• Jurisprudentie
  • Hotelprostitutie

Pagina's

Resultaten 1 - 10 van totaal 28 resultaten
  1. Taal Nederlands Rechtbank Limburg De rechtbank Limburg heeft op 26 april 2016 verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 1 dag en een taakstraf van 240 uren wegens seks met een minderjarige prostituee. De rechtbank oordeelt als volgt ...

    De rechtbank Limburg heeft op 26 april 2016 verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 1 dag en een taakstraf van 240 uren wegens seks met een minderjarige prostituee.De rechtbank oordeelt als volgt: "Voor jeugdprostitutie is een onvoorwaardelijke gevangenisstraf het uitgangspunt. De rechtbank vindt die in elk geval op haar plaats als de verdachte bewust ontucht wilde plegen met een minderjarige. De rechtbank houdt er echter rekening mee dat uit het strafdossier niet kan worden afgeleid dat verdachte bewust op zoek was naar een seksafspraak met een meisje dat jonger was dan 18 jaar. Hij reageerde op een advertentie op een website waar bij het profiel van het meisje de leeftijd van 18 jaar stond vermeld. Daarvan had verdachte zich echter moeten vergewissen, Dat heeft hij nagelaten en zo is hij in werkelijkheid terechtgekomen bij het minderjarige slachtoffer en daarvoor draagt hij verantwoordelijkheid. Zonder ook maar iets af te doen aan de ernst van het strafbare feit en de gevolgen voor het slachtoffer, is het verwijt dat verdachte kan worden gemaakt beperkter dan in het geval dat hij wel bewust op zoek was gegaan naar een minderjarige of wist dat zij minderjarig was. Daarnaast weegt de rechtbank mee dat verdachte een blanco strafblad heeft en dat de reclassering het recidiverisico inschat als laag.Gelet op deze omstandigheden acht de rechtbank anders dan de officier van justitie een onvoorwaardelijke gevangenisstraf een te zware strafmodaliteit. De rechtbank is in overeenstemming met uitspraken in vergelijkbare zaken van oordeel dat een taakstraf al dan niet in combinatie met een voorwaardelijke gevangenisstraf het meest passend is. Op grond van het bepaalde in artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht is deze strafmodaliteit voor jeugdprostitutie echter niet meer mogelijk. Artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht sluit immers uit dat de rechtbank (onder meer) voor dit feit kan volstaan met het opleggen van een enkele taakstraf. Daarom zal de rechtbank kiezen voor een in haar ogen minder bevredigende oplossing, namelijk een gevangenisstraf voor de duur van één dag in combinatie met een taakstraf. Tegen een dergelijk gecombineerde straf verzet artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht zich niet.Dit alles brengt mee dat de rechtbank een gevangenisstraf zal opleggen voor de duur van één dag in combinatie met een taakstraf van 240 uur."

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Rechtbank Limburg
    • Hotelprostitutie
    • Valkenburgse zedenzaak
    • Gedwongen prostitutie
    • Prostituee
    • Minderjarige
    • Prostituant (klant)
    • Nederlands
  2. Language Dutch 3 reads Court of Noord-Holland De rechtbank Noord-Holland heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 24 maanden wegens mensenhandel. De rechtbank oordeelt als volgt: "Bij de beslissing over de straf die aan verdachte moet ...

    De rechtbank Noord-Holland heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 24 maanden wegens mensenhandel.De rechtbank oordeelt als volgt: "Bij de beslissing over de straf die aan verdachte moet worden opgelegd, heeft de rechtbank zich laten leiden door de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan, alsmede de persoon van verdachte, zoals van een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken. In het bijzonder heeft de rechtbank het volgende in aanmerking genomen.Verdachte heeft zich meermalen schuldig gemaakt aan mensenhandel jegens [slachtoffer] . In augustus 2008 heeft hij haar overgebracht naar België, met het oogmerk haarin België ertoe te brengen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met en/of voor een derde tegen betaling. Jaren later, wanneer [slachtoffer] opnieuw contact met verdachte krijgt, heeft hij haar prostitutiewerkzaamheden laten verrichten in diverse hotels en daarna in een woonhuis en van het inkomen dat zij met deze werkzaamheden verdiende geprofiteerd. Wanneer [slachtoffer] lastig deed of werk weigerde, oefende verdachte (ernstig) geweld op haar uit, waarbij de zware mishandeling op 25 april 2015 het meest in het oog springt. Anderzijds spiegelde hij haar een toekomst samen voor, terwijl hij ondertussen en zonder medeweten van [slachtoffer] , een relatie met een andere vrouw onderhield.Mensenhandel is een vergaande manier van uitbuiting waarbij een zeer ernstige inbreuk wordt gemaakt op fundamentele rechten als menselijke waardigheid en persoonlijke vrijheid. Verdachte heeft de lichamelijke en geestelijke integriteit van [slachtoffer] volledig miskend en zijn eigen financiële gewin op de voorgrond gesteld.Gelet op de ernst van de feiten acht de rechtbank oplegging van een gevangenisstraf van aanzienlijke duur passend en geboden. De rechtbank zal de straf die door de officier van justitie is geëist, gelet op de vrijspraak van het onder feit 1 ten laste gelegde, matigen en deels voorwaardelijk opleggen, nu zij de noodzaak aanwezig acht om verdachte – gelet op het tijdsverloop tussen de bewezenverklaarde feiten – in de toekomst te weerhouden zich opnieuw schuldig te maken aan enig strafbaar feit.Alles afwegende is de rechtbank van oordeel dat een vrijheidsbenemende straf van na te noemen duur moet worden opgelegd."

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Rechtbank Noord-Holland
    • Hotelprostitutie
    • Raamprostitutie
    • Prostituee
    • Ernstige mishandeling
    • Seksuele uitbuiting
    • Nederlands
  3. Taal Nederlands Rechtbank Midden-Nederland De rechtbank Midden-Nederland heeft de exploitatievergunning van eiser ingetrokken en het hotel gesloten. Verweerder heeft aan het bestreden besluit ten grondslag gelegd dat in het hotel illegale p ...

    De rechtbank Midden-Nederland heeft de exploitatievergunning van eiser ingetrokken en het hotel gesloten. Verweerder heeft aan het bestreden besluit ten grondslag gelegd dat in het hotel illegale prostitutie is geconstateerd.

    Jurisprudentie

    • Bestuursrecht
    • Rechtbank Midden-Nederland
    • Strafrecht
    • Hotelprostitutie
    • Exploitatie
    • Bestuursrecht
    • Exploitatievergunning
    • Illegale prostitutie
    • Mensenhandel
    • Prostitutie
    • Nederlands
  4. Rechtbank Limburg Taal Nederlands Uitspraak in de 'Valkenburgse zedenzaak'. De rechtbank Limburg veroordeelt verdachte (klant) tot een gevangenisstraf van 1 dag en een taakstraf van 120 uren wegens het plegen van ontucht met een m ...

    Uitspraak in de 'Valkenburgse zedenzaak'.De rechtbank Limburg veroordeelt verdachte (klant) tot een gevangenisstraf van 1 dag en een taakstraf van 120 uren wegens het plegen van ontucht met een minderjarig meisje van zestien in de prostitutie. De rechtbank oordeelt als volgt:'Verdachte maakt deel uit van de groep jeugdprostitutieklanten die terecht staat in de zogenaamde ‘Valkenburgse zedenzaak’. De rechtbank realiseert zich dat dit een grote impact heeft op de levens van àlle betrokkenen. In de eerste en voornaamste plaats op dat van het minderjarige slachtoffer en haar naasten. Dat verwoordt zij ook in de slachtofferverklaring die ter terechtzitting is voorgelezen. Daarnaast heeft de zaak van begin af aan kunnen rekenen op bijzonder veel publiciteit. De rechtbank kan zich voorstellen dat dit ook belastend is voor de verdachten en hun directe omgeving, althans voor zover die door verdachten op de hoogte is gebracht.'En:'Bij jeugdprostitutie is een onvoorwaardelijke gevangenisstraf het uitgangspunt. De rechtbank vindt die in elk geval op haar plaats als de verdachte bewust ontucht met een minderjarige wilde plegen. De rechtbank houdt er echter rekening mee dat uit het strafdossier niet kan worden afgeleid dat verdachte bewust op zoek was naar een seksafspraak met een meisje dat jonger was dan 18 jaar. Hij reageerde op een advertentie op een website waar bij het profiel van het meisje de leeftijd van 18 jaar stond vermeld en hij heeft bij de politie verklaard dat hij dacht dat alles in orde was en dat het niet bij hem was opgekomen om te vragen naar haar leeftijd noch naar haar identiteitskaart. Verdachte had zich echter van haar leeftijd moeten vergewissen. Dat heeft hij nagelaten en zo is hij in werkelijkheid terechtgekomen bij het minderjarige slachtoffer en daarvoor draagt hij verantwoordelijkheid. Zonder ook maar iets af te doen aan de ernst van het strafbare feit en de gevolgen voor het slachtoffer, is het verwijt dat deze verdachte kan worden gemaakt minder groot dan in het geval dat iemand wel bewust op zoek is gegaan naar een minderjarige of wist dat zij minderjarig was. Daarnaast weegt de rechtbank mee dat dat verdachte een blanco strafblad heeft en dat de reclassering het recidiverisico inschat als laag.'En:'Gelet op deze omstandigheden acht de rechtbank anders dan de officier van justitie een onvoorwaardelijke gevangenisstraf een te zware strafmodaliteit. De rechtbank is van oordeel dat in dit geval een taakstraf in combinatie met een voorwaardelijke gevangenisstraf het meest passend zou zijn. Op grond van het bepaalde in artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht is deze strafmodaliteit voor jeugdprostitutie echter niet meer mogelijk. Artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht sluit immers uit dat de rechtbank (onder meer) voor dit feit niet kan volstaan met het opleggen van een enkele taakstraf. Daarom zal de rechtbank kiezen voor een in haar ogen minder bevredigende oplossing, namelijk een gevangenisstraf voor de duur van één dag in combinatie met een taakstraf. Tegen een dergelijk gecombineerde straf verzet artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht zich niet.'

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Nederland
    • Rechtbank Limburg
    • Strafrecht
    • Jeugdprostitutie
    • Hotelprostitutie
    • Valkenburgse zedenzaak
    • Minderjarige
    • Nederlands
  5. Rechtbank Limburg Taal Nederlands Uitspraak in de 'Valkenburgse zedenzaak'. De rechtbank Limburg veroordeelt verdachte (klant) tot een gevangenisstraf van 1 dag en een taakstraf van 210 uren wegens het plegen van ontucht met een m ...

    Uitspraak in de 'Valkenburgse zedenzaak'.De rechtbank Limburg veroordeelt verdachte (klant) tot een gevangenisstraf van 1 dag en een taakstraf van 210 uren wegens het plegen van ontucht met een minderjarig meisje van zestien in de prostitutie. De rechtbank oordeelt als volgt:'Verdachte maakt deel uit van de groep jeugdprostitutieklanten die terecht staat in de zogenaamde ‘Valkenburgse zedenzaak’. De rechtbank realiseert zich dat deze zaak een grote impact heeft op de levens van àlle betrokkenen. In de eerste en voornaamste plaats op dat van het minderjarige slachtoffer en haar naasten. Dat verwoordt zij ook in haar slachtofferverklaring. Daarnaast heeft de zaak van begin af aan kunnen rekenen op bijzonder veel publiciteit. De rechtbank kan zich voorstellen dat dit ook belastend is voor verdachten en hun directe omgeving, althans voor zover die door verdachten op de hoogte is gebracht.'En:'Bij jeugdprostitutie is een onvoorwaardelijke gevangenisstraf het uitgangspunt. De rechtbank vindt die in elk geval op haar plaats als de verdachte bewust ontucht met een minderjarige wilde plegen. De rechtbank houdt er echter rekening mee dat uit het strafdossier niet kan worden afgeleid dat verdachte bewust op zoek was naar een seksafspraak met een meisje dat jonger was dan 18 jaar. Hij reageerde op een advertentie op een website waar bij het profiel van het meisje de leeftijd van 18 jaar stond vermeld en volgens zijn verklaring zag het meisje er volwassen uit en was zij naar zijn mening 19 jaar oud. Daarvan had verdachte zich echter moeten vergewissen. Dat heeft hij nagelaten en zo is hij in werkelijkheid terechtgekomen bij het minderjarige slachtoffer en daarvoor draagt hij verantwoordelijkheid. Zonder ook maar iets af te doen aan de ernst van het strafbare feit en de gevolgen voor het slachtoffer, is het verwijt dat deze verdachte kan worden gemaakt minder groot dan in het geval dat iemand welbewust op zoek is gegaan naar een minderjarige of wist dat zij minderjarig was. Daarnaast weegt de rechtbank mee dat dat verdachte een blanco strafblad heeft en dat de reclassering het recidiverisico inschat als laag.'En:'Gelet op deze omstandigheden acht de rechtbank anders dan de officier van justitie een onvoorwaardelijke gevangenisstraf een te zware strafmodaliteit. De rechtbank is van oordeel dat in dit geval een taakstraf in combinatie met een voorwaardelijke gevangenisstraf het meest passend zou zijn. Op grond van het bepaalde in artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht is deze strafmodaliteit voor jeugdprostitutie echter niet meer mogelijk. Artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht sluit immers uit dat de rechtbank (onder meer) voor dit feit niet kan volstaan met het opleggen van een enkele taakstraf. Daarom zal de rechtbank kiezen voor een in haar ogen minder bevredigende oplossing, namelijk een gevangenisstraf voor de duur van één dag in combinatie met een taakstraf. Tegen een dergelijk gecombineerde straf verzet artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht zich niet. Bij het bepalen van de hoogte van de taakstraf betrekt de rechtbank in strafverzwarende zin dat verdachte bij zijn bezoek aan het slachtoffer tegen haar heeft gezegd dat hij politieman was, terwijl hij in werkelijkheid in de bouw werkt. De rechtbank rekent dit verdachte aan omdat een dergelijk misplaatste opmerking het slachtoffer onterecht angst of ontzag kan aanjagen. Verdachte heeft bij de politie verklaard dat zijn opmerking als grap was bedoeld, maar gezien de verklaring van het slachtoffer is het bij haar als waarachtige mededeling overgekomen.'

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Nederland
    • Rechtbank Limburg
    • Strafrecht
    • Jeugdprostitutie
    • Hotelprostitutie
    • Valkenburgse zedenzaak
    • Minderjarige
    • Nederlands
  6. Rechtbank Limburg Taal Nederlands Uitspraak in de 'Valkenburgse zedenzaak'. De rechtbank Limburg veroordeelt verdachte (klant) tot een gevangenisstraf van 1 dag en een taakstraf van 240 uren wegens het plegen van ontucht met een m ...

    Uitspraak in de 'Valkenburgse zedenzaak'.De rechtbank Limburg veroordeelt verdachte (klant) tot een gevangenisstraf van 1 dag en een taakstraf van 240 uren wegens het plegen van ontucht met een minderjarig meisje van zestien in de prostitutie. De rechtbank oordeelt als volgt:'Verdachte maakt deel uit van de groep jeugdprostitutieklanten die terecht staat in de zogenaamde ‘Valkenburgse zedenzaak’. De rechtbank realiseert zich dat deze zaak een grote impact heeft op de levens van àlle betrokkenen. In de eerste en voornaamste plaats op dat van het minderjarige slachtoffer en haar naasten. Dat verwoordt zij ook in haar slachtofferverklaring. Daarnaast heeft de zaak van begin af aan kunnen rekenen op bijzonder veel publiciteit. De rechtbank kan zich voorstellen dat dit ook belastend is voor verdachten en hun directe omgeving, althans voor zover die door verdachten op de hoogte is gebracht.'En:'Voor jeugdprostitutie is een onvoorwaardelijke gevangenisstraf het uitgangspunt. De rechtbank vindt die in elk geval op haar plaats als de verdachte bewust ontucht met een minderjarige wilde plegen. De rechtbank houdt er echter rekening mee dat uit het strafdossier niet kan worden afgeleid dat verdachte bewust op zoek was naar een seksafspraak met een meisje dat jonger was dan 18 jaar. Hij reageerde op een advertentie op een website waar bij het profiel van het meisje de leeftijd van 18 jaar stond vermeld en volgens zijn verklaring ter terechtzitting zei zij toen hij haar naar haar leeftijd vroeg ‘zonder te twijfelen’ dat ze 18 was. Verdachte verklaarde verder dat haar antwoord zo overtuigend was, dat hij niet naar haar legitimatie heeft gevraagd. Verdachte had zich echter van haar meerderjarigheid moeten vergewissen. Dat heeft hij nagelaten en zo is hij in werkelijkheid terechtgekomen bij het minderjarige slachtoffer en daarvoor draagt hij verantwoordelijkheid. Zonder ook maar iets af te doen aan de ernst van het strafbare feit en de gevolgen voor het slachtoffer, is het verwijt dat deze verdachte kan worden gemaakt minder groot dan in het geval dat iemand welbewust op zoek is gegaan naar een minderjarige of wist dat zij minderjarig was.'En:'In strafverzwarende zin weegt de rechtbank mee dat verdachte drie maal seks heeft gehad met de minderjarige. In het voordeel van verdachte houdt de rechtbank rekening met zijn nog jeugdige leeftijd; hij was ten tijden van het delict 21 jaar. De rechtbank heeft geen reden om te twijfelen aan de juistheid van de verklaring van verdachte dat hij op zoek is geweest naar een meisje van zijn eigen leeftijd. Daarnaast heeft verdachte van begin af aan verantwoordelijkheid genomen voor zijn gedrag. Bij de politie is verdachte meteen open geweest over zijn gedragingen en hij is als één van de weinige verdachten in deze zaak op eigen initiatief ter terechtzitting verschenen waar hij zonder terughoudendheid een verklaring heeft afgelegd en inzicht heeft gegeven in zijn beweegredenen. Verdachte maakt daarbij een schuldbewuste indruk en heeft oog voor de gevolgen van zijn handelen op het leven van het slachtoffer. Hij toont zich oprecht in zijn spijtbetuiging. Daarnaast weegt de rechtbank mee dat dat verdachte een blanco strafblad heeft en dat de reclassering het recidiverisico inschat als laag.'

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Nederland
    • Rechtbank Limburg
    • Strafrecht
    • Jeugdprostitutie
    • Hotelprostitutie
    • Valkenburgse zedenzaak
    • Minderjarige
    • Nederlands
  7. Rechtbank Limburg Taal Nederlands Uitspraak in de 'Valkenburgse zedenzaak'. De rechtbank Limburg veroordeelt verdachte (klant) tot een gevangenisstraf van 5 maanden, waarvan 3 voorwaardelijk, wegens het plegen van ontucht met een ...

    Uitspraak in de 'Valkenburgse zedenzaak'.De rechtbank Limburg veroordeelt verdachte (klant) tot een gevangenisstraf van 5 maanden, waarvan 3 voorwaardelijk, wegens het plegen van ontucht met een minderjarig meisje van zestien in de prostitutie. De rechtbank oordeelt als volgt:'Verdachte maakt deel uit van de groep jeugdprostitutieklanten die terecht staat in de ‘Valkenburgse zedenzaak’. De rechtbank realiseert zich dat deze zaak een grote impact heeft op de levens van àlle betrokkenen. In de eerste en voornaamste plaats op dat van het minderjarige slachtoffer en haar naasten. Dat verwoordt zij ook in haar slachtofferverklaring. Daarnaast heeft de zaak van begin af aan kunnen rekenen op bijzonder veel publiciteit. De rechtbank kan zich voorstellen dat dit ook belastend is voor de verdachten en hun directe omgeving, althans voor zover die door verdachten op de hoogte is gebracht.'En:'Verdachte heeft bij de politie over de leeftijd van het meisje verklaard: “Haar leeftijd was voor mij belangrijk omdat zij kennelijk beginnend was en er dus niet honderden mannen overheen waren gegaan”. De rechtbank overweegt daarbij dat verdachte door te zoeken naar een jong en onervaren meisje bewust een risico neemt, namelijk dat hij uitkomt bij een minderjarig meisje. De rechtbank rekent het verdachte daarom zeer zwaar aan dat hij zich vervolgens onvoldoende vergewist van de leeftijd van het slachtoffer. De verklaring van verdachte: “Het was walgelijk om te horen dat het een 16-jarig meisje was. Ik heb gewoon moeten overgeven”, acht de rechtbank in het licht van zijn zojuist aangehaalde uitspraak ongeloofwaardig. Daar komt bij dat verdachte op twee dagen betaalde seks heeft gehad met een minderjarige. Verdachte heeft door zijn handelen de lichamelijke integriteit en de psychische staat van deze minderjarige in ernstige mate geschonden en bijgedragen aan het in stand houden van jeugdprostitutie.'En:'Gelet op het vorenstaande acht de rechtbank alleen een gevangenisstraf - het uitgangspunt bij jeugdprostitutie - passend. Bij het bepalen van de hoogte daarvan weegt de rechtbank mee dat verdachte een blanco strafblad heeft en dat de reclassering het recidiverisico inschat als laag.'

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Nederland
    • Rechtbank Limburg
    • Strafrecht
    • Jeugdprostitutie
    • Hotelprostitutie
    • Valkenburgse zedenzaak
    • Minderjarige
    • Nederlands
  8. Rechtbank Limburg Taal Nederlands Uitspraak in de 'Valkenburgse zedenzaak'. De rechtbank Limburg veroordeelt verdachte (klant) tot een gevangenisstraf van 1 dag en een taakstraf van 150 uren wegens het plegen van ontucht met een m ...

    Uitspraak in de 'Valkenburgse zedenzaak'.De rechtbank Limburg veroordeelt verdachte (klant) tot een gevangenisstraf van 1 dag en een taakstraf van 150 uren wegens het plegen van ontucht met een minderjarig meisje van zestien in de prostitutie. De rechtbank oordeelt als volgt:'Verdachte maakt deel uit van de groep jeugdprostitutieklanten die terecht staat in de ‘Valkenburgse zedenzaak’. De rechtbank realiseert zich dat deze zaak een grote impact heeft op de levens van àlle betrokkenen. In de eerste en voornaamste plaats op dat van het minderjarige slachtoffer en haar naasten. Dat verwoordt zij ook in haar slachtofferverklaring. Daarnaast heeft de zaak van begin af aan kunnen rekenen op bijzonder veel publiciteit. De rechtbank kan zich voorstellen dat dit ook belastend is voor de verdachten en hun directe omgeving, althans voor zover die door verdachten op de hoogte is gebracht.'En:'Voor jeugdprostitutie is een onvoorwaardelijke gevangenisstraf het uitgangspunt. De rechtbank vindt die in elk geval op haar plaats als de veroordeelde bewust ontucht wilde plegen met een minderjarige. De rechtbank houdt er echter rekening mee dat uit het strafdossier in deze zaak niet kan worden afgeleid dat verdachte bewust op zoek was naar een seksafspraak met een meisje dat jonger was dan 18 jaar. Hij reageerde op een advertentie op een website waar bij het profiel van het meisje de leeftijd van 18 jaar stond vermeld en volgens zijn verklaring ter terechtzitting heeft daarop gereageerd omdat naar zijn ervaring prostituees meestal ouder zijn dan de leeftijd waarmee wordt geadverteerd. Hij schatte het slachtoffer rond de 21 jaar en volgens hem kwam zij volwassen over. Bij de politie heeft verdachte verklaard: ‘De dame had borsten van een formaat dat ik dacht dat is 21+’ en op zijn vraag naar haar leeftijd had ze gezegd dat ze ’22, 23 of 24’ jaar was. Daarvan had verdachte zich echter moeten vergewissen. Dat heeft hij nagelaten en zo is hij in werkelijkheid terechtgekomen bij het minderjarige slachtoffer en daarvoor draagt hij verantwoordelijkheid. Zonder ook maar iets af te doen aan de ernst van het strafbare feit en de gevolgen voor het slachtoffer, is het verwijt dat verdachte kan worden gemaakt minder groot dan in het geval dat iemand welbewust op zoek is gegaan naar een minderjarige of wist dat zij minderjarig was. Daarnaast weegt de rechtbank mee dat dat verdachte een blanco strafblad heeft en dat de reclassering het recidiverisico inschat als laag.'En:'Gelet op deze omstandigheden acht de rechtbank anders dan de officier van justitie een onvoorwaardelijke gevangenisstraf een te zware strafmodaliteit. De rechtbank is in overeenstemming met uitspraken in vergelijkbare zaken van oordeel dat een taakstraf al dan niet in combinatie met een voorwaardelijke gevangenisstraf het meest passend is. Op grond van het bepaalde in artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht is deze strafmodaliteit voor jeugdprostitutie echter niet meer mogelijk. Artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht sluit immers uit dat de rechtbank (onder meer) voor dit feit niet kan volstaan met het opleggen van een enkele taakstraf. Daarom zal de rechtbank kiezen voor een in haar ogen minder bevredigende oplossing, namelijk een gevangenisstraf voor de duur van één dag in combinatie met een taakstraf. Tegen een dergelijk gecombineerde straf verzet artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht zich niet.'

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Nederland
    • Rechtbank Limburg
    • Strafrecht
    • Jeugdprostitutie
    • Hotelprostitutie
    • Valkenburgse zedenzaak
    • Minderjarige
    • Nederlands
  9. Rechtbank Limburg Taal Nederlands Uitspraak in de 'Valkenburgse zedenzaak'. De rechtbank Limburg veroordeelt verdachte (klant) tot een gevangenisstraf van 1 dag en een taakstraf van 150 uren wegens het plegen van ontucht met een m ...

    Uitspraak in de 'Valkenburgse zedenzaak'.De rechtbank Limburg veroordeelt verdachte (klant) tot een gevangenisstraf van 1 dag en een taakstraf van 150 uren wegens het plegen van ontucht met een minderjarig meisje van zestien in de prostitutie. De rechtbank oordeelt als volgt:'Verdachte maakt deel uit van de groep jeugdprostitutieklanten die terecht staat in de ‘Valkenburgse zedenzaak’. De rechtbank realiseert zich dat deze zaak een grote impact heeft op de levens van àlle betrokkenen. In de eerste en voornaamste plaats op dat van het minderjarige slachtoffer en haar naasten. Dat verwoordt zij ook in haar slachtofferverklaring. Daarnaast heeft de zaak van begin af aan kunnen rekenen op bijzonder veel publiciteit. De rechtbank kan zich voorstellen dat dit ook belastend is voor de verdachten en hun directe omgeving, althans voor zover die door verdachten op de hoogte is gebracht.'En:'Bij jeugdprostitutie is een onvoorwaardelijke gevangenisstraf het uitgangspunt. De rechtbank vindt die in elk geval op haar plaats als de veroordeelde bewust ontucht wilde plegen met een minderjarige. De rechtbank houdt er echter rekening mee dat uit het strafdossier niet kan worden afgeleid dat verdachte bewust op zoek was naar een seksafspraak met een meisje dat jonger was dan 18 jaar. Hij reageerde op een advertentie op een website waar bij het profiel van het meisje de leeftijd van 18 jaar stond vermeld. Daarvan had verdachte zich echter moeten vergewissen. Dat heeft hij nagelaten en zo is hij in werkelijkheid terechtgekomen bij het minderjarige slachtoffer en daarvoor draagt hij verantwoordelijkheid. Zonder ook maar iets af te doen aan de ernst van het strafbare feit en de gevolgen voor het slachtoffer, is het verwijt dat verdachte kan worden gemaakt minder groot dan in het geval dat iemand welbewust op zoek is gegaan naar een minderjarige of wist dat zij minderjarig was. Daarnaast weegt de rechtbank mee dat dat verdachte een blanco strafblad heeft en dat de reclassering het recidiverisico inschat als laag.'En:'Gelet op deze omstandigheden acht de rechtbank anders dan de officier van justitie een onvoorwaardelijke gevangenisstraf een te zware strafmodaliteit. De rechtbank is in overeenstemming met uitspraken in vergelijkbare zaken van oordeel dat een taakstraf al dan niet in combinatie met een voorwaardelijke gevangenisstraf het meest passend is. Op grond van het bepaalde in artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht is deze strafmodaliteit voor jeugdprostitutie echter niet meer mogelijk. Artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht sluit immers uit dat de rechtbank (onder meer) voor dit feit niet kan volstaan met het opleggen van een enkele taakstraf. Daarom zal de rechtbank kiezen voor een in haar ogen minder bevredigende oplossing, namelijk een gevangenisstraf voor de duur van één dag in combinatie met een taakstraf. Tegen een dergelijk gecombineerde straf verzet artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht zich niet.'

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Nederland
    • Rechtbank Limburg
    • Strafrecht
    • Jeugdprostitutie
    • Hotelprostitutie
    • Valkenburgse zedenzaak
    • Minderjarige
    • Nederlands
  10. Rechtbank Limburg Taal Nederlands Uitspraak in de 'Valkenburgse zedenzaak'. De rechtbank Limburg veroordeelt verdachte (klant) tot een gevangenisstraf van 1 dag en een taakstraf van 150 uren wegens het plegen van ontucht met een m ...

    Uitspraak in de 'Valkenburgse zedenzaak'.De rechtbank Limburg veroordeelt verdachte (klant) tot een gevangenisstraf van 1 dag en een taakstraf van 150 uren wegens het plegen van ontucht met een minderjarig meisje van zestien in de prostitutie. De rechtbank oordeelt als volgt:'Verdachte maakt deel uit van de groep jeugdprostitutieklanten die terecht staat in de zogenaamde ‘Valkenburgse zedenzaak’. De rechtbank realiseert zich dat deze zaak een grote impact heeft op de levens van àlle betrokkenen. In de eerste en voornaamste plaats op dat van het minderjarige slachtoffer en haar naasten. Dat verwoordt zij ook in haar slachtofferverklaring. Daarnaast heeft de zaak van begin af aan kunnen rekenen op bijzonder veel publiciteit. De rechtbank kan zich voorstellen dat dit ook belastend is voor verdachten en hun directe omgeving, althans voor zover die door verdachten op de hoogte is gebracht.'En:'Voor jeugdprostitutie is een onvoorwaardelijke gevangenisstraf het uitgangspunt. De rechtbank vindt die in elk geval op haar plaats als de verdachte bewust ontucht met een minderjarige wilde plegen. De rechtbank houdt er echter rekening mee dat uit het strafdossier niet kan worden afgeleid dat verdachte bewust op zoek was naar een seksafspraak met een meisje dat jonger was dan 18 jaar. Hij reageerde op een advertentie op een website waar bij het profiel van het meisje de leeftijd van 18 jaar stond vermeld. Daarvan had verdachte zich echter moeten vergewissen. Dat heeft hij nagelaten en zo is hij in werkelijkheid terechtgekomen bij het minderjarige slachtoffer en daarvoor draagt hij verantwoordelijkheid. Zonder ook maar iets af te doen aan de ernst van het strafbare feit en de gevolgen voor het slachtoffer, is het verwijt dat deze verdachte kan worden gemaakt minder groot dan in het geval dat iemand welbewust op zoek is gegaan naar een minderjarige of wist dat zij minderjarig was. Daarnaast weegt de rechtbank mee dat dat verdachte een blanco strafblad heeft en dat de reclassering het recidiverisico inschat als laag.'En:'Gelet op deze omstandigheden acht de rechtbank anders dan de officier van justitie een onvoorwaardelijke gevangenisstraf een te zware strafmodaliteit. De rechtbank is van oordeel dat in dit geval een taakstraf in combinatie met een voorwaardelijke gevangenisstraf het meest passend zou zijn. Op grond van het bepaalde in artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht is deze strafmodaliteit voor jeugdprostitutie echter niet meer mogelijk. Artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht sluit immers uit dat de rechtbank (onder meer) voor dit feit niet kan volstaan met het opleggen van een enkele taakstraf. Daarom zal de rechtbank kiezen voor een in haar ogen minder bevredigende oplossing, namelijk een gevangenisstraf voor de duur van één dag in combinatie met een taakstraf. Tegen een dergelijk gecombineerde straf verzet artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht zich niet.'

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Nederland
    • Rechtbank Limburg
    • Strafrecht
    • Jeugdprostitutie
    • Hotelprostitutie
    • Valkenburgse zedenzaak
    • Minderjarige
    • Nederlands

Pagina's