Documentsoort

Thema

Land

Trefwoord

Organisatie

Pagina's

Resultaten 31 - 40 van totaal 4132 resultaten
  1. Taal Nederlands   Uiit toelichting Officiele Bekendmakingen https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2017-74288.html   Met deze regeling wordt het Schadefonds Geweldsmisdrijven (Schadefonds) gedurende 2018 bij wijze van proef uitgebrei ...

     Uiit toelichting Officiele Bekendmakingenhttps://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2017-74288.html Met deze regeling wordt het Schadefonds Geweldsmisdrijven (Schadefonds) gedurende 2018 bij wijze van proef uitgebreid met een Subcommissie slachtofferschap mensenhandel (hierna: subcommissie), die tot taak heeft om op aanvraag een multidisciplinair deskundigenbericht uit te brengen over de vraag of het aannemelijk is dat de aanvrager slachtoffer van mensenhandel is in de zin van artikel 273f van het Wetboek van Strafrecht (Sr). Dat deskundigenbericht kan de aanvrager helpen bij de aanvraag van een verblijfsvergunning op humanitaire gronden of een andere collectieve voorziening. Deze pilot is ondergebracht bij het Schadefonds vanwege de daar beschikbare kennis en expertise. De ondersteuning van (mogelijke) slachtoffers van mensenhandel is in Nederland in belangrijke mate gerelateerd aan het (verloop van het) strafproces. Onder meer de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en GRETA pleiten ervoor om de identificatie van slachtoffers van mensenhandel meer los te koppelen van het strafproces, door het inrichten van een alternatieve, onafhankelijke identificatieprocedure. Op dit moment zijn er verschillende partijen, zoals de IND en opvanginstellingen, die worden geconfronteerd met de vraag of het aannemelijk is of iemand slachtoffer van mensenhandel is of niet. Bij een grote groep slachtoffers van mensenhandel kan of wordt het slachtofferschap niet door middel van een strafrechtelijke vervolging van de dader bewezen of vastgesteld. Ook zonder vervolging en veroordeling van de verdachte/dader kan iemand wel degelijk slachtoffer zijn en moet hij of zij dus toegang kunnen krijgen tot bepaalde voorzieningen. Hiertoe dient een procedure te worden ingericht. Om vorm te geven aan een dergelijke procedure, is binnen het Nationaal Verwijsmechanisme Mensenhandel (NVM) het traject ‘multidisciplinaire advisering slachtofferschap mensenhandel’ gestart. In dat kader is in 2015 een verkennend onderzoek verricht, waarin de mogelijkheden hiertoe zijn onderzocht. Dit heeft geresulteerd in een pre-pilot (van september 2015 tot april 2016), uitgevoerd door het Schadefonds Geweldsmisdrijven, waarin de impact en mogelijkheden hieromtrent verder werden geïnventariseerd.In vervolg op de pre-pilot wordt in 2018 door het Schadefonds een operationele pilot uitgevoerd. Deze heeft als hoofddoelen: 1) nagaan of de multidisciplinaire commissie slachtofferschap mensenhandel daadwerkelijk de aannemelijkheid van slachtofferschap kan beoordelen en 2) nagaan of het deskundigenbericht van de subcommissie toegevoegde waarde heeft voor betrokken partijen (zoals de slachtoffers zelf, de IND en opvanginstellingen). Het WODC zal de pilot eind 2018 evalueren. Aan de hand van de resultaten daarvan kan eventueel worden besloten om de pilot te verlengen, of om de werkwijze van de pilot voort te zetten in een structurelere vorm, en welke aanpassingen eventueel nodig zijn. 

    Overheidspublicaties

    • Overheidspublicaties
    • verblijfsregeling
    • bescherming
    • Slachtoffer
    • Mensenhandel
    • subcomissie
    • Nederlands
  2. Taal Nederlands A systematic review of the state of the literature on sexually exploited boys internationally   M. Moynihan et al. 2018 Chlid Abuse & Neglect: 440-451     Bovenstaand review focust op het beter begrijpen en identificeren ...

    A systematic review of the state of the literature on sexually exploited boys internationally M. Moynihan et al. 2018 Chlid Abuse & Neglect: 440-451   Bovenstaand review focust op het beter begrijpen en identificeren van kennis lacunes betreffende de seksuele uitbuiting van jongens. De vraag die in het onderzoek beantwoord wordt is wat de staat is van onderzoek naar dit onderwerp op internationaal gebied. Om antwoord te geven op deze vraag worden er drie sub-vragen beantwoord: 1) Wat zijn de antecedenten en voorspellers van minderjarige (child- en adolescent) seksuele uitbuiting voor jongens? 2) Wat zijn de specifieke kenmerken van seksuele uitbuiting onder jongens (eigenschappen van de jongens en uitbuiters, de situatie waarin het zich afspeelt, de aard van de relaties tussen uitbuiter en slachtoffer)? 3) Wat zijn de fysieke- en mentale gezondheidsgevolgen, sociale gevolgen en de bijkomende gezondheid- en sociale zorg die jongens van seksuele uitbuiting nodig hebben? De resultaten van het onderzoek laten zien dat de seksuele uitbuiting van jongens een probleem is dat zich in hogere en lagere sociale milieus afspeelt waarbij er significante gezondheidsverschillen geïdentificeerd zijn tussen jongens die seksueel uitgebuit worden en hun niet-uitgebuite leeftijdsgenoten. Voorzieningen die bedoeld zijn om jongens die slachtoffer zijn van seksuele uitbuiting te ondersteunen, moeten rekening houden met specifieke gender-gerelateerde problemen. Uit het review komt naar voren dat de bewustwording van seksuele uitbuiting onder jongens versterkt moet worden; hierbij wordt er specifiek gerefereerd naar scholen. Daarnaast moeten educatieve-, sociale- en gezondheidsdiensten bewust worden van de factoren die jongens kwetsbaar maken voor seksuele uitbuiting, waaronder kindermishandeling. Zij moeten tijdig kunnen handelen wanneer zij signalen van seksuele uitbuiting treffen, iemand kwetsbaar hiervoor is of wanneer zij de gevolgen hiervan bij een jongen ondervinden.     

    Publicaties

    • Publicaties
    • Jongensprostitutie
    • Seksuele uitbuiting
    • review
    • Nederlands
  3. Taal Nederlands Brief van Staatssecretaris Harbers aan de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal   Uit de brief:   "De aanpak van mensenhandel heeft de volle aandacht van het kabinet. In het regeerakkoord zijn verschillende ...

    Brief van Staatssecretaris Harbers aan de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Uit de brief: "De aanpak van mensenhandel heeft de volle aandacht van het kabinet. In het regeerakkoord zijn verschillende maatregelen aangekondigd om de aanpak te intensiveren. Met deze brief informeer ik uw Kamer over het plan van aanpak dat ik hiertoe zal formuleren. Ik ga ook in op de stand van zaken rond de uitvoering van enkele door uw Kamer aangenomen moties (moties Van Nispen en Volp1 en Toorenburg en Van Nispen2). Verder reageer ik – mede namens de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport – op het verzoek van de vaste commissie inzake het bericht «Gemeenten volgen advies over aanpak mensenhandel slecht op». Tot slot maak ik van de gelegenheid gebruik om enkele rapporten van de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen (Nationaal Rapporteur) door te geleiden naar uw Kamer, alsmede de evaluatie van dit instituut."  

    Overheidspublicaties

    • Overheidspublicaties
    • aanpak
    • brief
    • Mensenhandel
    • NRM
    • Nederlands
  4. Taal Nederlands Antwoord op de Kamervragen van de leden  Segers (ChristenUnie) en Kuik (CDA) over het bericht "95 procent van gemeenten heeft geen beleid voor aanpak mensenhandel". Antwoord van Staatssecretaris Harbers (Justitie e ...

    Antwoord op de Kamervragen van de leden Segers (ChristenUnie) en Kuik (CDA) over het bericht "95 procent van gemeenten heeft geen beleid voor aanpak mensenhandel". Antwoord van Staatssecretaris Harbers (Justitie en Veiligheid).  

    Overheidspublicaties

    • Overheidspublicaties
    • aanpak
    • Kamervragen
    • gemeenten
    • beleid mensenhandel
    • Nederlands
  5. Taal Nederlands Antwoord op de Kamervragen van het lid Van der Staaij (SGP) over het niet herkennen van signalen van mensenhandel door artsen aan de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid en de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en ...

    Antwoord op de Kamervragen van het lid Van der Staaij (SGP) over het niet herkennen van signalen van mensenhandel door artsen aan de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid en de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Antwoord van Minister De Jonge (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) mede namens de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.  

    Overheidspublicaties

    • Overige documenten overheid
    • Nederlands
  6. Taal Nederlands De Wereld van de Mannenprostitutie: Exploratief Onderzoek naar Kenmerken van Mannelijke Sekswerkers, Strafbare Feiten met betrekking tot en de Politionele Aanpak van Mannenprostitutie     Uit Samenvatting:   Huidig onderzoek ...

    De Wereld van de Mannenprostitutie: Exploratief Onderzoek naar Kenmerken van Mannelijke Sekswerkers, Strafbare Feiten met betrekking tot en de Politionele Aanpak van Mannenprostitutie  Uit Samenvatting: Huidig onderzoek was enerzijds gericht op kenmerken en strafbare feiten met betrekking tot mannelijke sekswerkers en anderzijds op de huidige politionele aanpak van mannenprostitutie. Om het voorgenoemde te achterhalen is een online survey onder mannelijke sekswerkers op diverse websites voor seksuele dienstverlening verspreid en zijn semi-gestructureerde interviews (N = 18) onder opsporingsambtenaren van de eenheden Zeeland – West-Brabant en Rotterdam afgenomen.Uit huidig onderzoek is ten eerste naar voren gekomen dat een kwart (25,0%, n = 20) van de respondenten op minderjarige leeftijd gestart is met de prostitutiepraktijken en zijn geld, spanning en seks de belangrijkste beweegredenen voor het beginnen met en het voortzetten van prostitutiepraktijken. Ten tweede is omtrent strafbare feiten gebleken dat minderjarigen benaderd worden voor betaalde seks, meerderjarige klanten betaalde seks hebben met minderjarige sekswerkers en minderjarigen aangezet worden tot prostitutie. Bovendien worden minderjarige starters significant vaker benaderd door een prostituant voor de eerste keer betaalde seks dan meerderjarige starters. Ten derde is naar voren gekomen dat het zicht op mannelijke sekswerkers binnen de twee politie-eenheden zeer gering is. Opsporingsambtenaren hebben aangegeven meer prioriteit te willen geven aan de aanpak van mannenprostitutie. Onduidelijkheid bestaat over de inzet van bestuursrechtelijke en strafrechtelijke bevoegdheden wanneer mogelijk sprake is van een minderjarige sekswerker. Masterscriptie geschreven door Gerlise Vos  

    Publicaties

    • Thesis
    • mannenprostitutie
    • criminologie
    • Sekswerkers
    • Nederlands
  7. Rechtbank Noord-Nederland Taal Nederlands Op 21 november 2017 heeft de Rechtbank Noord-Nederland verdachte veroordeeld voor mensenhandel, meermalen gepleegd en mishandeling. Verdachte heeft zich negen jaar schuldig gemaakt aan mensenhandel ...

    Op 21 november 2017 heeft de Rechtbank Noord-Nederland verdachte veroordeeld voor mensenhandel, meermalen gepleegd en mishandeling. Verdachte heeft zich negen jaar schuldig gemaakt aan mensenhandel ten opzichte van twee vrouwelijke slachtoffers. Daarnaast heeft hij een van de twee slachtoffers gedwongen om elke dag seks met heb te hebben. Verdachte heeft misbruik gemaakt van een kwetsbare postie, gedreigd met geweld en misbruik gemaakt van een uit feitleijke omstandigheden voortvloeiend overwicht. Op het moment dat verdachte de twee slachtoffers leerde kennen, bevonden slachtoffers zich in een kwetbare positie en waren ontvankelijk voor aandacht en liefde. Hij is met beide slachtoffers een relatie begonnen, heeft hen daarna geïsoleerd van hun sociale omgeving en vervolgens in de prostitutiewereld gebracht. Vanwege de mishandelingen en bedreigingen durfden slachtoffers zich niet tegen verdachte te verzetten. Verdachte heeft twee slachtoffers uitgebuit nu hij financieel gewin heeft verworven uit hun prostitutiewerkzaamheden. Het verdiende geld moest volledig worden afgedragen aan verdachte.De rechtbank is van mening dat een onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend is. Dit omdat hij in 2007 al onherroepelijk is veroordeeld voor mensenhandel ten opzichte van het eerste slachtoffer. Hierna is hij dus meteen doorgegaan met het voortzetten van mensenhandelactiviteiten. Verdachte wordt uiteindelijk veroordeelt tot een gevangenisstraf van 5 jaar. Daarnaast moet slachtoffer de twee slachtoffers een geldelijk bedrag betalen.  

    Jurisprudentie

    • Jurisprudentie
    • Nederland
    • Rechtbank Noord-Nederland
    • Strafrecht
    • Veroordeling mensenhandel
    • Gevangenisstraf
    • Nederlands
  8. Rechtbank Noord-Nederland Taal Nederlands Op 31 oktober 2017 heeft de Rechtbank Noord-Nederland (de vrouwelijke) verdachte veroordeeld voor mensenhandel. Verdachte heeft een Braziliaanse vrouw naar Nederland gelokt om haar te brengen in de ...

    Op 31 oktober 2017 heeft de Rechtbank Noord-Nederland (de vrouwelijke) verdachte veroordeeld voor mensenhandel. Verdachte heeft een Braziliaanse vrouw naar Nederland gelokt om haar te brengen in de prostiutie en heeft hierbij gebruik gemaakt van de dwangmiddelen misleiding, misbruik van een uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en misbruik van een kwetsbare positie. Verdachte heeft financieel voordeel behaald uit werkzaamheden die door het slachtoffer zijn verricht. Daarnaast is sprake geweest van een nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en medeverdachte, wat resulteert in medeplegen.Wat betreft de strafmotivering, constateert de rechtbank dat er sprake is geweest van overschrijding van de redelijke termijn. Aangezien verdachte al in voorlopige hechtenis heeft gezeten, acht de rechtbank het niet passend om een onvoorwaardelijke gevangenisstraf langer dan de duur van het voorarrest op te leggen. Wel is er een voorwaardelijke gevangenisstraf opgelegd voor de duur van 169 dagen en een taakstraf voor de duur van 240 uren.

    Jurisprudentie

    • Jurisprudentie
    • Nederland
    • Rechtbank Noord-Nederland
    • Strafrecht
    • Veroordeling mensenhandel
    • overschrijding redelijke termijn
    • vrouwelijke verdachte
    • Nederlands
  9. 1 Taal Nederlands Antwoord op de Kamervragen van de leden Van Nispen en Jasper van Dijk (SP) over het bericht inzake kansloze aangiftes bij mensenhandel, door minister Grapperhaus (Justitie en Veiligheid), mede namens de staatssecretaris van ...

    Antwoord op de Kamervragen van de leden Van Nispen en Jasper van Dijk (SP) over het bericht inzake kansloze aangiftes bij mensenhandel, door minister Grapperhaus (Justitie en Veiligheid), mede namens de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.       

    Overheidspublicaties

    • Overheidspublicaties
    • Aangiftebereidheid
    • Kamervragen
    • Mensenhandel
    • SP
    • Nederlands
  10. Taal Nederlands   ‘Prostitutie in Beeld Gebracht’   In opdracht van de gemeente Arnhem geeft dit onderzoek inzicht in de aard en omvang van de zichtbare en de onzichtbare prostitutie in de gemeente. Tevens is ter evaluatie van het gevoerde ...

     ‘Prostitutie in Beeld Gebracht’  In opdracht van de gemeente Arnhem geeft dit onderzoek inzicht in de aard en omvang van de zichtbare en de onzichtbare prostitutie in de gemeente. Tevens is ter evaluatie van het gevoerde beleid onderzocht wat de huidige situatie van voormalig sekswerkers in de Zorgzone is. Verschijningsvormen vergunde en niet-vergunde prostitutieIn de gemeente Arnhem zijn zowel vergunde als niet-vergunde vormen van seksuele dienstverlening zichtbaar. Het aantal vergunde seksinrichtingen, waaronder een privéhuis, escortbureau en een SM-studio, bedraagt in 2017 vijf. Het gaat hier voornamelijk om Nederlandse sekswerkers die al langere tijd werkzaam zijn in de seksuele dienstverlening. De sekswerkers worden regelmatig medisch gecontroleerd door de GGD en het PCT constateert binnen deze vergunde sector geen overtredingen. Binnen de vergunde sector spelen straatsekswerkers op de Zorgzone een specifieke groep die de afgelopen jaren flink gedaald is. Echter komt uit dit onderzoek naar voren dat deze groep erg problematisch van karakter is; hierbij gaat het om psychosociale problemen en politiecontacten.Het toezicht op de niet-vergunde prostitutiebranche in Arnhem, met name de thuisprostitutie, is volgens het onderzoek toegenomen doordat sekswerkers het internet gebruiken voor het plaatsen van advertenties. Een groot gedeelte van dit aantal sekswerkers is van Zuid-Amerikaanse of Oost-Europese afkomst. De PCT heeft maar een beperkte groep thuissekswerkers in beeld, waardoor het echter lastig is om vast te stellen hoeveel van deze sekswerkers bedrijfsmatig en daarmee illegaal werken. De andere vorm van illegale prostitutie die naar voren is gekomen is een kleine groep straatprostituees. Deze vrouwen werken buiten de Zorgzone, de gelegaliseerde tippelzone in Arnhem waarbij ook hulpverlening aan de straatprostituees geboden wordt.In 2012 is er besloten dat er geen nieuwe vergunningen meer verleend worden voor de Zorgzone, om de tippelzone op deze manier langzaam te sluiten. Er zijn met acht van de negen sekswerkers op de Zorgzone gesprekken gevoerd en zij laten unaniem weten over te stappen op de niet-vergunde sector bij een eventuele sluiting van de Zorgzone. Zij geven aan de Zorgzone als een veilige omgeving te beschouwen en er is sprake van een hechte band tussen de verschillende sekswerkers. Ook de hulpverleners zijn van mening dat het sluiten van de Zorgzone de sekswerkers in de illegale sector zal doen verdwijnen waarbij het monitoren en bieden van hulp aan deze groep mogelijk vermoeilijkt wordt. Uitstapprogramma Next Step Next Step is een uitstapprogramma dat in 2010 gestart is, met als doel sekswerkers uit de seksbranche te begeleiden naar ander werk. In totaal hebben 12 sekswerkers die op de Zorgzone hebben gewerkt meegedaan aan dit uitstapprogramma, waarvan uiteindelijk vier inkomsten hebben uit ander werk. Echter is weinig bekend over hoe recent deze cijfers zijn en hoe het nu gaat met de (voormalige) sekswerkers. Voor het onderzoek zijn ook interviews met professionals uit andere steden gedaan waar ook sprake was of is van een dergelijke zorgzone. Zij laten weten dat vanwege de problematische leefstijl en achtergrond belangrijk is de sekswerkers tegen zichzelf te beschermen door middel van het bieden van primaire levensbehoeftes. Het accent ligt hierbij niet op het doorstromen naar werk buiten de seksbranche. Aanbevelingen De handhaving en het toezicht op de illegale vormen van prostitutie moeten gezien de verplaatsingseffecten, door de diverse gemeentes in de regio worden afgestemd. Daarnaast moeten de controles in de vergunde sector overgedragen worden van het PCT  naar gemeentelijke medewerkers die gespecialiseerd zijn in het herkennen van signalen van mensenhandel. Hiermee zou capaciteit bij het PCT vrijkomen, die ingezet kan worden op bestuurlijke controles van internetsekswerkers (naast mogelijke slachtoffers van mensenhandel). Verder moet onderzocht worden of het huidige zorg- en hulpaanbod voldoende in beeld is bij de internetsekswerkers en in hoeverre deze werkwijze aangepast moet worden om ervoor te zorgen dat de internetsekswerkers een veilige en gezonde werkomgeving hebben. Tot slot moet als de Zorgzone gesloten wordt, hierover goed gecommuniceerd worden met de sekswerkers. Er moet op individueel niveau een plan van aanpak ontwikkeld worden die de sekswerkers voldoende hulp en zorg zal bieden. Ook is het noodzaak dat de gemeente, de zorg, veiligheid en opvang vooraf zorgen voor een goede samenwerking. Het rapport is geschreven door Anton van Wijk, Manon Hardeman, Tom van Ham, Anouk Lenders en Juno van Esseveldt. Onderstaand de link naar Bureau Beke, die het onderzoek uitgevoerd heeft:http://beke.nl/publicaties/prostitutie-in-beeld-gebracht   

    Publicaties

    • Publicaties
    • niet-vergunde
    • Sekswerkers
    • Prostitutie
    • Mensenhandel
    • vergunde
    • Nederlands

Pagina's