• Jurisprudentie
  • Niet-ontvankelijk

Pagina's

Resultaten 1 - 10 van totaal 11 resultaten
  1. Taal Nederlands Gerechtshof Amsterdam Het Gerechtshof Amsterdam verklaart de officier van justitie niet- ontvankelijk ten aanzien van het tenlaste gelegde over mensenhandel in het buitenland.  Het hof overweegt het volgende: Voor de feiten, ...

    Het Gerechtshof Amsterdam verklaart de officier van justitie niet- ontvankelijk ten aanzien van het tenlaste gelegde over mensenhandel in het buitenland. Het hof overweegt het volgende:Voor de feiten, gepleegd in Roemenië en/of Hongarije (en niet deel uitmakend van een feitencomplex dat zich óók in Nederland voordoet), ontbreekt de rechtsmacht van de Nederlandse strafrechter.Op grond van het hier van toepassing zijnde artikel 5a (oud) van het Wetboek van Strafrecht (Sr) is de Nederlandse strafwet slechts van toepassing op de vreemdeling die zich buiten Nederland schuldig maakt aan een strafbaar feit als hier ten laste gelegd voor zover deze vreemdeling een vaste woon- of verblijfplaats in Nederland heeft ten tijde van het plegen van dit feit dan wel nadien een vaste woon- of verblijfplaats heeft gekregen in Nederland. Nu de verdachte geen vaste woon- of verblijfplaats in Nederland had in de tenlastegelegde periode, en het dossier geen bewijsmiddel bevat waaruit kan worden afgeleid dat de verdachte nadien vaste woon- of verblijfplaats in Nederland heeft gekregen, zal de officier van justitie niet-ontvankelijk worden verklaard in de vervolging waar het dit onderdeel van het eerste feit van zaak B betreft.Het hof oordeelt wel dat verdachte zich o.a. schuldig heeft gemaakt aan mensenhandel, meermalen gepleegd en mensenhandel, terwijl de persoon ten aanzien van wie het feit wordt gepleegd, de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt.Het hof heeft daarbij in het bijzonder het volgende in beschouwing genomen.De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan mensenhandel. Daarvan zijn vier jonge vrouwen het slachtoffer geworden, van wie één slachtoffer minderjarig was. De vrouwen moesten vele uren per dag in de prostitutie werken om door de verdachte bepaalde bedragen bij elkaar te verdienen. De verdachte heeft drie van hen geslagen wanneer dit niet lukte. Ook bedreigde hij een aantal van hen. De vrouwen moesten al hun in de prostitutie verdiende geld aan de verdachte afstaan. Hij controleerde hen, zodat zij geen geld voor hem konden achter houden. Bij het begaan van deze feiten heeft de verdachte ook anderen ingezet.Door te handelen als bewezen verklaard heeft de verdachte, gebruikmakend van het overwicht dat hij had op de nog jonge slachtoffers die uit het buitenland afkomstig waren, misbruik gemaakt van hun kwetsbare situatie. Hij heeft daarbij op indringende wijze inbreuk gemaakt op hun lichamelijke en geestelijke integriteit en voorts op de vrijheid die zij zouden moeten hebben om hun eigen leven vorm te geven. De verdachte heeft zich in overwegende mate laten leiden door zijn zucht naar financieel gewin en de belangen van de slachtoffers bij het behoud van hun waardigheid en zelfbeschikkingsrecht daaraan volledig ondergeschikt gemaakt.Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 5 (vijf) jaren en 10 (tien) maanden.  

    Jurisprudentie

    • Jurisprudentie
    • Gerechtshof Amsterdam
    • Strafrecht
    • Mensenhandel
    • Niet-ontvankelijk
    • Nederlands
  2. Taal Nederlands Rechtbank Rotterdam De rechtbank Rotterdam heeft de officier van justitie niet-ontvankelijk verklaard vanwege niet-naleving van het bepaalde in artikel 167a Sv. De rechtbank oordeelt als volgt. “De rechtbank stelt vast dat [ ...

    De rechtbank Rotterdam heeft de officier van justitie niet-ontvankelijk verklaard vanwege niet-naleving van het bepaalde in artikel 167a Sv. De rechtbank oordeelt als volgt.“De rechtbank stelt vast dat [minderjarige 2] weliswaar als getuige door de politie is gehoord, doch niet expliciet in het kader van artikel 167a Sv. De politie heeft haar immers niet gevraagd haar mening over het strafbare feit te geven. Evenmin is [minderjarige 2] gevraagd hoe zij tegenover vervolging van de verdachte staat. Uit haar verklaring bij de politie komt wel naar voren dat zij vrijwillig seks heeft gehad met de verdachte en dat zij het niet eens was met het feit dat haar moeder daarvan aangifte heeft gedaan. [minderjarige 1] is noch door de politie noch door het openbaar ministerie gehoord over het feit. Uit het dossier en de verklaring van de verdachte ter terechtzitting blijkt evenwel dat de verdachte en [minderjarige 1] (die thans 16 jaar oud is) nog steeds een affectieve relatie hebben, dat de verdachte tot aan het aan hem opgelegde contact- en locatieverbod woonachtig was bij [minderjarige 1] en haar ouders, alsmede dat de verdachte de uit hun relatie geboren dochter heeft erkend en hier ook mede de zorg voor draagt. Een toelichting waarom in beide zaken in weerwil van een en ander vervolging aangewezen is, is niet gegeven.”

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Rechtbank Rotterdam
    • Minderjarigen
    • Strafrecht
    • Affectieve relatie
    • Artikel 167a Sv
    • Minderjarige
    • Niet-ontvankelijk
    • Ontucht
    • Nederlands
  3. Taal Nederlands 2 Rechtbank Den Haag De rechtbank verklaart het beroep gericht tegen het niet tijdig beslissen van verweerder op het bezwaar niet ontvankelijk. ‘Nu verweerder inmiddels een beslissing heeft genomen op het bezwaarschrift van e ...

    De rechtbank verklaart het beroep gericht tegen het niet tijdig beslissen van verweerder op het bezwaar niet ontvankelijk. ‘Nu verweerder inmiddels een beslissing heeft genomen op het bezwaarschrift van eiseres, heeft zij thans geen belang meer bij beoordeling van haar beroep tegen het niet tijdig beslissen van verweerder.’ Ook het beroep tegen het bestreden besluit voor zover gericht tegen de intrekking van de verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd is niet-ontvankelijk verklaard. Daarnaast verklaart de rechtbank het beroep tegen het bestreden besluit voor zover gericht tegen het inreisverbod, ongegrond. Nu eiseres diverse malen is veroordeeld voor overtreding van de Opiumwet tot in totaal meer dan 96 maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf, is de rechtbank van oordeel dat verweerder eiseres terecht heeft aangemerkt als een gevaar voor de openbare orde als bedoeld in artikel 7, vierde lid, van de Terugkeerrichtlijn en haar op grond hiervan een vertrektermijn heeft kunnen onthouden alsmede ingevolge artikel 66a, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vw 2000  een inreisverbod heeft mogen uitvaardigen voor de duur van tien jaren. In dit geval is geen sprake van een schending van artikel 8 van het EVRM. Naar het oordeel van de rechtbank is ‘mede gelet op de ernst en de omvang van het strafrechtelijk verleden van eiseres, het beperkte tijdsverloop sinds haar delict en in aanmerking genomen dat de gemachtigde van eiseres ook ter zitting niet heeft betwist dat geen sprake is van een meer dan gebruikelijke afhankelijkheid en emotionele binding tussen eiseres en haar (meerderjarige) kinderen, noch van objectieve belemmeringen om het gezins- en familieleven elders te continueren, geen grond voor het oordeel dat verweerder bij afweging van de betrokken belangen in het kader van artikel 8, tweede lid, van het EVRM, ten onrechte het belang van de staat zwaarder heeft laten wegen dan de belangen van eiseres.’   

    Jurisprudentie

    • Vreemdelingenrecht
    • Nederland
    • Rechtbank Den Haag
    • Verblijfsvergunning
    • Artikel 8 EVRM
    • Inreisverbod
    • Openbare orde
    • Niet-ontvankelijk
    • Nederlands
  4. 37 reads 's-Hertogenbosch Court of Justice Language Dutch Het hof verklaart het door de verdachte ingestelde hoger beroep niet-ontvankelijk. Het Hof overweegt als volgt: ‘Door het intrekken van het hoger beroep heeft de verdachte evenwel te kennen ge ...

    Het hof verklaart het door de verdachte ingestelde hoger beroep niet-ontvankelijk. Het Hof overweegt als volgt: ‘Door het intrekken van het hoger beroep heeft de verdachte evenwel te kennen gegeven geen grieven meer te hebben tegen de beroepen uitspraak. Nu het belang van de verdachte noch enig ander rechtens te beschermen belang gediend is met een behandeling van het hoger beroep, zal het hof toepassing geven aan het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering’.

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Nederland
    • Gerechtshof 's-Hertogenbosch
    • Strafrecht
    • Niet-ontvankelijk
    • Nederlands
  5. 5 Rechtbank Limburg Taal Nederlands De rechtbank verklaart het Openbaar Ministerie niet ontvankelijk in de strafvervolging, aangezien Nederland geen rechtsmacht heeft. Verdachte bezit niet de Nederlandse nationaliteit en heeft de verweten ge ...

    De rechtbank verklaart het Openbaar Ministerie niet ontvankelijk in de strafvervolging, aangezien Nederland geen rechtsmacht heeft. Verdachte bezit niet de Nederlandse nationaliteit en heeft de verweten gedraging niet in Nederland, maar alleen in Duitsland gepleegd. Ten tijde van het ten laste gelegde was hij niet woonachtig in Nederland en ook nu is verdachte niet hier woonachtig. 

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Nederland
    • Rechtbank Limburg
    • Strafrecht
    • Niet-ontvankelijk
    • Nederlands
  6. 74 reads Supreme Court Language Dutch Op grond van artikel 457 sv, eerste lid aanhef en onder c in samenhang met artikel 460, tweede lid sv, kan op grondslag van een bescheiden dat bij het onderzoek op de terechtzitting aan de rechter niet bekend was en d ...

    Op grond van artikel 457 sv, eerste lid aanhef en onder c in samenhang met artikel 460, tweede lid sv, kan op grondslag van een bescheiden dat bij het onderzoek op de terechtzitting aan de rechter niet bekend was en dat het ernstige vermoeden wekt dat indien dit gegeven bekend zou zijn geweest, het onderzoek van de zaak leiden tot een vrijspraak van de gewezen verdachte, tot een ontslag van alle rechtsvervolging, tot de niet-ontvankelijkverklaring van het openbaar ministerie of tot de toepassing van een minder zware strafbepaling. De aanvraag tot herziening dient naar behoren gemotiveerd te zijn. Nu de aanvraag niet voldoet aan de hiervoor genoemde eisen, verklaart de Hoge Raad de aanvraag niet-ontvankelijk. 

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Nederland
    • Hoge Raad
    • Strafrecht
    • Herziening
    • Mensenhandel
    • Niet-ontvankelijk
    • Nederlands
  7. 5 Rechtbank Zwolle-Lelystad Taal Nederlands De rechtbank verklaart het openbaar ministerie niet-ontvankelijk voor twee ten laste gelegde feiten in een zeden- en mensenhandelzaak. De rechtbank concludeert dat er in het voorbereidend onderzoek ...

    De rechtbank verklaart het openbaar ministerie niet-ontvankelijk voor twee ten laste gelegde feiten in een zeden- en mensenhandelzaak. De rechtbank concludeert dat er in het voorbereidend onderzoek fouten zijn gemaakt:'De rechtbank stelt vast dat de essentiële informatieve gesprekken met aangeefsters welke zijn gevoerd voorafgaand aan de respectieve aangiftes niet zijn vastgelegd, zodat het voor de rechtbank niet toetsbaar is wat er in die gesprekken is gezegd noch hoe de vraagstelling is geweest. Voorts is er naar het oordeel van de rechtbank regelmatig sprake van een sturende vraagstelling door de verbalisanten, hetgeen kan blijken uit het feit dat er frequent gebruik wordt gemaakt van een zo gesloten of suggestieve vraagstelling, dat de antwoorden slechts één richting uit konden gaan.'     

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Nederland
    • Rechtbank Zwolle-Lelystad
    • Strafrecht
    • Mensenhandel
    • Niet-ontvankelijk
    • Nederlands
  8. Language Dutch 58 reads Court of Noord-Nederland Officier van Justitie is niet-ontvankelijk verklaard wegens ernstige inbreuken op het fair play beginsel, het beginsel van equality of arms en het zorgvuldigheidsbeginsel. ECLI:NL:RBNNE:2013:7250 Uitspraak ...

    Officier van Justitie is niet-ontvankelijk verklaard wegens ernstige inbreuken op het fair play beginsel, het beginsel van equality of arms en het zorgvuldigheidsbeginsel.

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Rechtbank Noord-Nederland
    • Strafrecht
    • Niet-ontvankelijk
    • Nederlands
  9. Language Dutch 55 reads Court of Noord-Nederland Officier van Justitie is niet-ontvankelijk verklaard wegens ernstige inbreuken op het fair play beginsel, het beginsel van equality of arms en het zorgvuldigheidsbeginsel. ECLI:NL:RBNNE:2013:7264 Uitspraak ...

    Officier van Justitie is niet-ontvankelijk verklaard wegens ernstige inbreuken op het fair play beginsel, het beginsel van equality of arms en het zorgvuldigheidsbeginsel.

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Rechtbank Noord-Nederland
    • Strafrecht
    • Niet-ontvankelijk
    • Nederlands
  10. Language Dutch 58 reads Court of Noord-Nederland Officier van Justitie is niet-ontvankelijk verklaard wegens ernstige inbreuken op het fair play beginsel, het beginsel van equality of arms en het zorgvuldigheidsbeginsel. ECLI:NL:RBNNE:2013:7261 Uitspraak ...

    Officier van Justitie is niet-ontvankelijk verklaard wegens ernstige inbreuken op het fair play beginsel, het beginsel van equality of arms en het zorgvuldigheidsbeginsel.

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Rechtbank Noord-Nederland
    • Strafrecht
    • Niet-ontvankelijk
    • Nederlands

Pagina's