Taal document

Datum

20 sep 2016

Documentsoort

Jurisprudentie

Thema

Trefwoord

Mensenhandel
Uitbuiting
Prostitutie

Organisatie

Gerechtshof Amsterdam

Gerechtshof Amsterdam,19 september 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:3764

Datum

20 sep 2016

Het gerechtshof veroordeelt de verdachte voor mensenhandel en overweegt het volgende:

Het hof acht bewezen dat de verdachte tezamen met een ander de betreffende minderjarigen heeft vervoerd, overgebracht, gehuisvest en opgenomen met het oogmerk hen te faciliteren in hun prostitutiewerk en met het oogmerk daarvan te profiteren. Het oogmerk van de verdachte is dan ook op uitbuiting in de zin van artikel 273f, eerste lid aanhef en onder 2, Sr gericht geweest.

Op grond van het voorgaande is het hof van oordeel dat de voor medeplegen vereiste voldoende nauwe en bewuste samenwerking tussen de verdachte en de medeverdachte [medeverdachte] is komen vast te staan. De bijdrage van de verdachte aan het tenlastegelegde is naar het oordeel van het hof van zodanig gewicht dat deze kan worden aangemerkt als medeplegen. Daarmee acht het hof het tenlastegelegde medeplegen van mensenhandel ten aanzien van de minderjarige meisjes [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] bewezen.

Het onder 1 bewezen verklaarde levert op:

mensenhandel, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen, onder de omstandigheid dat de persoon ten aanzien van wie het feit wordt gepleegd de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt, meermalen gepleegd.

Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 18 (achttien) maanden.