Slachtoffermonitor mensenhandel 2013-2017

Publicatiedatum

18 okt 2018

Vorige week op 18 oktober, de Europese dag tegen mensenhandel, is de slachtoffermonitor van 2013-2017 verschenen. Hieruit blijkt dat het zicht op slachtoffers niet is verbeterd in 2017, zo zijn met name Nederlandse slachtoffers van uitbuiting minder zichtbaar. Waar er in 2014-2015 gemiddeld 365 slachtoffers waren, waren er in 2017 263 slachtoffers en zijn er totaal slechts 958 slachtoffers in beeld bij CoMensha (coördinatiecentrum tegen mensenhandel). Een verklaring van deze daling is dat de slachtoffers steeds vaker in sectoren werken die voor handhavende instanties minder zichtbaar zijn. Daarnaast is er een forse afname van de gemelde slachtoffers door de politie en blijken er grote verschillen te zitten in de soort meldingen van de verschillende politieregio’s. Verder ziet de Nationaal Rapporteur het gevaar van de nieuwe privacywet, die ervoor kan zorgen dat het voor organisaties zonder opsporingsbevoegdheid lastiger wordt om slachtoffers te melden. Deze organisaties moeten vanaf nu eerst schriftelijke toestemming vragen aan het slachtoffer, voordat er een melding wordt gedaan bij CoMensha. Verder is er in het rapport onderzoek gedaan naar de verblijfsregeling mensenhandel voor buitenlandse slachtoffers, waaruit blijkt dat meer dan een derde van de buitenlandse slachtoffers in plaats van verder gebruik te maken van de verblijfregeling, voor een asielprocedure kiest. Wanneer slachtoffers daarnaast uitsluitend voor de asielprocedure kiezen, kan de politie mogelijke opsporingsinformatie mislopen op mensenhandelaren te vervolgen. Naar aanleiding van de bevindingen die in de monitor naar voren komen, heeft de Nationaal Rapporteur een aantal aanbevelingen gedaan, waaronder de aanbeveling dat er gezorgd moet worden voor voldoende voorzieningen om alle registraties en meldingen van relevante slachtoffergegevens te registreren.