Trefwoord

  • Lijst van organisaties
  • Minderjarigen
  • Strafrecht
  • Mensenhandel

Door MHW geduid als zeer belangrijk

Resultaten 1 - 9 van totaal 9 resultaten
  1. Taal Nederlands 7 Rechtbank Gelderland De rechtbank Gelderland heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van acht maanden waarvan vier maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren wegens medeplegen van diefstal en mensen ...

    De rechtbank Gelderland heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van acht maanden waarvan vier maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren wegens medeplegen van diefstal en mensenhandel. Verdachte heeft zijn toentertijd 9- en 6-jarige kinderen ingezet om winkeldiefstallen te plegen. De rechtbank oordeelt als volgt.“Verdachte heeft misbruik gemaakt van zijn natuurlijke overwicht als vader en de kwetsbaarheid van zijn nog zeer jonge kinderen. Hij is hierbij volstrekt voorbij gegaan aan de belangen van zijn kinderen, kennelijk ten behoeve van eigen financieel gewin. Door de kinderen op jonge leeftijd het stelen te leren heeft hij hun levens mogelijk blijvend getekend en hen normen bijgebracht die hun kansen op een goede positie in de maatschappij schaden. Dit baart grote zorgen. De rechtbank rekent dit verdachte zwaar aan en acht geen andere straf dan een gevangenisstraf op zijn plaats.”

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Rechtbank Gelderland
    • Minderjarigen
    • Strafrecht
    • Misbruik van natuurlijke overwicht
    • Vader en kinderen
    • Eigen financieel gewin
    • Mensenhandel
    • Integriteit van de kinderen
    • Cambridge
    • Groot-Brittannië
    • Diefstal
    • Gevangenisstraf
    • Nederlands
  2. Taal Nederlands Rechtbank Overijssel De rechtbank Overijssel heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 18 maanden, waarvan 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren wegens mensenhandel, opzettelijk een minderjarig ...

    De rechtbank Overijssel heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 18 maanden, waarvan 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren wegens mensenhandel, opzettelijk een minderjarige onttrekken aan het wettig gezag en het verspreiden van een afbeelding van een seksuele gedraging van een minderjarige. De rechtbank oordeelt als volgt.“Verdachte wist dat dit minderjarige meisje van huis was wegelopen en hij heeft haar welbewust aan het wettig gezag onttrokken gehouden, uitsluitend om er zelf financieel beter van te worden. Bovendien heeft verdachte van dit meisje een pornografische afbeelding verspreid, teneinde extra klanten voor die minderjarige te verwerven. Verdachte is eerder veroordeeld voor geweld- en opiumwetdelicten. Verdachte heeft, enkel om er zelf financieel beter van te worden, een minderjarige vrouw aan het wettige gezag onttrokken en in de prostitutie gebracht. Het is algemeen bekend dat prostitutiewerkzaamheden, vooral als deze onvrijwillig en afgedwongen zijn, psychische schade veroorzaken bij de vrouwen die het moeten ondergaan. Verdachte heeft zich daaraan niets gelegen laten liggen. Hij is volledig voorbij gegaan aan de belangen van de minderjarige en haar directe familieleden, die langere tijd in grote onzekerheid hebben verkeerd over de verblijfplaats en het lot van [slachtoffer].”

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Rechtbank Overijssel
    • Minderjarigen
    • Strafrecht
    • Minderjarig
    • Kinderpornografie
    • Psychische schade
    • Mensenhandel
    • Onttrekking aan wettig gezag
    • Wegloper
    • Persoonlijkheidsstoornissen
    • Prostitutie
    • Seksuele handelingen
    • Nederlands
  3. Taal Nederlands Rechtbank Overijssel De rechtbank Overijssel heeft verdachte veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 weken met een proeftijd van 2 jaar wegens plegen en medeplegen van mensenhandel van een minderjarig meisj ...

    De rechtbank Overijssel heeft verdachte veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 weken met een proeftijd van 2 jaar wegens plegen en medeplegen van mensenhandel van een minderjarig meisje. De rechtbank oordeelt als volgt.“Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het plegen en medeplegen van mensenhandel door een minderjarige meisje mee te nemen naar haar woning en in haar, verdachtes, woning te laten verblijven, zodat deze minderjarige vanuit die woning de prostitutie kon uitoefenen. Verdachte heeft ook een klant voor die minderjarige geregeld. Hoewel dit op zichzelf ernstige feiten zijn, weegt de rechtbank in het voordeel van verdachte mee dat zij die feiten gedurende slechts enkele dagen heeft gepleegd en de rechtbank niet de overtuiging heeft gekregen dat verdachte die feiten heeft gepleegd met het oogmerk om de minderjarige uit te buiten.”

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Rechtbank Overijssel
    • Minderjarigen
    • Strafrecht
    • Minderjarig
    • Voorwaardelijke gevangenisstraf
    • Geen oogmerk om minderjarige uit te buiten
    • Mensenhandel
    • Prostitutie
    • Medeplegen
    • Nederlands
  4. Language Dutch 12 reads Court of Gelderland De rechtbank Gelderland heeft verdachte veroordeeld tot zes maanden en drie dagen jeugddetentie waarvan zes maanden voorwaardelijk en een werkstraf van 180 uren wegens mensenhandel en bezit van kinderporno. De r ...

    De rechtbank Gelderland heeft verdachte veroordeeld tot zes maanden en drie dagen jeugddetentie waarvan zes maanden voorwaardelijk en een werkstraf van 180 uren wegens mensenhandel en bezit van kinderporno. De rechtbank oordeelt als volgt.“Verdachte heeft zijn destijds vijftienjarige vriendin, het slachtoffer, er onder meer toe heeft gebracht zich beschikbaar te stellen om tegen betaling seksuele handelingen met derden te verrichten en heeft daarvan voordeel heeft getrokken. Dit is te kwalificeren als mensenhandel. Voorts heeft verdachte kinderpornografische afbeeldingen van het slachtoffer vervaardigd, verspreid en in het bezit gehad.Mensenhandel is een ernstige vorm van criminaliteit. Het leed en de gevolgen voor de slachtoffers zijn groot. De ingrijpende gevolgen die de bewezenverklaarde feiten voor het slachtoffer hebben gehad, zijn tot uitdrukking gebracht in de ter terechtzitting voorgedragen slachtofferverklaring. Verdachte en het slachtoffer hadden een relatie. Verdachte had -als 19 jarige jongen- een overwicht op het 15-jarige slachtoffer dat geen ‘nee’ durfde te zeggen. Bovendien wilde het slachtoffer verdachte niet kwijt en deed zij wat hij haar zei. Op verdachtes initiatief gingen ze naar seksshops, een sekssauna en een seksbioscoop. Verdachte vroeg aan aangeefster om seks met anderen te hebben (tegen betaling). Verdachte maakte foto’s van aangeefster voor advertenties op internet. Verdachte maakte de afspraken met klanten en bracht het slachtoffer naar de klanten/locaties toe.”

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Rechtbank Gelderland
    • Minderjarigen
    • Strafrecht
    • Minderjarigen
    • Verminderd ontoerekeningsvatbaar
    • Zwakbegaafde jongvolwassene
    • Mensenhandel
    • Adolescentenstrafrecht
    • Seksuele handelingen
    • Kinderporno
    • Nederlands
  5. Taal Nederlands Rechtbank Midden-Nederland De rechtbank Midden-Nederland heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 48 maanden waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren wegens ontucht, mensenhandel, groomin ...

    De rechtbank Midden-Nederland heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 48 maanden waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren wegens ontucht, mensenhandel, grooming en kinderporno. De rechtbank oordeelt als volgt.“Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het plegen van ingrijpende ontuchtige handelingen met een aantal minderjarige meisjes, grooming, mensenhandel en het bezit van kinderporno. De slachtoffers waren steeds kwetsbare minderjarige meisjes, waarbij er sprake was van een aanzienlijk leeftijdsverschil tussen verdachte en de meisjes. Door de wetgever is de geestelijke en lichamelijke integriteit van jeugdigen uitdrukkelijk beschermd, onder meer op de grond dat zij op seksueel gebied nog niet volgroeid zijn en dat zij worden geacht niet zelfstandig de emotionele gevolgen van seksueel contact voldoende te kunnen overzien. Handelingen zoals de verdachte die heeft gepleegd, vormen een ernstige inbreuk op de lichamelijke integriteit van de slachtoffers en kunnen, naar de ervaring leert, leiden tot blijvende psychische schade. Dat ook bij de slachtoffers sprake is van psychische schade blijkt, naast hun verklaringen in het dossier, uit de ter terechtzitting besproken onderbouwing van de schadevorderingen en de slachtofferverklaringen. Hieruit wordt duidelijk dat de slachtoffers nog steeds op verschillende manieren last hebben van hetgeen hun is overkomen. Verdachte heeft naar het oordeel van de rechtbank op geen enkele wijze rekening gehouden met de mogelijke nadelige gevolgen van zijn handelen voor de slachtoffers. Hij heeft uitsluitend oog gehad voor zijn eigen belang en de bevrediging van zijn eigen seksuele behoeften. Door zijn handelwijze heeft verdachte de lichamelijke integriteit van de slachtoffers in ernstige mate aangetast en hun seksuele ontwikkeling verstoord.”

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Rechtbank Midden-Nederland
    • Minderjarigen
    • Strafrecht
    • Ontuchtige Handelingen
    • Inbreuk op lichamelijke integriteit
    • Psychische schade
    • Mensenhandel
    • Inbreuk op geestelijke integriteit
    • Bezit kinderporno
    • Emotionele gevolgen
    • Verstoorde seksuele ontwikkeling
    • Grooming
    • Ontucht
    • Nederlands
  6. Taal Nederlands Rechtbank Gelderland De rechtbank Gelderland heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 8 maanden, waarvan 4 voorwaardelijk wegens uitbuiting van haar minderjarige kinderen. De rechtbank oordeelt als volgt. “ Ve ...

    De rechtbank Gelderland heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 8 maanden, waarvan 4 voorwaardelijk wegens uitbuiting van haar minderjarige kinderen. De rechtbank oordeelt als volgt.“Verdachte heeft misbruik gemaakt van haar natuurlijke overwicht als moeder en de kwetsbaarheid van haar nog zeer jonge kinderen. Zij is hierbij volstrekt voorbij gegaan aan de belangen van haar kinderen, kennelijk ten behoeve van eigen financieel gewin. Door de kinderen op jonge leeftijd het stelen te leren heeft zij hun levens mogelijk blijvend getekend en hun normen bijgebracht die hun kansen op een goede positie in de maatschappij nu al schaden. Dit baart grote zorgen. De rechtbank rekent dit verdachte zwaar aan en acht geen andere straf dan een gevangenisstraf op zijn plaats.”

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Rechtbank Gelderland
    • Minderjarigen
    • Strafrecht
    • Misbruik van kwetsbare postitie
    • Mensenhandel
    • Uitbuiting
    • Minderjarig
    • Nederlands
  7. Taal Nederlands Rechtbank Noord-Nederland De rechtbank Noord-Nederland heeft de verdachte vrijgesproken vanwege het ontbreken van wettig en overtuigend bewijs. De rechtbank oordeelt als volgt. “ Ten aanzien van het onder 1 en 2 ten laste ge ...

    De rechtbank Noord-Nederland heeft de verdachte vrijgesproken vanwege het ontbreken van wettig en overtuigend bewijs. De rechtbank oordeelt als volgt.“Ten aanzien van het onder 1 en 2 ten laste gelegde overweegt de rechtbank dat kan worden vastgesteld dat verdachte een relatie met aangeefster is aangegaan, dat aangeefster werkzaamheden voor de webcam heeft verricht en dat de verdiensten van die werkzaamheden mede ten goede zijn gekomen van verdachte. Dit is zowel door aangeefster als verdachte verklaard. Dat er bij het uitoefenen van de even bedoelde werkzaamheden van de zijde van verdachte sprake is geweest van dwang, (dreiging met) geweld, (dreiging met) andere feitelijkheden, misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht of misbruik van een kwetsbare positie kan alleen worden afgeleid uit de verklaring van aangeefster. Haar verklaring wordt op deze onderdelen naar het oordeel van de rechtbank niet ondersteund door overige bewijsmiddelen. Op het moment dat aangeefster een relatie met verdachte aanging was er geen sprake van een kwetsbare positie van aangeefster. Zij had werk en woonruimte en heeft vrijwillig de keus gemaakt om haar toen bestaande relatie te verbreken. Ook nadien is niet van een dergelijke kwetsbare positie gebleken. Aangeefster had regelmatig contact met haar vader en zus en werd bovendien financieel door hen ondersteund als zij daarom vroeg. Niet is gebleken van andere omstandigheden, bijvoorbeeld psychische problematiek, op grond waarvan zou moeten worden aangenomen er sprake was van misbruik van omstandigheden. Van een feitelijke opsluiting van aangeefster of tegen haar gepleegd geweld is evenmin gebleken.”

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Rechtbank Noord-Nederland
    • Minderjarigen
    • Strafrecht
    • Geen kwetsbare positie
    • Mensenhandel
    • Vrijspraak
    • Vrijwillig
    • Nederlands
  8. 108 reads Arnhem-Leeuwarden Court of Justice Language Dutch Verdachte is door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld voor een gevangenisstraf van tien maanden, waarvan vier voorwaardelijk. Het Openbaar Ministerie eiste 24 maanden onvoorwaardelijke ...

    Verdachte is door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld voor een gevangenisstraf van tien maanden, waarvan vier voorwaardelijk. Het Openbaar Ministerie eiste 24 maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf tegen verdachte. Volgens het hof heeft verdachte zich enkel schuldig gemaakt aan mensenhandel in de zin van art. 273, lid1, sub 3 WvSr en art. 273, lid 1, sub 5 WvSr:'Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het faciliteren van prostitutie door een minderjarig meisje uit het buitenland. Hij heeft haar vervoerd naar klanten. Door aldus te handelen heeft verdachte inbreuk gemaakt op de lichamelijke en geestelijke integriteit en persoonlijke vrijheid van dit jonge meisje. Verdachte heeft daarnaast een (meerderjarige) vrouw vanuit het buitenland naar Nederland vervoerd, terwijl hij wist dat zij hier in de prostitutie zou gaan werken.'Het hof is van oordeel dat wegens onvoldoende ondersteunend bewijsmateriaal niet is vast komen te staan dat er sprake is geweest van mensenhandel zoals bedoeld in artikel 273f lid 1, sub 1, 4, 6 en 9 van het Wetboek van Strafrecht. Het hof over de hoogte van de straf en het bewezenverklaarde: 'Mensenhandel is een ernstig feit. Het hof zal er bij de strafoplegging echter rekening mee houden dat het faciliteren van de prostitutie in dit geval enkel bestond uit het vervoeren van het minderjarige slachtoffer naar klanten, terwijl voorts niet is bewezen dat verdachte heeft geprofiteerd van haar verdiensten. Voor wat betreft het vervoer van de meerderjarige prostituee vanuit het buitenland, overweegt het hof dat dit weliswaar een strafbaar feit oplevert, maar dat dit in het concrete geval een minder zware vorm van mensenhandel betreft.'Twee medeverdachten in de zaak zijn vrijgesproken voor alle tenlastegelegde punten inzake mensenhandel. Een andere medeverdachte is veroordeeld voor de duur van 6 maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf wegens mensenhandel zoals bedoeld in art. 273f lid 1, sub 5 WvSr. Over de hoogte van de straf en het bewezenverklaarde oordeelde het hof als volgt:'Mensenhandel is een ernstig feit. Het hof zal er bij de strafoplegging echter rekening mee houden dat het faciliteren van de prostitutie in dit geval enkel bestond uit het vervoeren van het minderjarige slachtoffer naar klanten, terwijl voorts niet is bewezen dat verdachte heeft geprofiteerd van haar verdiensten.'  

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Nederland
    • Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
    • Minderjarigen
    • Mensenhandel
    • Vrijspraak
    • Jeugdprostitutie
    • Nederlands
  9. 90 reads Court of Rotterdam Language Dutch Verdachte, een 57-jarige Surinaamse Nederlander, is door de rechtbank Rotterdam veroordeeld tot een gevangenisstraf van zes jaar voor mensenhandel en uitbuiting. De rechtbank acht bewezen dat hij zijn dochter, pl ...

    Verdachte, een 57-jarige Surinaamse Nederlander, is door de rechtbank Rotterdam veroordeeld tot een gevangenisstraf van zes jaar voor mensenhandel en uitbuiting. De rechtbank acht bewezen dat hij zijn dochter, pleeg- en stiefdochter heeft aangezet tot het hebben van seks tegen betaling en dat hij daar zelf financieel voordeel van gehad heeft. In de strafmotivering sprak de rechtbank haar verontwaardiging uit over de ernst van de gepleegde feiten en de hoogte van de straf die daarbij toepasselijk is:   'De verdachte heeft zich samen met zijn vrouw met betrekking tot zijn dochter [slachtoffer 3] en zijn twee pleegdochters[slachtoffer 2] en [slachtoffer 1] schuldig gemaakt aan mensenhandel, een moderne vorm van slavernij. Door deze meisjes alle drie vanaf hun tienerjaren in een sociaal isolement te brengen en van school te houden zijn zij uiteindelijk na forse beïnvloeding direct na hun 18de verjaardag in de prostitutie gaan werken. Alsof dit niet erg genoeg is werden zij verplicht om hun verdiensten van dit werk af te dragen aan de verdachte en zijn vrouw.'En:'Juist door het vaak mensonterende karakter van deze feiten, is er ook sprake van maatschappelijke verontwaardiging. De ernst van de feiten rechtvaardigt zonder meer een gevangenisstraf voor lange duur.' De rechtbank acht niet bewezen dat verdachte zijn drie dochters zelf seksueel heeft misbruikt. De rechtbank is het met de verdediging eens dat er  onvoldoende ondersteunend bewijs is voor de verklaringen van de slachtoffers omtrent het seksueel misbruik. Gelet op de unus testis, nullus testis-regel van artikel 342, lid 2, Wetboek van Strafvordering, heeft de rechtbank verdachte vrijgesproken van seksueel misbruik van zijn dochters:'De rechtbank is tot de conclusie gekomen dat ondersteunend bewijs voor elk van de aangiftes voor wat betreft de zedendelicten ontbreekt. Er zijn in het dossier weliswaar enkele verklaringen opgenomen van getuigen die op enig moment van het misbruik hebben vernomen, maar daarvoor geldt dat die kennis rechtstreeks van een van de aangeefsters afkomstig was en daarmee niet als bevestiging door een derde kan worden gezien.'   .  

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Nederland
    • Rechtbank Rotterdam
    • Minderjarigen
    • Mensenhandel
    • Seksueel misbruik
    • Jeugdprostitutie
    • Nederlands