraagd, maar dat is afgewezen. Dochter (eiseres 2) heeft verblijfsvergunning met beperking 'gezinshereniging met ouder' gehad, maar deze is ingetrokken. Eiseressen 1 en 2 ...

    Moeder (eiseres 1) heeft voortgezet verblijf aangevraagd, maar dat is afgewezen. Dochter (eiseres 2) heeft verblijfsvergunning met beperking 'gezinshereniging met ouder' gehad, maar deze is ingetrokken. Eiseressen 1 en 2 wonen sinds 1998 in Nederland en eiseres 2 volgt hier een opleiding.De rechtbank is van oordeel dat het bestreden besluit op het punt van beoordeling van het beroep met betrekking tot artikel 8 EVRM niet met de vereiste zorgvuldigheid is voorbereid en genomen en evenmin op een deugdelijke motivering berust. Volgens de rechtbank had verweerder de mogelijkheid dat eiseres 2 besneden kan worden in de belangenafweging op grond van artikel 8 EVRM moeten betrekken. Ook heeft verweerder onvoldoende bij de belangenafweging betrokken dat eiseres 2 slechts een half jaar oud was toen zij naar Nederland kwam en sindsdien altijd in Nederland is verbleven en ook haar schoolopleiding hier volgt. Volgens de rechtbank is het spreken van Pidgin Engels en het hebben van de Nigeriaanse nationaliteit niet voldoende om te spreken van een (culturele) band met Nigeria.Het beroep van eiseres 2 wordt gegrond verklaard.Met betrekking tot eiseres 1 zegt de rechtbank dat verweerder niet zomaar mag stellen dat het hele mensenhandelrelaas niet aannemelijk is, omdat eiseres 1 tegenstrijdige verklaringen over een bepaalde periode heeft afgelegd. Ook is de rechtbank het eens met eiseres 1 dat niet van haar kan worden verwacht dat zij op detailniveau volledig consistent verklaart over gebeurtenissen die twintig jaar geleden hebben plaatsgevonden. Rechtbank volgt verweerder niet in het standpunt dat het mensenhandelrelaas niet aannemelijk is, omdat eiseres 1 pas in 2010 aangifte heeft gedaan en dat daaruit volgt dat zij haar situatie blijkbaar niet als urgent dan wel als niet serieus genoeg heeft ingeschat. De verklaring dat eiseres 1 bang was en tijd nodig had om moed bijeen te rapen en dat zij uiteindelijk met hulp van de kerk en haar advocaat aangifte heeft gedaan acht de rechtbank plausibel.De rechtbank oordeelt dat er geen sprake is van 'klemmende redenen van humanitaire aard'. Omdat het beroep van eiseres 2 gegrond is verklaard is, is niet uit te sluiten dat eiseres 2 een verblijfsvergunning krijgt. De motivering van verweerder dat geen sprake is van schending van artikel 8 EVRM kan daarom geen stand meer houden. Beroep van eiseres 1 is ook gegrond.

    Jurisprudentie

    • Vreemdelingenrecht
    • Nigeria
    • Voortgezet verblijf
    • Artikel 8 EVRM
    • Voortgezet verblijf
    • Besnijdenis
    • Artikel 8 EVRM
    • Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK)
    • Nederlands
  9. 101 reads States Council (Dutch) Language Dutch De Raad van State overweegt: 'Het besluit, zoals hiervoor onder 4.2. weergegeven, geeft er, anders dan de vreemdeling betoogt, voorts geen blijk van dat de staatssecretaris zich, bezien in het licht van ...

    De Raad van State overweegt:'Het besluit, zoals hiervoor onder 4.2. weergegeven, geeft er, anders dan de vreemdeling betoogt, voorts geen blijk van dat de staatssecretaris zich, bezien in het licht van artikel 3 van het Verdrag inzake de rechten van het kind, onvoldoende rekenschap heeft gegeven van de belangen van het kind van de vreemdeling. Het betoog van de vreemdeling dat een buiten het huwelijk geboren kind het risico loopt bij zijn moeder te worden weggenomen en het besluit daarom in strijd is met artikel 8 van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden leidt niet tot een ander oordeel, nu, zoals de staatssecretaris terecht heeft overwogen, de vreemdeling dit niet heeft onderbouwd. De beroepsgrond faalt.'

    Jurisprudentie

    • Vreemdelingenrecht
    • Sierra Leone
    • Raad van State
    • Voortgezet verblijf
    • Voortgezet verblijf
    • Vrouwenbesnijdenis/Vrouwelijke genitale verminking
    • Besnijdenis
    • Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK)
    • Nederlands
  10. Language Dutch 107 reads States Council (Dutch) Aanvraag tot voortgezet verblijf afgewezen. Vreemdeling gaat in bezwaar en beroep. De rechtbank oordeelt in beroep ' dat de staatssecretaris zich, gelet op de omstandigheid dat de vreemdeling niet de be ...

    Aanvraag tot voortgezet verblijf afgewezen. Vreemdeling gaat in bezwaar en beroep. De rechtbank oordeelt in beroep 'dat de staatssecretaris zich, gelet op de omstandigheid dat de vreemdeling niet de bescherming van een mannelijk familielid geniet en er geen sprake is van een sociaal netwerk, mede in het licht van de weergegeven passage uit het ambtsbericht, niet zonder nadere motivering op het standpunt heeft kunnen stellen dat de vreemdeling niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij haar dochter niet zal kunnen onttrekken aan vrouwenbesnijdenis en haar dochter bij terugkeer derhalve een reëel risico loopt te worden besneden'.De staatssecretaris gaat in hoger beroep. De Raad van State acht het hoger beroep kennelijk gegrond: 'De vreemdeling heeft niet aannemelijk gemaakt dat zij niet in staat zal zijn, eventueel met behulp van NAPTIP, de IOM en Bureau Maatwerk bij Terugkeer, een nieuw netwerk op te bouwen en zich te hervestigen. Met hetgeen de staatssecretaris in het besluit van 23 oktober 2012 heeft opgenomen ter aanvulling van hetgeen reeds was opgenomen in het besluit van 13 maart 2012 heeft hij, anders dan de rechtbank heeft overwogen, voldoende gemotiveerd dat van de vreemdeling kan worden gevergd dat zij Nederland verlaat. Het betoog van de vreemdeling dat de door haar naar voren gebrachte psychische en andere medische omstandigheden hierbij onvoldoende zijn meegenomen, leidt voorts niet tot een ander oordeel. De vreemdeling heeft immers niet gesteld dat deze omstandigheden verband houden met de omstandigheid dat zij in het verleden slachtoffer is geworden van mensenhandel, zodat de staatssecretaris in dit geval de psychische en andere medische omstandigheden terecht als een op zichzelf staande grond ter verkrijging van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd heeft aangemerkt die naar aanleiding van een daartoe strekkende aanvraag kunnen worden beoordeeld.'

    Jurisprudentie

    • Vreemdelingenrecht
    • Raad van State
    • Voortgezet verblijf
    • Besnijdenis
    • Voortgezet verblijf
    • Vrouwenbesnijdenis/Vrouwelijke genitale verminking
    • Nederlands

Pagina's