Kinderhandel: GRETA benadrukt wijdverbreide problematiek

Publicatiedatum

30 mrt 2017

Trafficking of children: experts highlight widespread problems

Het 30 maart gepubliceerde jaarverslag geeft een overzicht van de Raad van Europa’s Group of Experts on Action Against Trafficking in Human beings (GRETA)’s monitorende werkzaamheden gedurende het afgelopen jaar, dat voornamelijk gefocust is geweest op kinderhandel. GRETA is verantwoordelijk voor de beoordeling van de naleving van het 2005 verdrag van de  Raad van Europa betreffende de bestrijding van mensenhandel.

Het rapport laat zien dat tussen 2012 en 2015 4.361 kinderen werden geïdentificeerd als slachtoffers van mensenhandel in slechts 12 Europese landen. Vele anderen werden niet gesignaleerd en/of beschermd, als gevolg van gebrekkige identificatieprocedures, het niet toewijzen van wettige voogden en een gebrek aan geschikte en veilige huisvesting.

Uit het rapport blijkt dat kinderen gemiddeld een derde uitmaken van de geïdentificeerde slachtoffers van mensenhandel, maar hierin zijn tussen de verschillende landen significante verschillen. Kinderen worden zowel nationaal als internationaal verhandeld voor verschillende vormen van uitbuiting waaronder seksuele uitbuiting, arbeidsuitbuiting, criminele uitbuiting, huisslavernij, gedwongen bedelarij en gedwongen huwelijken.

GRETA benadrukt veelvoorkomende problematiek rond het identificeren van slachtoffers van kinderhandel en de voorziening van veilige huisvesting. Veel kinderen krijgen niet de steun waar ze wettelijk recht op hebben en sommigen worden nog steeds gestraft voor misdaden die ze onder dwang hebben gepleegd. Alleenstaande minderjarigen zijn in het bijzonder kwetsbaar voor mensenhandel, maar de autoriteiten hebben vaak weinig tot geen informatie over het vaststellen van slachtofferschap bij deze kinderen.

Minderjarige slachtoffers mensenhandel in Nederland
Sinds 2011 ontwikkelde de Nederlandse overheid plannen voor een betere bescherming van minderjarige Nederlandse slachtoffers van seksuele uitbuiting, maar niet specifiek voor slachtoffers uit het buitenland. Hierdoor krijgen veel van deze kinderen niet de bescherming waar ze recht op hebben. Dat moet anders bepleitten vijftig organisaties. Het Centrum tegen Kinderhandel en Mensenhandel, Defence for Children/ECPAT en UNICEF Nederland, overhandigden een oproep aan minister van Veiligheid en Justitie Ard van der Steur waarin wordt gepleit voor een nationaal actieplan ter bescherming van deze groep kinderen en intensievere inzet op de opsporing en vervolging van hun uitbuiters. Het nationaal actieplan dat de organisaties voor ogen hebben moet in ieder geval aan tien punten voldoen, waaronder een verblijfsregeling specifiek gericht op deze groep kwetsbare kinderen, een opvang waar cultuur- en kindvriendelijk wordt gewerkt en een opsporing die specifiek werk maakt van de verklaringen en aangiften van deze kinderen.

Zie ook: Buitenlandse minderjarige slachtoffers mensenhandel onveilig in Nederland

Zie ook: Out of Sight, Exploited and Alone