Taal document

Datum

23 dec 2014

Documentsoort

Strafrecht

Land

Trefwoord

Mensenhandel
Schadevergoeding
Straatkrantenverkoop
Overige uitbuiting

Organisatie

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, ECLI:NL:GHARL:2014:10095, 23 december 2014

Datum

23 dec 2014

Verdachte is veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van vijf jaar en zes maanden voor mensenhandel gepleegd door twee of meer verenigde personen. Verdachte en medeverdachten hebben benadeelden uit Roemenië over laten komen dan wel meegenomen om in Nederland straatkranten te verkopen welke zij ook daadwerkelijk hebben verkocht.

Het Hof is van oordeel dat er ten aanzien van benadeelde 3 en benadeelde 4 sprake is geweest van het oogmerk van uitbuiting. Verdachte en zijn ouders hebben misbruik gemaakt van het vertrouwen van mensen die het in Roemenië al niet zo goed hebben. Eenmaal in Nederland werden benadeelden beknot in hun vrijheid (zij werden gedwongen veel en lange werkdagen te maken en moesten de woning met vele anderen delen, terwijl benadeelde 3 daarvoor ook relatief veel voor in rekening werd gebracht), waren zij afhankelijk van verdachte en zijn ouders en werden zij gedwongen hun verdiensten af te staan. De afhankelijkheid werd snel opgebouwd en in stand gehouden, waarbij verdachte vaak gebruik maakte van langdurig geweld om zijn doel te bereiken. 

Ten aanzien van benadeelde 3 is het Hof van oordeel dat, ‘bewezen is dat sprake is geweest van dwang, geweld, dreiging met geweld, misleiding, misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en misbruik van een kwetsbare positie. Benadeelde 3 is door een valse voorstelling van zaken overgehaald om naar Nederland te komen en had, eenmaal in Nederland, niet de vrijheid om zich te onttrekken aan het verkopen van straatkranten en het afstaan van de verdiensten aan verdachten.

Ten aanzien van benadeelde 4 acht het Hof bewezen dat ‘aangeefster minderjarig was ten tijde van de tenlastegelegde feiten en dat ten opzichte van haar sprake is geweest van dwang, geweld, dreiging met geweld, misleiding, misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en misbruik van een kwetsbare positie door verdachte en zijn medeverdachten’. Evenals benadeelde 3 had zij niet de vrijheid om zich te onttrekken aan het verkopen van straatkranten en het afstaan van de verdiensten aan verdachten. Als minderjarige opgenomen in de familie en de woning van verdachte had er juist voor haar gezorgd moeten worden en diende zij een school te bezoeken. In plaats daarvan is zij door hen uitgebuit. Verdachte heeft  Aan benadeelde 4 werd op meedogenloze en gewelddadige wijze de wil van verdachte en zijn familie opgelegd. Daarnaast had verdachte ook seks met benadeelde 4.

Het Hof wijst ten aanzien van benadeelde 4 een schadevergoeding toe van 10.280,00 euro, bestaande uit 5.280,00 euro materiële schade en 5.000,00 euro immateriële schade. Verdachte en mededaders zijn hoofdelijk aansprakelijk voor het totale bedrag.