Documentsoort

Thema

Land

Trefwoord

Organisatie

  • 2016

Pagina's

Resultaten 11 - 20 van totaal 275 resultaten
  1. Taal Nederlands Staatssecretaris V&J Op 23 december 2016 heeft de Staatscourant de wijziging van de Vreemdelingencirculaire 2000 gepubliceerd. Op het terrein van mensenhandel luidt nu het volgende: Familie-en of gezinslid van slachtoffe ...

    Op 23 december 2016 heeft de Staatscourant de wijziging van de Vreemdelingencirculaire 2000 gepubliceerd. Op het terrein van mensenhandel luidt nu het volgende:Familie-en of gezinslid van slachtoffer mensenhandel, getuige-aangever mensenhandel of slachtoffer eergelelateerd geweld of huiselijk geweldAls de referent een verblijfsvergunning heeft op tijdelijke humanitaire gronden, verband houdend met mensenhandel of eergerelateerd geweld of huiselijk geweld, dan wijst de IND de aanvraag voor een verblijfsvergunning met toepassing van artikel 3.13, tweede lid, Vb niet af op grond van artikel 16, eerste lid, aanhef en onder c, Vw als de referent niet zelfstandig en duurzaam beschikt over voldoende middelen van bestaan. Ook in het Model M55 zijn aanpassingen te vinden.

    Overheidspublicaties

    • Overheidspublicaties
    • Nederland
    • Staatssecretaris V&J
    • Vreemdelingencirculaire 2000
    • Nederlands
  2. Taal Nederlands DSP-groep Amsterdam Universiteit Tilburg Op 22 december 2016 is het rapport van de DSP-groep Amsterdam en de Universiteit Tilburg gepubliceerd. De Eritrese gemeenschap in Nederland is de afgelopen jaren in Nederland sterk ge ...

    Op 22 december 2016 is het rapport van de DSP-groep Amsterdam en de Universiteit Tilburg gepubliceerd.De Eritrese gemeenschap in Nederland is de afgelopen jaren in Nederland sterk gegroeid, maar op het moment is er nog onvoldoende informatie beschikbaar over deze groep. Om meer over deze groep te weten heeft DSP een onderzoek tussen 21 september 2016 en 1 november 2016 uitgevoerd. Ook bij de Eritrese gemeenschap in Nederland blijkt mensenhandel een rol te spelen waar mogelijk rekening mee moet worden gehouden.

    Publicaties

    • Rapporten
    • Nederland
    • DSP-groep Amsterdam
    • Universiteit Tilburg
    • Eritreërs
    • Nederlands
  3. Rechtbank Overijssel Taal Nederlands Op 15 december 2016 heeft de Rechtbank Overijssel verdachte schuldig bevonden aan mensenhandel. Verdachte heeft gedurende de periode van 2010-2015 in Nederland en/of in Hongarije vijf Hongaarse vrouwen u ...

    Op 15 december 2016 heeft de Rechtbank Overijssel verdachte schuldig bevonden aan mensenhandel. Verdachte heeft gedurende de periode van 2010-2015 in Nederland en/of in Hongarije vijf Hongaarse vrouwen uitgebuit en voordeel getrokken uit de werkzaamheden van de slachtoffers in de prostitutie.De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van negen jaar. Daarnaast moet hij aan twee van de vrouwen schadevergoedingen betalen van in totaal 459.000 euro.De bijlage met bewijsmiddelen is ook toegevoegd aan het vonnis.

    Jurisprudentie

    • Jurisprudentie
    • Nederland
    • Rechtbank Overijssel
    • Strafrecht
    • Veroordeling mensenhandel
    • Nederlands
  4. Hoge Raad Taal Nederlands Op 20 december 2016 heeft de Hoge Raad de bestreden uitspraak terug naar het Gerechtshof 's-Hertogenbosch verwezen, zodat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw kan worden berecht en afgedaan. De Hoge R ...

    Op 20 december 2016 heeft de Hoge Raad de bestreden uitspraak terug naar het Gerechtshof 's-Hertogenbosch verwezen, zodat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw kan worden berecht en afgedaan.De Hoge Raad is van oordeel dat uit de bewijsvoering van het Hof niet volgt dat bij de bewezensverklaarde gedragingen sprake was van uitbuiting. Om te voldoen aan artikel 273f eerste lid aanhef en onder 3 Sr moet echter uitbuiting worden bewezen, omdat dit gezien kan worden als een impliciet bestanddeel van dit artikel. Nu het Hof deze bewijsvoering achterwege heeft gelaten, kan de bestreden uitspraak niet in stand blijven en wordt het verzoek van de verdachte gegrond verklaard. 

    Jurisprudentie

    • Jurisprudentie
    • Nederland
    • Hoge Raad
    • Strafrecht
    • Uitbuiting
    • Mensenhandel
    • Nederlands
  5. Hoge Raad Taal Nederlands Op 20 december 2016 heeft de Hoge Raad overwogen dat het verzoek tot het stellen van prejudiciële vragen aan het Hof van Justitite niet voor inwilliging vatbaar is.  De eerder veroordeelde verdachte had aangevochte ...

    Op 20 december 2016 heeft de Hoge Raad overwogen dat het verzoek tot het stellen van prejudiciële vragen aan het Hof van Justitite niet voor inwilliging vatbaar is. De eerder veroordeelde verdachte had aangevochten dat het aanwerven van een persoon uit een ander land om in de prostitutie te gaan niet direct mensenhandel met zich meebrengt, aangezien dit een beperking op de keuzevrijheid oplevert. Een dergelijke zienswijze zou een ongeoorloofde inbreuk opleveren van het discriminatieverbod alsmede het vrije verkeer van werknemers en personen binnen de EU, zo werd beargumenteerd.De Hoge Raad is echter van oordeel dat dit betoog niet op gaat. In het onderhavige geval houdt de bewezensverklaring namelijk niet alleen in dat de verdachte het slachtoffer heeft aangeworven in een ander land om zich beschikbaar te stellen voor het verrichten van prostitutiewerkzaamheden, maar ook dat hij haar onder meer door dreiging met geweld heeft geworden met het oogmerk van seksuele uitbuiting aen het opzettelijk voordeel trekken uit de seksuele uitbuiting. Hierdoor kan niet worden gesteld dat de veroordeling uitsluitend berust op het feit dat de verdachte een persoon uit het buitenland heeft aangeworven en/of meegenomen.Het middel van verdachte faalt. 

    Jurisprudentie

    • Jurisprudentie
    • Nederland
    • Hoge Raad
    • Strafrecht
    • Veroordeling mensenhandel
    • Prejudiciële vragen
    • Nederlands
  6. Rechtbank Noord-Nederland Taal Nederlands Op 19 december 2016 heeft de Rechtbank Noord-Nederland verdachte vrijgesproken van mensenhandel. Verdachte heeft verklaard dat hij niet wist dat slachtoffer escortwerkzaamheden verrichte en dat hij ...

    Op 19 december 2016 heeft de Rechtbank Noord-Nederland verdachte vrijgesproken van mensenhandel.Verdachte heeft verklaard dat hij niet wist dat slachtoffer escortwerkzaamheden verrichte en dat hij niet wist dat hij haar naar escortafspraken bracht. De rechtbank stelt op basis van de verklaringen van slachtoffer en een getuige vast dat de verdachte wel degelijk wist dat hij het slachtoffer naar escortafspraken bracht. Wel is de rechtbank van oordeel dat onvoldoende is gebleken of verdachte hiervoor betaald kreeg en er dus enig (economisch) voordeel uit haalde.  De rechtbank is van oordeel dat bij de beantwoording van de vraag of sprake is van uitbuiting, ook als het gaat om gedwongen prostitutie, enige betekenis toekomt aan het (economisch) voordeel dat door de verdachte wordt behaald of beoogd. De rechtbank ziet het profiteren van de werkzaamheden van een ander als één van de wezenlijke elementen van uitbuiting. Hierbij stelt de rechtbank dat vereist is dat verdachte het besef had dat er uitbuiting was en dat hij dit had gewild. Uit de verklaringen blijkt niet dat toen de verdachte het slachtoffer van Schiphol haalde hij wist van de mogelijke uitbuitingssituatie en ook niet toen hij haar huisvestte en vervoerde naar escortafspraken. Daarbij kan niet worden bevestigd dat verdachte geld heeft ontvangen.Met deze overweging spreekt de rechtbank de verdachte vrij van het tenlastegelegde mensenhandel nu er niet is voldaan aan het oogmerk op uitbuiting.

    Jurisprudentie

    • Jurisprudentie
    • Nederland
    • Rechtbank Noord-Nederland
    • Strafrecht
    • Vrijspraak mensenhandel
    • medeplichtigheid
    • Nederlands
  7. Rechtbank Zeeland-West-Brabant Taal Nederlands Op 19 december 2016 heeft de Rechtbank Zeeland-West-Brabant wettig en overtuigend bewezen geacht dat verdachte tezamen en in vereniniging met een ander of anderen een minderjarig slachtoffer he ...

    Op 19 december 2016 heeft de Rechtbank Zeeland-West-Brabant wettig en overtuigend bewezen geacht dat verdachte tezamen en in vereniniging met een ander of anderen een minderjarig slachtoffer heeft uitgebuit en daarmee zich schuldig heeft gemaakt aan mensenhandel.De rechtbank heeft geconstateerd dat de minderjarige aangeefster op sommige punten in de verklaringen wisselend heeft verklaard. Dit verschil was te zien bij het intakegesprek en bij het doen van aangifte. De rechtbank is van oordeel dat dit verschil in karakter van de verklaringen komt door de omstandigheden waarin de aangeefster heeft verklaard. Bij het intakegesprek was het laat op de avond en was zij net door de politie op straat gevonden.Op basis van de verklaringen van aangeefster en verdachte is de rechtbank van oordeel dat verdachte op de hoogte was van de seksuele uitbuiting van aangeester. Zij hebben kort nadat aangeefster is gearriveerd het over seksuele uitbuiting gehad en medeverdachte heeft tegen haar verteld dat zij als prostituee moest gaan werken.De rechtbank is van oordeel dat sprake was van medeplegen van verdachte met de medeverdachten ten aanzien van het tenlastegelegde mensenhandel, want er was geplande samenwerking.Verdachte wordt veroordeelt tot een gevangenisstraf van 365 dagen, maar 321 dagen hiervan zullen niet ten uitvoer worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. Daarbij ontvangt verdachte een taakstraf van 240 uren.

    Jurisprudentie

    • Jurisprudentie
    • Nederland
    • Rechtbank Zeeland-West-Brabant
    • Strafrecht
    • Medeplegen
    • minderjarig slachtoffer
    • Mensenhandel
    • Nederlands
  8. Rechtbank Noord-Nederland Taal Nederlands Op 15 december 2016 heeft de Rechtbank Noord-Nederland verdachte vrijgesproken van het ten laste gelegde mensenhandel. De rechtbank stelt valt dat de verdediging niet in de gelegenheid is gesteld de ...

    Op 15 december 2016 heeft de Rechtbank Noord-Nederland verdachte vrijgesproken van het ten laste gelegde mensenhandel.De rechtbank stelt valt dat de verdediging niet in de gelegenheid is gesteld de belastende getuige (het slachtoffer) te ondervragen en dat hiervoor geen compensatie mogelijk is. Ten aanzien van de rechtvaardiging van de inbreuk op het ondervragingsrecht overweegt de rechtbank dat de betwiste onderdelen van de verklaringen van het slachtoffer door de verdachte  in voldoende mate ondersteund worden door de verklaringen van de partner van het slachtoffer. De verdediging heeft namelijk de verklaringen van de partner van het slachtoffer kunnen toetsen middels meerdere verhoren bij de rechter-commissaris volgens de rechtbank.Toch heeft de rechtbank niet de overtuiging gekregen dat slachtoffer en haar partner slachtoffer beschreven wijze door verdachte is gedwongen tot het verrichten van prostitutiewerkzaamheden en het afstaan van haar verdiensten. Dit komt onder andere doordat het slachtoffer telkens ontkend had dat zij al in de prostitutie had gewerkt en bleef werken, maar dit achteraf onjuist bleek. De verdachte wordt door de rechtbank vrijgesproken nu het ten laste gelegde niet bewezen is verklaard. 

    Jurisprudentie

    • Jurisprudentie
    • Nederland
    • Rechtbank Noord-Nederland
    • Strafrecht
    • Vrijspraak mensenhandel
    • ontbreken van overtuigend wettelijk bewijs
    • Nederlands
  9. Gerechtshof Amsterdam Taal Nederlands Op 8 december 2016 heeft het Gerechtshof Amsterdam de verdachte vrijgesproken van het tenlastegelegde mensenhandel. Het Hof overwoog dat er geen bewijs naar voren is gekomen dat de verdachte zich schuld ...

    Op 8 december 2016 heeft het Gerechtshof Amsterdam de verdachte vrijgesproken van het tenlastegelegde mensenhandel. Het Hof overwoog dat er geen bewijs naar voren is gekomen dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de ten laste gelegde handelingen met betrekking tot artikel 273f Sr.Uit de totstandkomingsgeschiedenis van artikel 273f Sr en de toepasselijke jurisprudentie volgt dat mensenhandel is gericht op uitbuiting. Het gebrek aan keuzevrijheid en afhankelijkheid komt nader tot uitdrukking in de verschillende bestanddelen van artikel 273f Sr, waarbij deze gedragingen alleen bestraft kunnen worden als zij zijn begaan onder omstandigheden waarbij (oogmerk van) uitbuiting kan worden verondersteld. Het enkele aanwenden van dwangmiddelen is niet voldoende om uitbuiting op te leveren, maar het (impliciet in te lezen) oogmerk van uitbuiting brengt met zich mee dat sprake moet zijn van een (voorgenomen) ernstige inbreuk op de lichamelijke en/of geestelijke integriteit en/of de persoonlijke vrijheid. Het Hof overwoog dat in dit geval sprake was van een uitbuitingssituatie wanneer de betrokkene in een situatie verkeert die niet gelijk is aan de omstandigheden waarin een mondige prostitue(e) pleegt te verkeren in Nederland. Hier was dit echter niet het geval.Wel kan worden bewezen dat verdachte het slachtoffer heeft bewogen hem te bevoordelen uit de opbrengst van seksuele handelingen door middel van misleiding. In diverse telefoongesprekken vraagt de verdachte aan slachtoffer om geld naar hem over te maken voor doeleinden (die achteraf verzonnen bleken te zijn). Hiermee heeft verdachte doelbewust een foute voorstelling van zaken gegeven.  Het hof heeft echter niet kunnen vaststellen dat van (het oogmerk van) uitbuiting sprake is geweest. Er blijkt geen sprake te zijn van een afhankelijkheidspositie van het slachtofffer aan de verdachte. Het bewijsmateriaal is onvoldoende om te kunnen spreken van een dermate ernstige inbreuk op de lichamelijke of geestelijke integriteit of persoonlijke vrijheid van het slachtoffer dat in dit geval (het oogmerk van) uitbuiting bewezen kan worden geacht.Verdachte wordt vrijgesproken.

    Jurisprudentie

    • Jurisprudentie
    • Nederland
    • Gerechtshof Amsterdam
    • Strafrecht
    • Vrijspraak mensenhandel
    • geen oogmerk van uitbuiting
    • Nederlands
  10. Taal Nederlands Tweede Kamer Op 29 november 2016 heeft minister Van der Steur een brief geschreven aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal. In deze brief benadrukt de minister dat de integrale aanpak van mensenhandel onver ...

    Op 29 november 2016 heeft minister Van der Steur een brief geschreven aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal. In deze brief benadrukt de minister dat de integrale aanpak van mensenhandel onverminderd prioriteit houdt. In een van de pijlers, de strafrechtelijke aanpak van mensenhandel, wordt nu terugloop geconstateerd. Daarom heeft de minister ervor gekozen te investeren in deze aanpak, waarbij er één miljoen euro extra beschikbaar komt voor politie en OM in 2017. Verder geeft de minister in deze brief aan wat er uit het Monitor Mensenhandel 2015 van de Nationaal Rapporteur gezegd kan worden.

    Overheidspublicaties

    • Brieven van ministers en staatssecretarissen
    • Nederland
    • Tweede Kamer
    • Integrale aanpak mensenhandel
    • Nederlands

Pagina's