Taal document

Datum

23 jun 2016

Documentsoort

Jurisprudentie

Trefwoord

Bestuursrecht
Bestuurlijke handhaving
Exploitatievergunning
Massagesalon

Organisatie

Raad van State

Raad van State, 15 juni 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1639

Datum

23 jun 2016

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigt de aangevallen uitspraak en overweegt daarbij het volgende:

Bij besluit van 4 juli 2014 heeft de burgemeester van Den Haag de sluiting bevolen van de door [appellante] geëxploiteerde massagesalon voor de duur van zes maanden.

De burgemeester heeft aan het in bezwaar gehandhaafde besluit van 4 juli 2014 ten grondslag gelegd dat er in de gemeente Den Haag sinds enige jaren een enorme toename is van het aantal Chinese massagesalons en er signalen zijn dat in deze branche illegale prostitutie plaatsvindt. Dit leidt onder meer tot mensenhandel en uitbuiting van en gedwongen prostitutie door masseuses. In de gemeente Den Haag wordt met het oog hierop een streng gereguleerd prostitutiebeleid gevoerd, aldus de burgemeester. Hij heeft de massagesalon voor de duur van zes maanden gesloten, omdat aannemelijk is dat in de salon seksuele diensten tegen betaling worden verleend en derhalve feitelijk illegaal een seksinrichting wordt geëxploiteerd.

De Raad van State overweegt dat de rechtbank terecht heeft geoordeeld dat de burgemeester op grond van de in het in bezwaar gehandhaafde besluit van 4 juli 2014 vermelde feiten en omstandigheden terecht aannemelijk heeft geacht dat [appellante] zonder de daartoe benodigde vergunning een seksinrichting in de zin van artikel 3:4, eerste lid, van de APV exploiteerde.

Het hoger beroep is ongegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd.