Documentsoort

Thema

Land

Trefwoord

Organisatie

Resultaten 4121 - 4130 van totaal 4132 resultaten
  1. 72 reads Language Dutch Appellant klaagt dat de rechtbank ten onrechte heeft overwogen – in navolging van de uitspraak van de Afdeling van 27 oktober 2003 (200305419/1)- dat slechts de eerste drie Boultif-criteria van toepassing zouden zijn, omdat appella ...

    Appellant klaagt dat de rechtbank ten onrechte heeft overwogen – in navolging van de uitspraak van de Afdeling van 27 oktober 2003 (200305419/1) - dat slechts de eerste drie Boultif-criteria van toepassing zouden zijn, omdat appellant als volwassene naar Nederland is gekomen. Lettend op de overwegingen 31 t/m 33 van het arrest Radovanovic concludeert de Afdeling dat hetgeen zij in haar uitspraak van 27 oktober 2003 uit overweging 33 van het arrest Benhebba heeft afgeleid, gedeeltelijk op een andere lezing van dat arrest berust, dan het EHRM heeft beoogd. Die overweging moet aldus worden begrepen, dat t.a.v. vreemdelingen die in het gastland zijn geboren, dan wel daar op jeugdige leeftijd zijn gaan wonen en een gezin hebben gesticht alle criteria uit het arrest Boultif gelden, maar dat indien deze geen gezin hebben gesticht, slechts de eerste drie criteria toepasselijk zijn. Verder dient rekening te worden gehouden met de familiebanden en sociale banden die zij in het gastland hebben. De aangevallen uitspraak wordt echter niet vernietigd. Appellant is als volwassene naar Nederland gekomen, heeft hier gezinsleven en derhalve zijn alle Boultif-criteria van toepassing. In de belangenafweging dient echter meer gewicht toegekend te worden aan het algemeen belang. Zwaar wegen het medeplegen van verkrachting; andere veroordelingen; verdenking van het bezit/handel in wapens en betrokkenheid bij mensenhandel. Van een stabiel, hecht en bestendig gezinsleven was geen sprake; nauwelijks is bijgedragen aan het levensonderhoud van zijn gezin en verbleef hij gedurende een substantieel deel van de periode in de gevangenis. Ook is van belang geacht dat hij het gezinsleven kan voortzetten, zoals dat bestond voor zijn komst naar Nederland. (JV 2006/418)

    Jurisprudentie

    • Vreemdelingenrecht
    • Ongewenstverklaring
    • Nederlands
  2. Language Dutch 57 reads Appellante heeft op 6 juni 2002 een verlenging aangevraagd voor haar vtv onder de beperking mensenhandel. Zij betoogt dat de rechtbank ten onrechte overwogen heeft dat zij niet voor gevraagde verlenging in aanmerking komt. Volgens ...

    Appellante heeft op 6 juni 2002 een verlenging aangevraagd voor haar vtv onder de beperking mensenhandel. Zij betoogt dat de rechtbank ten onrechte overwogen heeft dat zij niet voor gevraagde verlenging in aanmerking komt. Volgens het gevoerde beleid komt de grond onder zo’n vtv te ontvallen, indien de uitspraak in de strafzaak onherroepelijk is geworden. Hierbij is het niet van belang dat betrokkenen ten tijde van een eventuele aanvraag om verlenging daarvan op de hoogte is. Verder betoogt appellante dat de minister haar had moeten informeren over het onherroepelijk worden van de uitspraak.Volgens B9/4.5 Vc 2000 doet het OM melding van het onherroepelijk worden van de uitspraak aan de contactpersoon van de IND en het slachtoffer van de mensenhandel. Overigens bestaan evenmin aanknopingspunten om appellante te volgen, waar zij stelt dat op de minister ter zake een informatieplicht rust. Dat het OM de op hem rustende meldingsplicht mogelijk niet is nagekomen, heeft de rechtbank onder die omstandigheden terecht niet geleid tot gegrondverklaring van het beroep. Hoger beroep ongegrond. (JV 2005/465)

    Jurisprudentie

    • Vreemdelingenrecht
    • B8/3
    • Informatieplicht
    • Nederlands
  3. Language Dutch 73 reads (JV 2005/119, m.nt. Van Blokland) Appellante is het niet eens met de overweging dat de bewijslast voor de mate van bescherming tegen het risico van represailles die de autoriteiten van Slowakije bereid en in staat zijn te bieden, b ...

    (JV 2005/119, m.nt. Van Blokland) Appellante is het niet eens met de overweging dat de bewijslast voor de mate van bescherming tegen het risico van represailles die de autoriteiten van Slowakije bereid en in staat zijn te bieden, bij appellante ligt. Zij wijst erop dat gezien de brief van de minister op haar slechts een inspanningsverplichting rust om een terugkeerrisico aan te tonen.De Afdeling oordeelt dat het in beginsel aan appellante is om de feiten en omstandigheden aannemelijk te maken waaruit verwacht kan worden dat haar geen bescherming door de Slowaakse autoriteiten geboden zal worden en ook in de brief van de minister staat dat voorop. De bewijslast om aannemelijk te maken dat zij het risico van represailles loopt en dat de autoriteiten van Slowakije niet bereid en in staat zijn bescherming te bieden, ligt, zoals de rechtbank terecht heeft overwogen, bij appelante.Met betrekking tot de tweede grief overweegt de Afdeling dat de rechtbank niet ten onrechte marginaal heeft getoetst aangezien de minister bij de hantering van de maatstaf gegeven in Paragraaf B9/4.6 van de Vc2000, op verschillende onderdelen, waaronder de inschatting van een bepaald risico en de mate van bescherming daartegen, nog beoordelingsvrijheid heeft. Hoger beroep vreemdeling kennelijk ongegrond.

    Jurisprudentie

    • Vreemdelingenrecht
    • Voortgezet verblijf
    • Bewijslast
    • Toetsing
    • Nederlands
  4. 04 jul 2013

    67 reads Language Dutch   Met deze brief doe ik mede namens de Staatssecretaris van VWS en de Minister van OCW op hoofdlijnen verslag van de uitvoering van de Rijksbrede aanpak loverboyproblematiek, actieplan 2011 – 2014, tot nu toe.    1 Pagina 1 van 10 ...

     Met deze brief doe ik mede namens de Staatssecretaris van VWS en de Minister van OCW op hoofdlijnen verslag van de uitvoering van de Rijksbrede aanpak loverboyproblematiek, actieplan 2011 – 2014, tot nu toe.  

    Overheidspublicaties

    • Kamerstukken
    • Loverboy
    • Loverboyproblematiek
    • Rijksbrede aanpak loverboyproblematiek
    • Nederlands
  5. Language Dutch 115 reads De afgelopen jaren stijgt het aantal Hongaarse slachtoffers van mensenhandel, maar het aantal aangiften van deze slachtoffers is laag. Het doel van dit onderzoek is inzicht te verschaffen in de redenen dat Hongaarse slachtoffers v ...

    De afgelopen jaren stijgt het aantal Hongaarse slachtoffers van mensenhandel, maar het aantal aangiften van deze slachtoffers is laag. Het doel van dit onderzoek is inzicht te verschaffen in de redenen dat Hongaarse slachtoffers van mensenhandel zelden aangifte doen tegen hun mensenhandelaren. Om dit inzicht te verkrijgen zijn de gegevens geanalyseerd van Hongaarse slachtoffers van mensenhandel die zijn aangemeld bij CoMensha. Omdat bleek dat de aangemelde Hongaarse slachtoffers van mensenhandel uit beeld waren verdwenen, konden voor dit onderzoek geen als zodanig geïdentificeerde slachtoffers worden geïnterviewd. In plaats daarvan zijn er gesprekken gevoerd met 41 Hongaarse prostituees (en mogelijke slachtoffers van mensenhandel). In deze rapportage wordt de huidige aangiftebereidheid van Hongaarse prostituees en slachtoffers geanalyseerd en verklaard. Omdat rechtstreeks vragen stellen over mensenhandel niet effectief is, gebeurt dit op basis van onderzoek naar hun bereidheid om misstanden te melden. De rapportage eindigt met aanbevelingen voor het vergroten van de aangiftebereidheid van Hongaarse slachtoffers van mensenhandel.

    Publicaties

    • Rapporten
    • Hongarije
    • Aangiftebereidheid
    • Aangifte
    • Nederlands
  6. 1 Pagina 1 van 3 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Datum 14 juni 2013 Onderwerp Beantwoording kamervragen over bericht meer tips over gedwongen prostitu ...

    Overheidspublicaties

    • Kamervragen
  7. 260 reads FairWork Language Dutch Dit rapport is een gezamenlijk product van stichting FairWork en mr. Marijn Heemskerk. In het rapport wordt inzicht gegeven in het juridisch kader en de mogelijkheden die er zijn voor slachtoffers van mensenhandel om comp ...

    Dit rapport is een gezamenlijk product van stichting FairWork en mr. Marijn Heemskerk. In het rapport wordt inzicht gegeven in het juridisch kader en de mogelijkheden die er zijn voor slachtoffers van mensenhandel om compensatie te claimen in het strafproces.

    Publicaties

    • Rapporten
    • Nederland
    • FairWork
    • Schadevergoeding
    • Schadevergoedingsmaatregel
    • Nederlands
  8. 213 reads Centre against Child- and Human Trafficking Language Dutch Een verslag over het symposium ‘Compensatie voor Slachtoffers van Mensenhandel’ dat op 10 oktober 2013 plaatsvond naar aanleiding van het gelijkmatige rapport van Marijn Heemskerk en Fai ...

    Een verslag over het symposium ‘Compensatie voor Slachtoffers van Mensenhandel’ dat op 10 oktober 2013 plaatsvond naar aanleiding van het gelijkmatige rapport van Marijn Heemskerk en FairWork. 

    Publicaties

    • Artikelen
    • Nederland
    • Het Centrum Kinderhandel Mensenhandel (CKM)
    • Schadevergoeding
    • Schadevergoeding
    • Schadevergoedingsmaatregel
    • Nederlands
  9. 52 reads Language Dutch Vragen met betrekking tot de rol van de Kamers van Koophandel bij inschrijving van mogelijke slachtoffers mensenhandel. > Retouradres Postbus 20401 2500 EK Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof ...

    Vragen met betrekking tot de rol van de Kamers van Koophandel bij inschrijving van mogelijke slachtoffers mensenhandel.

    Overheidspublicaties

    • Kamervragen
  10. Language Dutch 76 reads De laatste jaren bestaat er veel aandacht voor loverboys en voor de slachtoffers van loverboys. Loverboys hanteren verschillende technieken om hun meisje(s) te dwingen tot bepaalde handelingen, met als doel om daaruit vervolgens vo ...

    De laatste jaren bestaat er veel aandacht voor loverboys en voor de slachtoffers van loverboys. Loverboys hanteren verschillende technieken om hun meisje(s) te dwingen tot bepaalde handelingen, met als doel om daaruit vervolgens voor zichzelf financieel gewin te halen. Deze handelingen zijn aan te merken als mensenhandel en zijn derhalve strafbaar op grond van artikel 273f van het Wetboek van Strafrecht.Loverboys worden echter relatief vaak vrijgesproken van de aan hen ten laste gelegde mensenhandel. De vraag is of, en zo ja welke problemen ten grondslag aan de vele vrijspraken van loverboys. Franca Damen deed hier in het kader van haar afstudeerscriptie onderzoek naar en publiceerde hierover een artikel in Delikt en Delinkwent. Uit haar onderzoek wordt duidelijk dat verschillende problemen aan de vele vrijspraken van loverboys ten grondslag liggen. Deze problemen dienen aangepakt te worden. Daarbij kan een belangrijke rol spelen dat rechters (en het openbaar ministerie) (nog) beter en vollediger op de hoogte worden gebracht van de slinkse werkwijzen van loverboys en de daarmee samenhangende problematiek van liefdes- en/of angstgevoelens van de slachtoffers, en van de verschillende strafbaarstellingen van mensenhandel en de bijbehorende punten die van belang zijn bij de invulling van deze strafbaarstellingen.Het artikel dient als volgt geciteerd te worden: citeerwijze F.H. Damen,’ De bewijsproblematiek van loverboypraktijken’, Delikt en Delinkwent 2011, 35.

    Publicaties

    • Artikelen
    • Minderjarigen / Kinderhandel
    • Bewijs
    • Loverboy
    • Vrijspraak
    • Nederlands

Pagina's