Documentsoort

Trefwoord

Organisatie

  • Wetgeving Nederland
  • Jurisprudentie Internationaal

Pagina's

Resultaten 1 - 10 van totaal 256 resultaten
  1. Taal Nederlands The European Court of Human Rights In deze zaak heeft het ECHR uitspraak gedaan over een zaak die gaat over dwangarbeid en uitbuiting van 42 Bangladeshe nationals die in Griekenland woonden en werkten op een boerderij in Man ...

    In deze zaak heeft het ECHR uitspraak gedaan over een zaak die gaat over dwangarbeid en uitbuiting van 42 Bangladeshe nationals die in Griekenland woonden en werkten op een boerderij in Manolada, Griekenland. Zij moesten van hun werkgevers de hele dag aardbeien plukken onder moeilijke fysieke omstandigheden en onder toezicht van gewapende bewakers, terwijl zij niet betaald kregen hiervoor. Het Europese Hof concludeerde dat er op basis van de werkomstandigheden en op basis van de uitbuitingsituatie sprake was van mensenhandel. Aangezien sprake was van arbeidsuitbuiting oordeelde de staat dat er sprake was van een schending van artikel 4 §2 van the European Convention on Human Rights: the prohibition of forced labour."Decision of the Court: The Court held that there had been a violation of Article 4 §2 of the Convention on account of the State's failure to fulfil its positive obligations under that provision, namely to prevent the human trafficking situation complained of, to protect the victims, to conduct an effective investigation into the offences and to punish those responsible for the trafficking. "

    Jurisprudentie

    • Jurisprudentie Internationaal
    • The European Court of Human Rights
    • Arbeidsuitbuiting
    • Arbeidsuitbuiting
    • Artikel 4 EVRM
    • Engels
  2. Raad van State Taal Nederlands Op 19 december 2016 heeft de Afdeling advisering van de Raad van State een voorstel ingediend hoe de rijkswet kan worden veranderd. Dit voorstel gaat om de goedkeuring van het Protocol bij het Verdrag betreffe ...

    Op 19 december 2016 heeft de Afdeling advisering van de Raad van State een voorstel ingediend hoe de rijkswet kan worden veranderd. Dit voorstel gaat om de goedkeuring van het Protocol bij het Verdrag betreffende de gedwongen of verplichte arbeid. De Raad van State vindt onder andere dat de memorie van toelichting aangepast dient te worden. 

    Wetgeving

    • Staatscourant
    • Nederland
    • Raad van State
    • Arbeidsuitbuiting
    • Wetgeving
    • Arbeidsuitbuiting
    • Nederlands
  3. Language Dutch 3 reads Dutch Parliament Dit wetsvoorstel voorziet in aanpassing van het Wetboek van Strafvor-dering en de Telecommunicatiewet vanwege het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: Hof van Justitie) in de gevoegde zaken ...

    Dit wetsvoorstel voorziet in aanpassing van het Wetboek van Strafvor-dering en de Telecommunicatiewet vanwege het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: Hof van Justitie) in de gevoegde zaken Digital Rights Ireland en Seitlinger (C-293/12 en 294/12). In dit arrest heeft het Hof van Justitie de Richtlijn 2006/24/EG1 (hierna: richtlijn dataretentie) ongeldig verklaard. De richtlijn dataretentie voorzag in een verplichting voor aanbieders van openbare elektronische communicatie-netwerken en openbare elektronische communicatiediensten tot het bewaren van een bepaalde lijst van telecommunicatiegegevens ten behoeve van de opsporing en vervolging van ernstige strafbare feiten. De richtlijn dataretentie is geïmplementeerd met de Wet bewaarplicht telecommunicatiegegevens (Stb. 2009, 333), die op 1 september 2009 in werking is getreden. In maart 2015 heeft de voorzieningenrechter van de rechtbank Den Haag in kort geding de Wet bewaarplicht telecommunica-tiegegevens buiten werking gesteld.Dit wetsvoorstel voorziet in een herziene wettelijke regeling rond de bewaarplicht voor telecommunicatiegegevens ten behoeve van de opsporing van ernstige misdrijven. Daarbij wordt voorzien in de nodige waarborgen met betrekking tot de opslag en het gebruik van, en de toegang tot, de bewaarde gegevens, die voortvloeien uit het arrest van het Hof van Justitie en het vonnis van de voorzieningenrechter.

    Wetgeving

    • Memorie van Toelichting
    • Nederland
    • Tweede Kamer
    • Nederlands
  4. Gemeente Utrecht Taal Nederlands Tijdens het strafrechtelijk onderzoek 'Sneep' in 2008 bleek dat jarenlang, op omvangrijke schaal, mensenhandel voorkwam. Ook op het Zandpad. Deze zaak was de aanleiding voor een groot onderzoek naa ...

    Tijdens het strafrechtelijk onderzoek 'Sneep' in 2008 bleek dat jarenlang, op omvangrijke schaal, mensenhandel voorkwam. Ook op het Zandpad. Deze zaak was de aanleiding voor een groot onderzoek naar mensenhandel in de vergunde prostitutiesector, genaamd "Schone schijn". Uit dit onderzoek bleek dat: er sprake was van een gebrek aan signalering van mensenhandel, het vastgestelde beleid onvoldoende werd uitgevoerd en vervolgens onvoldoende tot opsporing werd overgegaan. De conclusies uit het onderzoek “Schone Schijn” hebben geleid tot een aantal aanbevelingen, onder andere op het gebied van het door gemeenten te voeren prostitutiebeleid. In 2010 hebben gemeente, politie en Openbaar Ministerie (OM besloten om tot een gezamenlijke aanpakte komen om mensenhandel in de prostitutie te bestrijden. Voor de gemeente betekent dit vooral inzet op het barrièremodel. Het principe van de barrièrewerking gaat uit van het analyseren van de stappen die een mensenhandelaar moet zetten om tot zijn misdrijf te komen. Vervolgens worden op deze route zo veel mogelijk barrières ingebouwd, waarbij een breed pakket van maatregelen wordt toegepast.

    Wetgeving

    • Gemeenteblad
    • Nederland
    • Gemeente Utrecht
    • Wet Regulering Prostitutie en bestrijding misstanden Seksbranche (WRP)
    • Wet Regulering Prostitutie en bestrijding misstanden Seksbranche (WRP)
    • Vergunde prostitutie
    • Mensenhandel
    • Prostitutie
    • Nederlands
  5. Gemeente Groningen Taal Nederlands Wijziging van de Algemene Plaatselijke Verordening Groningen 2009 RECTIFICATIE Wijziging algemene plaatselijke verordening gemeenteGroningen (prostitutiebeleid) De raad van de gemeente Groningen gelezen he ...

    Wijziging van de Algemene Plaatselijke Verordening Groningen 2009

    Wetgeving

    • Gemeenteblad
    • Nederland
    • Gemeente Groningen
    • Prostitutie
    • Straatprostitutie
    • Raamprostitutie
    • Prostitutie
    • Nederlands
  6. Taal Nederlands Sehr ausführliche Entscheidung des Schweizwerischen Bundesstrafgerichtes vom 1. Dezember 2011. Unter 2.6 bis 2.16 sind die relevanten, zum System gehörenden Verhaltensweisen bzw. Merkmale des Geschäftsmodells des Menschenhan ...

    Sehr ausführliche Entscheidung des Schweizwerischen Bundesstrafgerichtes vom 1. Dezember 2011.Unter 2.6 bis 2.16 sind die relevanten, zum System gehörenden Verhaltensweisen bzw. Merkmale des Geschäftsmodells des Menschenhandels ausführlich beschrieben."Vor dem Hintergrund der oben in E. 3.2 wiedergegebenen Tatbestandselemente ist als relevantes Beweisergebnis von den erwiesenen Elementen des Geschäftsmodells in E. 2.1 bis 2.16 für den Tatbestand des Menschenhandels Folgendes festzuhalten: Der Beschuldigte A1 hat in Brasilien junge Frauen aus zumeist sehr armem oder zumindest wirtschaftlich sehr schwierigem Umfeld für seine Bordelle rekrutieren lassen. Er hat diesen Frauen in der Folge die Reise in die Schweiz ermöglicht, indem er Geld überwies oder überweisen liess, für Pässe, den Kauf von Gepäckstücken und als Vorzeigegeld für die Einreise der Frauen als Touristinnen in die Schweiz; er liess ihnen Flugtickets organisieren und finanzierte die Reise vor. Zwar hat er die Frauen in Brasilien dafür nicht persönlich ausgesucht und engagiert, wiewohl sie häufig nach seinen Vorgaben rekrutiert wurden, sie waren aber ausnahmslos dazu bestimmt, in A1s Studios unter den von ihm diktierten Bedingungen der Prostitution nachzugehen. Dabei war die "Einwilligung" dieser Frauen rechtlich unwirksam: Die Einwilligung in diese Tätigkeit und in die illegale Überführung in die Schweiz zum Zeitpunkt ihrer Zusage, ist auf ihre schwierigen wirtschaftlichen Verhältnisse im Herkunftsland zurückzuführen; aber auch die Einwilligung zum Zeitpunkt ihres Arbeitsbeginns bei A1 war nicht wirksam, weil sie auf freiheitsbeschränkenden Voraussetzungen im Sinne von E. 4.1 oben beruhte. Aufgrund der vorfinanzierten Reise und des auferlegten Schuldenabbausystems konnte A1 davon ausgehen, dass die Frauen die erwartete Tätigkeit auch ausüben würden, wenn sie dann einmal in der Schweiz angekommen waren. Indem A1 in einer Vielzahl von Fällen gleich gehandelt hat, hat er auch das mit dem Begriff des "Handel Treibens" verbundene Erfordernis der wiederholten Begehung erfüllt (vgl. Trechsel, Kurzkommentar zum Schweizerischen Strafgesetzbuch, 2. Auflage 1997, Art. 196 StGB N. 2). Schliesslich hat er mit diesem Handel, soweit man darin überhaupt ein Tatbestandserfordernis erblicken wollte, direkt wesentliche Geldsummen verdient und damit "gewerbsmässig" gehandelt: Gemäss seinem eigenen Konzept waren die überhöhten Schulden der Frauen, die diese zunächst mit den eigentlich ihnen zustehenden Einnahmen aus der Prostitution zurückzahlen mussten, im Zusammenhang mit der Reise entstanden, während die ihm zustehenden 50% der Einnahmen seinen Anteil am Prostitutionsgeschäft ausmachten. Die Frauen zahlten ihm im Ergebnis also nicht nur seine Auslagen für den Menschenhandel zurück, sondern darüber hinaus noch ein Honorar dafür. A1 hat mithin objektiv tatbestandsmässig gehandelt. Dass er auch in dieser Hinsicht mit Wissen und Willen, demnach vorsätzlich gehandelt hat, steht ausser Frage (vgl. auch oben E. 4.1.1). A1 hat sich mithin des Menschenhandels im Sinne von Art. 196 aStGB schuldig gemacht."Auch der Straftatbestand der Förderung der Prostitution wird ausführlich behandelt.

    Jurisprudentie

    • Jurisprudentie Internationaal
    • Schweiz
    • Bundesstrafgericht
    • Schweiz
    • Bordell
    • Etablissement
    • Prostitution
    • Menschenhandel
    • Duits
  7. Taal Nederlands Verblijfsregeling Mensenhandel geldend vanaf 29 maart 2016 Vreemdelingencirculaire 2000 (B) Geldend van 1-4-2016 tot heden 3. Slachtoffers en getuige-aangevers van mensenhandel 3.1. Beleidsregels Voor zover indicaties van me ...

    Verblijfsregeling Mensenhandel geldend vanaf 29 maart 2016

    Wetgeving

    • Wetgeving Nederland
    • B8/3
    • Rechtmatig verblijf
    • Aangifte
    • B8/3
    • Nederlands
  8. Taal Nederlands College van procureurs-generaal SAMENVATTING Deze aanwijzing geeft een kader en regels voor de strafrechtelijke aanpak van zaken betreffende kinderpornografie. De aanwijzing is een aanvulling op de Aanwijzing zeden, die onve ...

    SAMENVATTING Deze aanwijzing geeft een kader en regels voor de strafrechtelijke aanpak van zaken betreffende kinderpornografie. De aanwijzing is een aanvulling op de Aanwijzing zeden, die onverkort van toepassing is op kinderpornozaken, tenzij in de Aanwijzing kinderpornografie anders wordt aangegeven.Bij de aanpak van kinderpornografie wordt aangesloten bij de uitgangspunten voor de strafbaarstelling van kinderpornografie, blijkend uit de parlementaire geschiedenis:•Minderjarigen dienen beschermd te worden tegen het seksuele misbruik dat bij de vervaardiging plaatsvindt;•Minderjarigen dienen beschermd te worden tegen het in omloop brengen van het materiaal waarop ze seksueel misbruikt worden;•Minderjarigen dienen beschermd te worden tegen materiaal dat misbruik inhoudt of suggereert. Dit materiaal kan dienen om minderjarigen aan te moedigen of te verleiden deel te nemen aan seksueel gedrag.•De subcultuur die seksueel misbruik van minderjarigen bevordert of als normaal en acceptabel probeert voor te stellen dient als zodanig te worden bestreden.

    Wetgeving

    • Staatscourant
    • College van procureurs-generaal
    • Sexting
    • Kinderporno
    • Minderjarigen
    • Zedendelict
    • Seksueel misbruik
    • Nederlands
  9. Taal Nederlands College van procureurs-generaal SAMENVATTING Deze aanwijzing geeft een kader en regels voor de strafrechtelijke aanpak van zedenzaken zoals genoemd in Boek 2 titel XIV van het Wetboek van Strafrecht.Uitgangspunten zijn: •Het ...

    SAMENVATTING Deze aanwijzing geeft een kader en regels voor de strafrechtelijke aanpak van zedenzaken zoals genoemd in Boek 2 titel XIV van het Wetboek van Strafrecht.Uitgangspunten zijn:•Het schenden van in het strafrecht neergelegde normen vraagt in beginsel om correctie, afkeuring en herstel van de geleden schade. Het strafrecht is in beginsel repressief van aard, maar kan – gecombineerd met andere interventies en op voldoende selectieve wijze ingezet – bijdragen aan veiligheid en het voorkómen van herhaling.•De belangen van slachtoffers wegen zwaar mee bij de afweging of en zo ja hoe in een zeden zaak strafrechtelijk opgetreden moet worden door of onder verantwoordelijkheid van het openbaar ministerie. De veiligheid van slachtoffers en de risico’s op herhaald slachtofferschap en herhaald daderschap worden hierbij steeds goed voor ogen gehouden. Veiligheids- en risicotaxatie vormen derhalve in alle stadia van opsporing en vervolging een belangrijke leidraad voor (prioritering van) handelen;•Waar het belang van waarheidsvinding botst met het belang van behoud en versterking van veerkracht van slachtoffers worden deze belangen steeds zorgvuldig tegen elkaar afgewogen om te voorkomen dat het strafrechtelijk onderzoek leidt tot schade bij slachtoffers en anderen.•Het openbaar ministerie handelt in samenwerking en samenhang met de relevante netwerkpartners. Ook in het netwerkverband houdt het openbaar ministerie de belangen van slachtoffers en anderen (waarborg veiligheid en behoud en versterken veerkracht) nadrukkelijk voor ogen. Daartoe wordt het (sociale) systeem rondom zowel het slachtoffer als de (kwetsbare) verdachte of dader betrokken.

    Wetgeving

    • Staatscourant
    • College van procureurs-generaal
    • Incest
    • Slachtofferschap
    • Seksuele uitbuiting
    • Psychische schade
    • Veiligheidssituatie
    • Aangifte
    • Zedendelict
    • Nederlands
  10. Taal Nederlands 1 College van procureurs-generaal De richtlijn is van toepassing op gevallen van mensenhandel in de zin van artikel 273f van het Wetboek van Strafrecht, met uitzondering van mensenhandel met het oogmerk van orgaanverwijdering ...

    De richtlijn is van toepassing op gevallen van mensenhandel in de zin van artikel 273f van het Wetboek van Strafrecht, met uitzondering van mensenhandel met het oogmerk van orgaanverwijdering.Eerst worden in deze richtlijn de basiseisen van de diverse vormen van uitbuiting uitgewerkt (seksuele uitbuiting, dienstbaarheid en arbeidsuitbuiting, criminele uitbuiting en gedwongen bedelarij), daarna volgen strafmaat beïnvloedende factoren.Mensenhandel maakt een grove inbreuk op de menselijke waardigheid en de lichamelijke en geestelijke integriteit van slachtoffers. Mensenhandel is een moderne vorm van slavernij. Het delict heeft bovendien een ondermijnend karakter, onder andere door de enorme financiële profijttrekking die daarvan het gevolg is. Mensenhandel heeft hoge prioriteit krijgt in de opsporing en vervolging.De richtlijn geeft duidelijke uitgangspunten voor de te eisen straffen, waarmee de werkbaarheid wordt vergroot en de rechtszekerheid gediend.

    Wetgeving

    • Staatscourant
    • College van procureurs-generaal
    • Criminele uitbuiting
    • Arbeidsuitbuiting
    • Bedelarij
    • Seksuele uitbuiting
    • Nederlands

Pagina's