Taal document

Datum

05 apr 2018

Documentsoort

Jurisprudentie

Thema

Land

Trefwoord

Mensenhandel
Veroordeling mensenhandel
Gevangenisstraf

Organisatie

Rechtbank Den Haag

Rechtbank Den Haag, ECLI:NL:RBDHA:2018:3316, 22 maart 2018

Datum

05 apr 2018

Op 22 maart 2018 heeft de rechtbank Den Haag een 27 jarige verdachte veroordeeld wegens mensenhandel, ontucht en vervaardigen, bezit en verspreiden van kinderpornografische afbeeldingen, alles met betrekking tot een 14-jarig meisje en gedurende de proeftijd van een eerdere veroordeling wegens zedendelicten.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan mensenhandel ten aanzien van een minderjarig meisje. De rechtbank neemt in het bijzonder mee dat de verdachte het slachtoffer, waarvan hij wist dat ze slechts 14 jaar oud was en zich aldus in een kwetsbare positie bevond, op manipulatieve wijze heeft overgehaald om in de prostitutie te gaan werken. Verdachte heeft dit onder andere gefaciliteerd door het plaatsen van advertenties op sekssites, het verstrekken van een werktelefoon en het ter beschikking stellen van een kamer, waar de prostitutiewerkzaamheden konden plaatsvinden. Volgens de rechtbank heeft de verdachte door zijn handelen geen enkel respect getoond voor het slachtoffer; hij had enkel oog voor zijn eigen belangen, die bestonden uit financieel gewin met daarnaast zijn eigen (seksuele) bevrediging. Het wordt de verdachte dan ook bijzonder zwaar aangerekend dat hij voor financieel en seksueel gewin een kwetsbaar minderjarig slachtoffer heeft uitgekozen. Ook heeft de verdachte zich schuldig gemaakt aan het verspreiden, vervaardigen en het in bezit hebben van twee kinderpornografische afbeeldingen, waar het slachtoffer op te zien was.

Daarnaast heeft de rechtbank bij de bepaling van de op te leggen straf rekening gehouden met het strafblad van de verdachte. De verdachte is eerder veroordeeld voor meerdere pedoseksuele delicten, waaruit volgt dat de verdachte dus liep in een proeftijd van een straf voor een vergelijkbaar delict ten tijde van het plegen van de onderhavige delicten.

De rechtbank veroordeeld de verdachte tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 2 jaar, met oplegging van een TBS-maatregel met dwangverpleging.