Taal document

Datum

12 jul 2017

Documentsoort

Jurisprudentie

Thema

Trefwoord

Mensenhandel
Ontucht
minderjarig slachtoffer
Prostituant (klant)

Organisatie

Rechtbank Amsterdam

Veroordeling ontucht, 12 juli 2017, rechtbank Amsterdam

Datum

12 jul 2017

De rechtbank Amsterdam heeft een verdachte veroordeeld voor ontucht met een minderjarige prostituee tot één dag gevangenisstraf en 40 uur taakstraf.

Vanwege een grootschalig onderzoek naar mensenhandel werd de telefoon van de minderjarige afgetapt waarbij verdachte in beeld kwam als klant. De rechtbank oordeelt dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het hebben van seks tegen betaling met een minderjarige in de leeftijd tussen 16 en 18 jaar, zoals strafbaar is gesteld in artikel 248b van het Wetboek van Strafrecht. Met artikel 248b Sr is beoogd minderjarigen een doeltreffende strafrechtelijke bescherming tegen jeugdprostitutie te bieden. Verdachte vertrouwde er kennelijk op dat de op de website vermelde leeftijd van 19 jaar juist was. Verdachte had beter moeten weten nu het een feit van algemene bekendheid is dat voorzichtigheid is geboden bij jonge meisjes die zich op websites als prostituee aanbieden. Zij zullen zich immers nooit presenteren als minderjarige nu dat verboden is en dus altijd een hogere leeftijd opgeven. Door na te laten enig onderzoek te doen naar de leeftijd van het slachtoffer, heeft verdachte het ongeoorloofde risico genomen dat het slachtoffer minderjarig was. Door zonder meer te vertrouwen op de door haar gemelde leeftijd en toch seks met het slachtoffer te hebben heeft hij bijgedragen aan het in stand houden van jeugdprostitutie, ook al staat niet ter discussie dat verdachte dit geen enkel moment nastreefde.

Met betrekking tot de rol van het slachtoffer overweegt de rechtbank dat eventuele vrijwilligheid ten aanzien van de prostitutie voor de strafbaarheid weinig tot geen rol speelt. De reden daarvoor is dat een minderjarige onvoldoende in staat is om de gevolgen van een beslissing om zich te prostitueren te overzien. De minderjarige heeft ten aanzien van handelingen als onderhavige geen eigen relevante wil en dient desnoods tegen zichzelf te worden beschermd.

Voor het bepalen van de strafvorm en strafmaat zijn de omstandigheden van belang waaronder het feit is begaan alsmede de persoon van verdachte. Verdachte is nooit eerder veroordeeld, heeft zijn naaste familie ingelicht, schaamt zich, heeft oprechte spijt betuigd en direct open kaart gespeeld tegenover zijn werkgever die hem een voorwaardelijk strafontslag heeft opgelegd met de daarbij behorende proeftijd. Deze proeftijd is inmiddels zonder incident verstreken.