• Jurisprudentie
  • Vervoeren (met oogmerk van uitbuiting)

Pagina's

Resultaten 1 - 10 van totaal 14 resultaten
  1. Taal Nederlands Gerechtshof Den Haag Het Gerechtshof Den Haag veroordeelt de verdachte o.a. voor mensenhandel. Het hof overweegt dat de aangeefsters (in ieder geval in het begin van de ten laste gelegde periode) een uiterst substantieel bed ...

    Het Gerechtshof Den Haag veroordeelt de verdachte o.a. voor mensenhandel.Het hof overweegt dat de aangeefsters (in ieder geval in het begin van de ten laste gelegde periode) een uiterst substantieel bedrag van het door hen in de prostitutie verdiende geld afdroegen aan de verdachte en zijn vrouw – te weten al het verdiende geld, minus de daarmee gepaard gaande kosten en later ook minus de boodschappen en de kleding, hetgeen door de verdachte niet is weersproken. Het hof is gelet daarop van oordeel dat er bij de verdachte sprake was van (het oogmerk van) uitbuiting.De raadsman van de verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep ten slotte betoogd dat aangeefsters niet zijn gedwongen om in de prostitutie te gaan werken. De raadsman heeft hiertoe aangevoerd dat de aangeefsters hebben verklaard dat zij - pas achteraf - het gevoel hebben gehad dat ze destijds eigenlijk geen andere keuze hadden dan te werken in de prostitutie en dat zij in de periode dat zij als prostituee werkzaam waren op ieder moment hadden kunnen stoppen.Het hof is van oordeel dat dit ‘gevoel achteraf’ van de aangeefsters er niet aan afdoet dat de aangeefsters naar ’s hofs oordeel door het laakbare handelen van de verdachte en zijn medeverdachte, en in het bijzonder door hun misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en misbruik van een kwetsbare positie van hun (pleeg)dochters, zijn bewogen om in de prostitutie te gaan werken en te blijven werken. Het hof verwerpt het verweer.De verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf  voor de duur van 15 (vijftien) jaren. 

    Jurisprudentie

    • Jurisprudentie
    • Gerechtshof Den Haag
    • Strafrecht
    • Mensenhandel
    • Vervoeren (met oogmerk van uitbuiting)
    • Seksuele uitbuiting
    • Gedwongen prostitutie
    • Nederlands
  2. Taal Nederlands Gerechtshof Amsterdam Het gerechtshof Amsterdam vernietigt op 7 juni 2016 het vonnis waartegen beroep is ingesteld en veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 7 maanden wegens mensenhandel. Het hof o ...

    Het gerechtshof Amsterdam vernietigt op 7 juni 2016 het vonnis waartegen beroep is ingesteld en veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 7 maanden wegens mensenhandel.Het hof oordeelt als volgt: "De verdachte heeft zich samen met anderen schuldig gemaakt mensenhandel door het slachtoffer in Bulgarije voor te spiegelen dat zij in Nederland in de prostitutie veel (meer) geld zou kunnen verdienen en onder betere omstandigheden dan in Bulgarije en dat zij daarbij door hen zou worden geholpen. Met deze vorm van misleiding heeft de verdachte haar geworven en overgebracht naar Nederland, waar zij vervolgens min of meer gedwongen, en anders dan haar was voorgespiegeld, heeft moeten werken in de prostitutie, terwijl zij de helft van haar inkomsten heeft moeten afstaan aan de verdachte en zijn mededaders, alsmede verantwoording moest afleggen over het aantal door haar gewerkte uren en verdiensten. Door aldus het slachtoffer te domineren op haar werk- en in zekere zin ook haar thuissituatie, heeft hij een ernstige inbreuk gemaakt op haar persoonlijke vrijheid. Hij heeft zijn financieel gewin boven de vrijheid en integriteit van het slachtoffer gesteld. Dit is een ernstig strafbaar feit waarvoor, gelet op de daarvoor geldende richtlijn voor strafvordering mensenhandel in de zin van dienstbaarheid of arbeidsuitbuiting, een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van negen maanden in beginsel passend is."

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Gerechtshof Amsterdam
    • Arbeidsuitbuiting
    • Vervoeren (met oogmerk van uitbuiting)
    • Vervoeren van prostitutees
    • Gedwongen prostitutie
    • Nederlands
  3. Language Dutch 2 reads Arnhem-Leeuwarden Court of Justice Het Gerechtshof Arnhem- Leeuwarden veroordeelt de verdachte voor mensenhandel (artikel 273g Sr). Het hof overweegt als volgt: Verdachte heeft samen met zijn partner, ter vereffening van een drugssc ...

    Het Gerechtshof Arnhem- Leeuwarden veroordeelt de verdachte voor mensenhandel (artikel 273g Sr).Het hof overweegt als volgt:Verdachte heeft samen met zijn partner, ter vereffening van een drugsschuld aan hoofdverdachte (medeverdachte) , in hun woning – naar het hof heeft bewezen geacht - telkens eenmaal een (werk)kamer ter beschikbaar gesteld ten behoeve van de werkzaamheden van twee minderjarige prostituees. Op enig moment wist verdachte ook dat één van hen minderjarig was. Desalniettemin is daarna nog eenmaal door verdachte een (werk)kamer ter beschikking gesteld.Gelet op de ernst van de feiten - met name ook de wetenschap omtrent de minderjarigheid van één van de meisjes - en de toepasselijkheid van artikel 22b van het Wetboek van Strafrecht, acht het hof naast oplegging van een taakstraf tevens oplegging van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf aangewezen.Het hof zal echter ten gunste van verdachte in sterke mate rekening houden met de volgende factoren:- Verdachte heeft slechts een faciliterende rol gespeeld- Uit het uittreksel justitiële documentatie van 24 maart 2016 volgt dat verdachte weliswaar vaker ter zake misdrijven is veroordeeld tot straf maar dat deze veroordelingen met name verband lijken te houden met de verslavingsproblematiek van verdachte. Voor een soortgelijk feit is verdachte nimmer veroordeeld.- Ten slotte lijkt het er - blijkens het reclasseringsadvies van 6 april 2016 - op dat verdachte een positieve wending aan zijn leven heeft gegeven.Gelet op deze omstandigheden - en het hof het niet wenselijk acht dat verdachte zijn woning zal verliezen - zal het hof de duur van de aan verdachte op te leggen gevangenisstraf beperken tot twee weken. Gegeven de vooromschreven ernst van de feiten zal het hof daarnaast een taakstraf opleggen voor de duur van honderd uren.

    Jurisprudentie

    • Jurisprudentie
    • Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
    • Strafrecht
    • Mensenhandel
    • Vervoeren (met oogmerk van uitbuiting)
    • Minderjarigen
    • Gedwongen prostitutie
    • Nederlands
  4. Taal Nederlands Hoge Raad De Hoge Raad heeft het bestreden arrest vernietigd en wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Den Haag. De Hoge Raad oordeelt als volgt: "Mede gelet op de wetsgeschiedenis en in aanmerking genomen dat handele ...

    De Hoge Raad heeft het bestreden arrest vernietigd en wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Den Haag.De Hoge Raad oordeelt als volgt: "Mede gelet op de wetsgeschiedenis en in aanmerking genomen dat handelen in strijd met art. 273f, eerste lid aanhef en onder 3º, Sr wordt gekwalificeerd als 'mensenhandel' en wordt bedreigd met een gevangenisstraf van acht jaren, moet worden aangenomen dat de in het derde onderdeel omschreven gedragingen alleen strafbaar zijn als zij zijn begaan onder omstandigheden waarbij uitbuiting kan worden verondersteld (vgl. HR 24 november 2015, ECLI:NL:HR: 2015:3309).Dit brengt mee dat die gedragingen eerst dan als 'mensenhandel' kunnen worden bestraft indien uit de bewijsvoering volgt dat voldaan is aan voormelde voorwaarde dat zij zijn begaan onder omstandigheden waarbij uitbuiting kan worden verondersteld. 'Uitbuiting' moet worden aangemerkt als een impliciet bestanddeel van art. 273f, eerste lid aanhef en onder 3º, Sr (vgl. HR 5 april 2016, ECLI:NL:HR: 2016:556 ten aanzien van het vierde onderdeel van art. 273f, eerste lid, Sr)."

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Hoge Raad
    • Vervoeren (met oogmerk van uitbuiting)
    • Pooier
    • Vervoeren van prostitutees
    • Gedwongen prostitutie
    • Uitbuiting in de prostitutie
    • Nederlands
  5. Hoge Raad Taal Nederlands De Hoge Raad vernietigt de bestreden uitspraak maar uitsluitend wat betreft de beslissingen ter zake van het onder 2 tenlastegelegde en de strafoplegging. Zij wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Arnhem-Leeuwar ...

    De Hoge Raad vernietigt de bestreden uitspraak maar uitsluitend wat betreft de beslissingen ter zake van het onder 2 tenlastegelegde en de strafoplegging. Zij wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.Het middel klaagt onder meer over de bewezenverklaring onder 2. Ten laste van de verdachte is onder 2 bewezenverklaard dat: "hij op (een) tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 september 2011 tot en met 1 november 2011 in Nederland, een ander, genaamd [betrokkene 1] , (telkens) door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van een kwetsbare positie, heeft vervoerd en/of overgebracht met het oogmerk van uitbuiting van [betrokkene 1] .De Hoge Raad oordeelt als volgt: 'Het oordeel van het Hof dat de verdachte "een ander, genaamd [betrokkene 1] , (telkens) door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van een kwetsbare positie, heeft vervoerd en/of overgebracht met het oogmerk van uitbuiting van [betrokkene 1] volgt niet zonder meer uit de bewijsvoering. Voor zover het middel daarover klaagt, is het terecht voorgesteld. Opmerking verdient nog dat geen steun in het recht vindt de blijkens de toelichting aan het middel mede ten grondslag liggende opvatting dat van mensenhandel slechts sprake kan zijn als de bewezenverklaarde gedragingen een schending van art. 4 EVRM opleveren'.  

    Jurisprudentie

    • Jurisprudentie Nederland
    • Nederland
    • Hoge Raad
    • Strafrecht
    • Uitbuiting in de prostitutie
    • Vervoeren (met oogmerk van uitbuiting)
    • Strafrecht
    • Gedwongen prostitutie
    • Nederlands
  6. Taal Nederlands Gerechtshof Amsterdam Het gerechtshof Amsterdam heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 6 maanden wegens mensenhandel jegens 2 slachtoffers. Het gerechtshof oordeelt als volgt: " Het hof heeft in hoger b ...

    Het gerechtshof Amsterdam heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 6 maanden wegens mensenhandel jegens 2 slachtoffers.Het gerechtshof oordeelt als volgt: "Het hof heeft in hoger beroep de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en gelet op de persoon van de verdachte.Het hof heeft daarbij in het bijzonder het volgende in beschouwing genomen.De verdachte heeft zich op de bewezenverklaarde wijze schuldig gemaakt aan – kort gezegd – medeplichtigheid aan mensenhandel ten aanzien van [aangeefster 1] en [aangeefster 2] . De verdachte heeft [aangeefster 1] en [aangeefster 2] , die door anderen werden uitgebuit in de prostitutie, naar hun werkplek gebracht en– tijdens hun prostitutiewerkzaamheden – in de gaten gehouden en hen aldus in hun vrijheid beperkt.De vrouwen verkeerden in een situatie, waarin hun lichamelijke en geestelijke integriteit ondergeschikt werden gemaakt aan financieel gewin. Door het verrichten van de bewezenverklaarde „diensten‟ heeft de verdachte bijgedragen aan het in stand houden van deze uitbuitingssituatie. Daarnaast is gebleken dat de verdachte deel uitmaakte van een criminele organisatie met als oogmerk het plegen van mensenhandel op soortgelijke wijze als hierboven beschreven. De ervaring leert dat slachtoffers van mensenhandel daarvan nog gedurende lange tijd psychische en emotionele schade kunnen ondervinden.Blijkens een de verdachte betreffend uittreksel uit de Justitiële Documentatie van 28 oktober 2015 is de verdachte eerder ter zake van strafbare feiten onherroepelijk veroordeeld. Nu dit volstrekt andersoortige feiten betreft zal dit niet in strafverhogende zin worden meegewogen.Hoewel de bewezenverklaarde medeplichtigheid aan mensenhandel en deelneming aan een criminele organisatie ernstige feiten betreft, waardeert het hof de rol van de verdachte – die door medeverdachten en aangeefsters veelal als "de loopjongen" wordt aangeduid – in het kader van straftoemeting anders dan de advocaat-generaal. Daarom komt het hof tot een lagere gevangenisstraf dan geëist. Wel acht het hof de bewezen verklaarde feiten zodanig ernstig dat – anders dan de raadsman heeft bepleit – niet kan worden volstaan met een andere straf dan een gevangenisstraf van na te melden duur.Het hof acht, alles afwegende, een gevangenisstraf van na te melden duur passend en geboden en zal voorts de gevangenneming van de verdachte gelasten, nu het daartoe termen aanwezig acht. "

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Gerechtshof Amsterdam
    • Vervoeren (met oogmerk van uitbuiting)
    • Criminele organisatie
    • Slachtoffers
    • Gedwongen prostitutie
    • Uitbuiting in de prostitutie
    • Nederlands
  7. Taal Nederlands Gerechtshof Amsterdam Het gerechtshof Amsterdam veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 30 maanden wegens mensenhandel jegens twee slachtoffers. Ook krijgen de slachtoffers een schadevergoeding van € 77.500,00 en € ...

    Het gerechtshof Amsterdam veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 30 maanden wegens mensenhandel jegens twee slachtoffers. Ook krijgen de slachtoffers een schadevergoeding van € 77.500,00 en € 3000,00.Het hof oordeelt als volgt: "De verdachte heeft zich op de bewezenverklaarde wijze schuldig gemaakt aan – kort gezegd – mensenhandel ten aanzien van [aangeefster 1] en [aangeefster 2] . Hij heeft daarbij (onder meer) gebruik gemaakt van de kwetsbare positie waarin deze vrouwen verkeerden. Na hun aankomst in Nederland heeft hij [aangeefster 1] en [aangeefster 2] ondergebracht in een woning en heeft hij hen geïnstrueerd over de tarieven die zij voor hun prostitutiewerkzaamheden moesten vragen en welke handelingen zij moesten verrichten. De verdachte heeft [aangeefster 1] er gedurende een periode van ongeveer twintig maanden toe bewogen het grootste deel van de opbrengst uit haar prostitutie-werkzaamheden aan hem af te dragen en zoveel mogelijk te werken en geld te verdienen. Door [aangeefster 1] in strijd met de waarheid voor te spiegelen dat haar verdiensten uit prostitutiewerkzaamheden werden gespaard teneinde samen met de verdachte in Roemenië een nieuw leven te kunnen beginnen, heeft hij haar misleid. Tijdens het verblijf van [aangeefster 2] in Nederland, gedurende een periode van ongeveer twee maanden, heeft de verdachte haar paspoort en geboortebewijs in bezit gehouden en heeft hij haar ertoe bewogen iedere dag 50 euro uit haar prostitutiewerkzaamheden aan hem af te dragen. De verdachte heeft aldus [aangeefster 1] en [aangeefster 2] uitgebuit en zich ten koste van hen verrijkt. Daarnaast is gebleken dat de verdachte deel uitmaakte van een criminele organisatie met als oogmerk het plegen van mensenhandel op soortgelijke wijze als hierboven beschreven. Door zijn handelen heeft de verdachte zich schuldig gemaakt aan ernstige strafbare feiten waarbij hij, met miskenning van de lichamelijke en geestelijke integriteit van de slachtoffers, zijn eigen belangen op de voorgrond heeft gesteld. De ervaring leert dat slachtoffers van dergelijke feiten daar nog gedurende lange tijd psychische en emotionele schade van kunnen ondervinden.Blijkens een de verdachte betreffend Uittreksel Justitiële Documentatie van 28 oktober 2015 is de verdachte niet eerder strafrechtelijk onherroepelijk veroordeeld, hetgeen in zijn voordeel weegt.Het hof acht, alles afwegende, een gevangenisstraf van na te melden duur passend en geboden. "

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Gerechtshof Amsterdam
    • Vervoeren (met oogmerk van uitbuiting)
    • Criminele organisatie
    • Vervoeren van prostitutees
    • Uitbuiting in de prostitutie
    • Nederlands
  8. Taal Nederlands Gerechtshof Amsterdam Het gerechtshof Amsterdam heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 15 maanden wegens mensenhandel in vereniging jegens drie slachtoffers. Het gerechtshof oordeelt als volgt: "Vooropg ...

    Het gerechtshof Amsterdam heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 15 maanden wegens mensenhandel in vereniging jegens drie slachtoffers.Het gerechtshof oordeelt als volgt: "Vooropgesteld moet worden dat van deelneming aan een organisatie als bedoeld in de zin van art. 140 Sr sprake is indien de betrokkene behoort tot het samenwerkingsverband en een aandeel heeft in, dan wel ondersteuning biedt aan, gedragingen die strekken tot of rechtstreeks verband houden met de verwezenlijking van het in dat artikel bedoelde oogmerk. Gelet op hetgeen de bewijsmiddelen inhouden bestond er een gestructureerd samenwerkingsverband met een zekere hiërarchie en heeft de verdachte daartoe behoord. Voorts heeft hij een aandeel gehad in de gedragingen die strekken tot het oogmerk van de organisatie, te weten mensenhandel. Hij heeft in Roemenië zijn ex-vriendin [aangeefster 3] voorgesteld om in de prostitutie te werken en heeft haar vervolgens [aangeefster 2] en [aangeefster 1] laten werven voor de prostitutie. Hij heeft hen ondergebracht in een appartement, paspoorten geregeld en foto’s gemaakt van de drie meisjes, slechts gekleed in lingerie. Deze foto’s zijn door de [medeverdachte 1] aan de [medeverdachte 2] verzonden, opdat deze hen kon laten weten of de meisjes al dan niet geschikt waren voor prostitutiewerkzaamheden. Vervolgens heeft hij hen tezamen met [medeverdachte 1] naar Nederland vervoerd en aldaar een verblijfplaats geregeld bij [medeverdachte 2] , steeds in de wetenschap van de (financieel) kwetsbare positie waarin de meisjes zich bevonden. [medeverdachte 2] regelde dat zij konden gaan werken, dat er huisvesting voor hen was, legde hun de werkzaamheden uit en [medeverdachte 2] liet [aangeefster 1] al haar geld aan hem afstaan. De [medeverdachte 1] heeft [aangeefster 2] al het geld dat zij in de prostitutie verdiende aan hem laten afstaan. Gelet op dit alles heeft de verdachte een substantiële bijdrage geleverd aan het criminele samenwerkingsverband, zij het van korte duur. "

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Gerechtshof Amsterdam
    • Uitbuiting in de prostitutie
    • Misbruik van kwetsbare positie
    • Mensenhandel
    • Vervoeren (met oogmerk van uitbuiting)
    • Criminele organisatie
    • Vervoeren van prostitutees
    • Slachtoffers
    • Nederlands
  9. Taal Nederlands De rechtbank Noord-Nederland heeft op 11 november 2015 verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 4 maanden wegens mensenhandel. De rechtbank oordeelt als volgt: "Bij de bepaling van de straf heeft de rechtbank r ...

    De rechtbank Noord-Nederland heeft op 11 november 2015 verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 4 maanden wegens mensenhandel.De rechtbank oordeelt als volgt: "Bij de bepaling van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de aard en de ernst van het bewezen en strafbaar verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan, de persoon van verdachte zoals deze naar voren is gekomen uit het onderzoek op de terechtzitting en de over hem opgemaakte rapportage d.d. 18 september 2013, het hem betreffende uittreksel uit de justitiële documentatie d.d. 27 mei 2015, alsmede de vordering van de officier van justitie en het pleidooi van de raadsman.De rechtbank heeft in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan mensenhandel door het meenemen van [slachtoffer] van Hongarije naar Nederland, om haar in Nederland als prostituee te laten werken.Mensenhandel is een ernstig strafbaar feit. Hoewel in deze zaak niet is gebleken dat [slachtoffer] vervolgens in Nederland is uitgebuit in die zin dat ze gedwongen in de prostitutie heeft gewerkt, heeft verdachte er wel voor gezorgd dat [slachtoffer] in een ander land, Nederland, in de seksindustrie is terechtgekomen. Dit heeft de wetgever juist beoogd te voorkomen, nu in dergelijke situaties uitbuiting op de loer ligt. "

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Vervoeren (met oogmerk van uitbuiting)
    • Seksuele uitbuiting
    • Gedwongen prostitutie
    • Hongarije
    • Nederlands
  10. Taal Nederlands Rechtbank Noord-Nederland De rechtbank Noord-Nederland heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 22 maanden en een schadevergoeding van 85.000 euro wegens mensenhandel. De rechtbank oordeelt als volgt: "Bi ...

    De rechtbank Noord-Nederland heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 22 maanden en een schadevergoeding van 85.000 euro wegens mensenhandel.De rechtbank oordeelt als volgt: "Bij de bepaling van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de aard en de ernst van het bewezen en strafbaar verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan, de persoon van verdachte zoals deze naar voren is gekomen uit het onderzoek op de terechtzitting, het hem betreffende uittreksel uit de justitiële documentatie d.d. 27 mei 2015, alsmede de vordering van de officier van justitie en het pleidooi van de raadsman.De rechtbank heeft in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.Verdachte heeft zich gedurende een periode van ongeveer vier jaren schuldig gemaakt aan mensenhandel. Hij heeft het slachtoffer, zijnde zijn toenmalige partner en de moeder van zijn kind, aangeworven om in Nederland in de prostitutie te werken en haar verdiensten aan hem af te staan. Verdachte heeft gebruik van geweld en dreiging met geweld daarbij niet geschuwd en heeft onder meer misbruik gemaakt van het feit dat het slachtoffer een kind bij hem had waarvoor hij de zorg droeg.Mensenhandel waarbij iemand in de prostitutie wordt gebracht, is een vergaande vorm van uitbuiting waarbij de lichamelijke en geestelijke integriteit van het slachtoffer ondergeschikt worden gemaakt aan de zucht naar geldelijk gewin van de uitbuiter. Dit is een ernstige strafbaar feit. Verdachte heeft de lichamelijke en geestelijke integriteit van het slachtoffer geschonden enkel ten behoeve van zijn eigen geldelijke gewin. De rechtbank vindt het in het bijzonder schrijnend dat verdachte dure auto's van de verdiensten van het slachtoffer heeft gekocht en heeft aangegeven dat het slachtoffer eerst een Mercedes X5 voor hem moest verdienen, alvorens ze geld aan zichzelf mocht uitgeven. De psychische gevolgen van dergelijke uitbuiting voor een slachtoffer zijn, zo is algemeen bekend, groot. Dat dit ook voor het slachtoffer in deze zaak geldt, is onder meer gebleken uit de toelichting op de immateriële schade bij de vordering die zij heeft ingediend als benadeelde partij."

    Jurisprudentie

    • Strafrecht
    • Rechtbank Noord-Nederland
    • Vervoeren (met oogmerk van uitbuiting)
    • Seksuele uitbuiting
    • Raamprostitutie
    • Gedwongen prostitutie
    • Hongarije
    • Nederlands

Pagina's