• Raad van State
  • B8/3
  • 2013
Resultaten 1 - 2 van totaal 2 resultaten
  1. Language Dutch 63 reads States Council (Dutch) De B9-verblijfsvergunning van de vreemdeling wordt met terugwerkende kracht ingetrokken naar het moment waarop het Gerechtshof uitspraak heeft gedaan in de beklagprocedure. De rechtbank vindt dit onredelijk, ...

    De B9-verblijfsvergunning van de vreemdeling wordt met terugwerkende kracht ingetrokken naar het moment waarop het Gerechtshof uitspraak heeft gedaan in de beklagprocedure. De rechtbank vindt dit onredelijk, omdat er voor de vreemdeling een 'verblijfsgat' zal ontstaan en zij in de periode geen verstrekkingen en opvang had mogen ontvangen. De Raad van State oordeelt:'Voor het oordeel dat onder de door de rechtbank geschetste omstandigheden intrekking met terugwerkende kracht van de aan vreemdeling 1 verleende verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder een beperking verband houdend met de vervolging van mensenhandel kennelijk onredelijk is, bestaat geen aanleiding. Gelet op de onder 4 weergegeven wet- en regelgeving diende vreemdeling 1 ermee rekening te houden dat deze vergunning zou worden ingetrokken met ingang van de datum van de uitspraak van het gerechtshof. Voorts bestaan geen aanwijzingen dat tot terugvordering van de verstrekkingen zal worden overgegaan.'

    Jurisprudentie

    • Vreemdelingenrecht
    • Raad van State
    • B8/3
    • B8/3
    • Nederlands
  2. Language Dutch 46 reads States Council (Dutch) Zowel staatssecretaris als de vreemdeling gaan in beroep tegen de uitspraak van de rechtbank. De staatssecretaris heeft zowel de aanvraag tot een verblijfsvergunning asiel als een verblijfsvergunning regulier ...

    Zowel staatssecretaris als de vreemdeling gaan in beroep tegen de uitspraak van de rechtbank. De staatssecretaris heeft zowel de aanvraag tot een verblijfsvergunning asiel als een verblijfsvergunning regulier afgewezen. De staatssecretaris oordeelde dat haar asielrelaas een positieve overtuigingskracht mist. De Raad van State gaat hierin mee. Met betrekking tot de verblijfsvergunning regulier oordeelt de Raad van State:'Het betoog van de vreemdeling dat de staatssecretaris ten onrechte heeft geweigerd haar een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking 'vervolging van mensenhandel' te verlenen, kan niet worden gevolgd. Nu de vreemdeling geen aangifte heeft gedaan, voldoet zij reeds daarom niet aan de in paragraaf B9/2 van de Vc 2000 gestelde voorwaarden om in aanmerking te komen voor verlening van deze verblijfsvergunning.'

    Jurisprudentie

    • Vreemdelingenrecht
    • Raad van State
    • Verblijfsrecht
    • Asielprocedure
    • Medische omstandigheden
    • Positieve overtuigingskracht
    • Aangifte
    • B8/3
    • Psychologisch onderzoek
    • Nederlands